Category: Historical Novels

Aspasia

Wanneer deze roman, naar eene vele malen aangehaalde les van onzen tijd, een volk—het oud-helleensche—„bij zijn arbeid opzoekt” en de cosmopolitische arbeid van het Helleensche volk zich uitstrekt tot den werkkring van kunstenaars, dichters en denkers, zal het dan niet schijne...

Chapters

31. Part 31

„Ik meende, dat gij u over deze verscheidenheid niet zoudt verbazen, integendeel dat gij ze ten volle natuurlijk zoudt vinden. Waarom zou men een drietal van Chariten aannemen,...

23. Part 23

„Waarachtig,” sprak Sophocles, „gij verrast de Atheners; men geloofde, dat Pericles in dit oogenblik eerder tot alles zou overgaan, dan hiertoe. Want hij scheen thans ten volle...

5. Part 5

Ja, Elpinice was oud geworden, en wel zonder het te weten. Slechts een korten tijd van haar leven en tegen haar zin gehuwd, had zij haar geheele verdere leven aan de onvruchtbar...

7. Part 7

De omstanders lachten. Phidippides begon nu weer: „Ziet toch eens de rijkste mannen van Athene. Zij weten wel, waarmede zij den grootsten roem kunnen behalen: niet door prachtig...

22. Part 22

„Streng en hard,” begon hij, „klinken de woorden van den wijze uit Clazomenae te dezer plaatse, waar zooeven nog onder den klank van vroolijke skoliën [247] het feestelijk genot...

10. Part 10

Zoo sprak de man met het heldere voorhoofd en de klare, bezielde, vriendelijke oogen; hij drukte zijn vriend de hand, boog voor de verkleede Milesische en verwijderde zich langz...

55. Part 55

„Diopithes triomfeert toch!” vervolgde hij. „Schijnbaar heeft hij nu ook het onderspit gedolven, maar in waarheid zijn wij te Athene de overwonnenen. De hoogste zijner bedoeling...

2. Part 2

Van dit oogenblik af aan greep eene zeldzame verandering plaats in het wezen van den beeldhouwer. Hij scheen nu geheel met zijn metgezel van rol verwisseld te hebben. Evenals to...

27. Part 27

Aspasia bevond zich verkleed in mannengewaad op het schip, dat den Atheenschen strateeg naar zijne vloot vóór Samos terugvoerde. Toen de triëre uit de haven roeide, in de open z...

12. Part 12

„Hebt gij nu uwe scherpste, uwe in gift gedoopte pijlen afgeschoten? Ik heb dien dichten hagel van schimpschoten rustig over mij heen laten gaan, want ik had mij nu eenmaal in h...

15. Part 15

„Wel zeker,” antwoordde Anaxagoras lachend. „En ook gij zoudt hetzelfde hebben kunnen doen, zonder magische of mantieke kunst, wanneer u, evenals mij, een Arcadisch herder inlic...

54. Part 54

Zoo werden ook in dit opzicht de zedelijke banden al zwakker en zwakker, en de overlevenden verheugden zich over de voordeelen, die uit den jammer der algemeene sterfte voor hen...

38. Part 38

„Wel zeker!” riep Cora en zag de vraagster weder met die kinderlijk verbaasde uitdrukking harer oogen in het gelaat. „Ik houd veel van deze schildpad, met hare schrandere oogen,...

18. Part 18

Zij danste, wat haar opgedragen was: eerst de strijd van Aphrodite om den appel, den eereprijs in de handen van Paris, dan die van Hera en vervolgens die van Pallas. Het was dez...

24. Part 24

„Daar hij zelf zich onder de bekranste jongelingen en knapen bevond, die bij het zegefeest, waarvan het moedertje spreekt, om de tropaeën dansten en Aeschylus onder de strijders...

9. Part 9

„Het is zeer loffelijk van Ictinus en Phidias,” vervolgde Callicrates glimlachend, „dat zij alles zoo haarfijn bedenken en met lijnen en teekens op het papier brengen. Maar begr...

47. Part 47

Meno was eens, zooals reeds verhaald is, met de overige slaven van zijn heer, die aangeklaagd was, gefolterd geworden. Niet anders dan met de pijnbank werden Helleensche voor he...

14. Part 14

„Neen,” zeide Sophocles, „hoe bekoorlijk ik mij ook de geschiedenis van Aspasia’s jeugd voorstel, moet ik toch vreezen, dat wanneer gij het genoegen ze te hooren met een ander m...

3. Part 3

„Ik geloof,” hernam Pericles, „dat wij allen niet ongezind zouden zijn dezen raad te volgen, wanneer wij slechts wisten hoe wij gedaan konden krijgen, om de Milesische tot besle...

