Category: Historical Novels

De Pleegzoon

Toen hij in Augustus 1865 ter vergaderzaal van het achtste Taal- en Letterkundig Congres te Rotterdam verscheen, geheel in een grijs zomercostuum, het fraaie zilveren hair om de slapen golvend, kwam ieder hem blij groetend te gemoet. Aan de tafel van het bestuur plaats nemend,...

Chapters

31. Chapter 31

Huiverend wendde Ulrica bij deze toespraak een zijdelingschen blik op Eugenio; deze groette haar beleefd: "het spijt mij, schoone Freule!"' zeide hij: "dat de Jonker van Craeiho...

15. Chapter 15

"Als Uwe Genade er even weinig van gedeerd is, als ik, zal het niet erg zijn," antwoordde Joan lachende: "doch waar is mijn matten fleschje gebleven?" vroeg hij, zich plotseling...

18. Chapter 18

Lang nog zaten zij over elkanderen, schoon zij weinig of niets meer spraken. Joan scheen het beeld der droefheid: hij bleef in gepeinzen verdiept, en dacht meer na, wat hij vrag...

17. Chapter 17

Deze, als wij verhaalden, besloten hebbende met den geestelijke te rade te gaan over de beste wijze hoe met Joan te handelen, had zich, na het vertrek zijner doorluchte gast, na...

13. Chapter 13

Weenende kwam zij naar hem toe, zette zich naast hem op den grond, sloeg het poezelige armpje om zijn hals en kuste hem op het voorhoofd. Beschaamd en wrevelig stootte haar Joan...

24. Chapter 24

"Hartelijk dank!" zeide de vreemdeling, met het hoofd op de hand leunende: "gij zijt al te vriendelijk! maar ik zou nu op 't oogenblik niet in staat zijn, een brok eten door de...

9. Chapter 9

"Komt _meine Herren_!" riep graaf Ernst hun toe: "wollen sie nicht met kaan nach die maliebaan om onze etlust anzuwacheren?"--Dit voorstel vond goedkeuring: de krijgsoversten be...

39. Chapter 39

De Predikant beloofde, dat hij den volgenden dag reeds zich bij den Baron zou aanmelden, om de vereischte ophelderingen te geven omtrent een punt, dat hem zoo diep getroffen had...

16. Chapter 16

Het koolveld, waarop zich de jongeling bevond, was van den weg door een smalle strook kreupelhout afgescheiden, hetwelk, schoon reeds aan 't verdorren, echter dicht genoeg was o...

30. Chapter 30

"Lees de geschiedenissen van zijn tijd," zeide Eugenio met koelheid: "daar staat het gedrukt, hoe het lijk van Velasco door een bloeddorstigen en wraakgierigen overwinnaar misha...

23. Chapter 23

De blijdschap van onzen reiziger verminderde spoedig, toen hij bemerkte, dat hij er nog weinig bij gewonnen had, met zich buitenshuis te bevinden, daar de deur, welke hij uitget...

33. Chapter 33

"Verplicht!" zeide Joan: "ik begeer noch uw geld te ontvangen, noch uw jokkernij aan te hooren: en verzoek u zelfs aardigheden te sparen, die ik niet dulden mag. Ik verlang alle...

19. Chapter 19

"Vergeef mij, vader! onder mijn valschen naam kan noch wil ik langer hier blijven: ik heb reeds lang genoeg rechten uitgeoefend, die mij niet toekomen, en mijn gevoel zou er teg...

27. Chapter 27

De overige gasten hadden, evenals de Baron, weinig genoegen genomen met de wijze, waarop de twist gesust was; daar zij, niet zonder grond, oordeelden, dat een van de twee partij...

37. Chapter 37

Het was op den volgenden morgen, dat, omstreeks acht uren, de plechtige overdracht van den Hofbeer, door die van Utrecht aan den Hove van Holland geschieden zou. Deze zoogenaamd...

29. Chapter 29

Joan oogde beide Heeren zuchtend na. Nog wist hij niet recht, hoe hij over den Ambtman moest denken, noch aan welke beweegredenen hij diens vreemde handelwijze moest toeschrijve...

25. Chapter 25

"Verschoon mij, Freule!" zeide Magdalena: "ik beken, dat zijn ambtsgericht zich niet over de neigingen evenals over de bezittingen van anderen uitstrekt; maar ik dacht, dat hij...