52. Part 52

„Uwe droefgeestigheid schijnt dus zonder reden te zijn,” vervolgde Pericles, „eene zwaarmoedigheid, die zich als eene soort van ziekte van uw gemoed meester maakt. Bestrijd haar...

34. Part 34

„Het komt mij een zonderling, maar onomstootelijk feit voor, dat ieder man, als hij van de vrouw in het algemeen spreekt, toch altijd slechts zijne eigene op het oog heeft. Men...

1. Part 1

Wanneer deze roman, naar eene vele malen aangehaalde les van onzen tijd, een volk—het oud-helleensche—„bij zijn arbeid opzoekt” en de cosmopolitische arbeid van het Helleensche...

28. Part 28

„Zulke dingen moeten niet met de vingers aangeraakt, maar liever met den adem van uw mond zacht weggeblazen worden.” Na deze woorden gesproken te hebben, reikte hij den jongelin...

53. Part 53

Thans begon men een tijdlang over Cora te spreken; men bewonderde haar moed of liever de merkwaardige kracht eener aandoening, eener gemoedstemming, van eene hartstocht, onder w...

6. Part 6

Toen de staatsman Pericles en zijn vriend, de wijze Anaxagoras, het huis van Pericles hadden verlaten, daalden zij de straat, die van den grooten schouwburg van Dionysus naar de...

45. Part 45

„Vroolijk vaart het geliefde paar langs het strand; het hart des jongelings vol zalig genot en het meisje stralend in den bloei harer jeugd en schoonheid, eener bruid gelijk. Zi...

13. Part 13

Pericles en Aspasia volgden den dichter. Hij voerde hen naar beneden, tot waar, zooals reeds vermeld is, de Cephissus een bocht maakt en den hof ook van den anderen kant omstroo...

21. Part 21

„Wanneer ik,” sprak Hipponicus, terwijl zijne gasten zich aan de heerlijke spijzen te goed deden, „mij heden het genoegen zie bereid, zulk eene schare van uitgelezen mannen aan...

42. Part 42

Hier glansde Persephone’s paleis in helder licht. Aan den drempel van het paleis stond, met de lyra in de hand, Orpheus, de overoude, heilige mysteriën-zanger, en zijn welluiden...

19. Part 19

„Voor den dag er maar mede!” riepen de tooneelspelers. „Ieder onzer is bereid zoovele personen, als men slechts verkiest, op zich te nemen, als zij maar niet te gelijk op het to...

49. Part 49

„Den tanenden bloei van Hellas!” riep Socrates. „Hoe is dat mogelijk? Gij vergist u zeker! Hoe lang toch is het geleden, dat gij zeidet, dat Hellas zijn heerlijksten bloei nader...

43. Part 43

Deze jongeling begon overigens in dien tijd, door eene zonderlinge soort van ziekte aangetast, het voorwerp van eene huiveringwekkende opmerkzaamheid te worden. In hem ontwikkel...

39. Part 39

Zij wandelden samen door het onafzienbare gewoel op de groote, vrije ruimte, die zich uitstrekte tusschen den schaduwrijken oever van den Alpheüs en het heilige woud Altis, waar...

16. Part 16

Het was een schoon gezicht, vol bekoorlijkheid, deze flinke, knappe, teedere en toch reeds door de oefeningen der palaestra krachtige, bloeiende gestalten, na zich ontdaan te he...

50. Part 50

„Onlangs had ik eens met den jongen Callias afgesproken een klein nachtelijk avontuur te bestaan. Ons speelde het Homerisch gezang [398] van den nachtelijken tocht van Diomedes...

17. Part 17

„Ja zeker,” hernam Socrates. „Wel is waar hebben Phidias en Alcamenes mij niets van het beeldwerk voor het nieuwe Parthenon opgedragen, om het zelfstandig uit te voeren, en toen...

35. Part 35

„Zij willen dat gij onontwikkeld en dom zult zijn; want dan alleen kunnen zij u overheerschen. Van het oogenblik af, waarop gij verstandig en wijs, waarop gij u van de macht bew...

57. Part 57

[119] Rhythmus is eigenlijk iedere beweging, afgeleid van een werkwoord, dat „stroomen”, „in beweging zijn” beteekent; v.d. de maat, versmaat. Men herinnert zich dat de verzen d...

37. Part 37

Op dit oogenblik vestigde het oog van Pericles zich op een gouden wolkje, dat aan den rand van den horizon in het verre noorden zichtbaar werd. Hij wees ook Aspasia daarop. Het...

20. Part 20

Vertwijfelend ijlt de bruidegom weg, met een onheilspellend gelaat—en nu weêrklinkt in het koor der edele Thebaansche grijsaards dat lied, ’t welk gedicht werd op dien zonnigen...

32. Part 32

Telesippe had hem kinderen gebaard, kinderen, die zijne trekken, zijne gelijkenis op ’t gelaat droegen. Hoe zou niet voor altijd eerwaardig en heilig voor den man zijn de vrouw,...

56. Part 56

[15] Hiermede wordt doorgaans het Attische talent bedoeld, dat 60 minen bevatte, plus minus ƒ 2640, later (in de 4e en 3e eeuw) slechts ƒ 2497. Het Euboeiscbe talent was ongevee...

4. Part 4

„Beide aan u!” hervatte de Milesische. „Van deze beiden is geen overwinnaar of overwonnene. En op dit oogenblik betaamt het, alle kransen in de hand van den man te leggen, aan w...

40. Part 40

„Het gevoel van Aspasia tegenover deze athleten,” sprak Alcamenes, „schijnt mij niet meer en niet minder te zijn, dan het gevoel van eene vrouw, die gezond is van lichaam en zie...

51. Part 51

„Theodota,” riep hij, „gij zijt leelijk geworden! Al dat huilen en pruilen misvormt uw gezicht. Ontvangt men zoo een oud vriend, zooals ik? Waarover beklaagt gij u? Over mijn mo...

44. Part 44

Als middel om den geest wakker te schudden diende haar echter niet alleen elke soort van kunst; ook de rijke hulpbronnen van wijsheid, kennis en wetenschap werden als vruchtbaar...

48. Part 48

Tegelijkertijd kwam te Athene het bericht van een zeeslag bij Sybota, waarin Atheensche schepen den Corcyraeërs [396] tegen de Corinthiërs met schitterenden uitslag ter hulp war...

8. Part 8

Fier als een koning, droomende van tooneelgelden, openbare spelen, prachtige tempels, schatkamers, gouden en ivoren beelden en zich over dit alles verheugende, als stond het ree...

25. Part 25

„Theodota zweert nog steeds, naar ik hoor, dat de zwaardvisch Pericles eens zeker in haar net zal spartelen. Geheime draden schijnen steeds tusschen deze vrouw en onze vijanden...

30. Part 30

De Athener zag op den oostelijken gevel het oogenblik voorgesteld na de geboorte der Godin uit het hoofd van Zeus: in het midden den God, de Godin en den Titan Prometheus, die h...

41. Part 41

Zeker is ’t echter, dat Aspasia de gave had om de scherts van Anacreon’s liederen betooverend in den ernst te mengen, waarmede de hymnen van Pindarus Pericles hadden bezield, en...

58. Part 58

[213] Philoctetes, zoon van Poeas en Demonassa trok op tegen Ilium. Wegens eene verpestende wonde aan de voet, ten gevolge van een slangenbeet, werd hij door de Grieken op het e...

33. Part 33

„Met andere oogen,” sprak Protagoras, „met andere gezindheid, met andere gedachten beschouwt een beeldhouwer de naakte schoone gestalte, als de verwijfde gunsteling eens Oosters...

29. Part 29

Hij richt zich op en maakt zich gereed, om het kind spoedig uit de grot weg te voeren. Rustig neemt Hipparete, ook nu nog aan haar plicht denkend, de heilige kruik van den grond...

26. Part 26

„Waarvan de strekking volgens de gewone opvatting is,” viel hem Aspasia in de rede, „dat de vrouwen meineedig, weifelmoedig en trouweloos zijn. Maar het is eene slechte fabel, d...

46. Part 46

Met eene zekere nieuwsgierigheid vestigde de oligarch zijne blikken op hem. Diopithes toch had hem zijn naam niet genoemd. Maar toen nu de nieuwaangekomene tegenover de beide an...

36. Part 36

Na eene vermoeiende dagreis bevonden zich de reizigers aan het begin van de Inachus-vlakte en zagen tusschen twee grauwe, spitse bergen den in de sagen beroemden heerscherszetel...

11. Part 11

De trekken van Elpinice vertoonden ditmaal een buitengewonen ernst. Zij was opgewonden, hare bewegingen haastig en gejaagd, hare oogen rolden heen en weder en hare lippen trilde...

59. Part 59

[321] De sesamus is een Oostersch peulgewas, uit welks vrucht olie geperst wordt; het zaad wordt als rijst gebruikt. Het gerecht daarvan op de boven beschreven wijze bereid, hee...