14. Chapter 14

Joan, die in het kasteel zijns vaders voor niemand vreesde, daar hij zeer wel wist, dat geen mensch er ongestraft eenig geweld zou mogen uitoefenen, zag den wachtmeester spotach...

12. Chapter 12

De Predikant Raesfelt (want wij moeten den man nader leeren kennen) was, gelijk de meeste godgeleerden van dien tijd, een man vol groote bekwaamheden, en met enkele lichte gebre...

32. Chapter 32

"Ik zag hem eergisteren voor 't eerst en toen onder een anderen schijn dan heden? maar wie hij is?...." Hier schudde hij het hoofd, zag voor zich en haalde de schouders op.

10. Chapter 10

"Ik ken die stem, dunkt mij," dacht Bouke: en nogmaals toeziende, overtuigde hij zich, dat de spreker niemand anders was dan de Jezuïet, dien hij met zijn meester op den weg naa...

7. Chapter 7

"Droog uw oogen, mijn vriend!" zeide Falckestein, "niets is wisselvalliger dan de krijgskans: de vreemde vlag zal niet altoos van gindschen torentop blijven waaien.--Doch laat o...

20. Chapter 20

Intusschen zag hij duidelijk in, dat de levenswijze, welke Ulrica thans leidde, weinig geschikt was om een aankomend meisje die genoegens te verschaffen, welke haar leeftijd voe...

28. Chapter 28

"Ik ben misschien te ver gegaan," zeide hij. "Geloof mij, ik gevoel uw toestand, ik schat de opoffering, die gij wellicht zult doen, op haar waarde; doch ik bezweer u, bij uw ge...

38. Chapter 38

"Mijnheer de Vlaere," zeide de andere Raadsheer, die een bedaard, ernstig man scheen te zijn, tot zijn ambtgenoot: "wij hebben nog veel te verrichten, en uit dezen gevangene is...

11. Chapter 11

"Zeker," hernam Mevrouw, "voor een soldaat houdt hij veel van een ernstig gesprek: als men hem vergelijkt bij zoovele oorlogsteden, die niets van de Schrift weten, en nooit om h...

26. Chapter 26

"Zeer juist! zeer juist!" zeide de Baron, den Gelderschman op den schouder kloppende: "alleen met dit onderscheid, dat het in het hartje van mijn Ulrica geen stormachtige nacht...

40. Chapter 40

"Ik herhaal u, ik weet van Graaf, van Grobbendonck, noch van brieven. Ik heb een pakket vanwege de Remonstrantsche Heeren medegebracht, zonder te weten wat er inzat: ziedaar mij...

6. Chapter 6

Onder het uiten dezer woorden stapte hij in een der schuiten, gaf last aan een viertal schutters hem te vergezellen, liet het andere vaartuig met vijf van de kloekste Spanjaards...

36. Chapter 36

"Het was daarom, dat ik besloot, mijn uiterste pogingen daarheen te leiden, om, tegen den tijd, waarin het bestuur mij werd opgedragen, het Gemeenebest, zooveel in mij was, van...

43. Chapter 43

"Mijnheer!" zeide nu de Gravin, zich tot den Vicaris wendende: "ik moet u verzoeken, dergelijke tooneelen in mijn huis te vermijden. De Heer Ambtman heeft uw vraag beantwoord, e...

21. Chapter 21

"Meinertz is uitgegaan," zeide de biechtvader: "ik heb hem eenige boodschappen gegeven; doch hij zal zoo straks terugkomen. Bekommer u inmiddels niet over mij. _Panis meus est u...

41. Chapter 41

"En mijn schande voor de rechtbanken bekend te maken?--Neen, Van Kinschot! deze zaak is tusschen mijn broeder en mij alleen; daarom wilde ik, slechts van u vergezeld, mij gaan o...

42. Chapter 42

"Ik ben hier te voet gekomen met mijn geheimschrijver," zeide de Graaf: "en dien heb ik weggezonden naar het oude Hof, met het bericht dat ik hier den nacht zou doorbrengen, en...

34. Chapter 34

"Jongeling!" zeide de grijsaard met een ernstig en weemoedig gelaat: "ik ben een ijverig en getrouw, schoon onwaardig dienaar der Moederkerk, en zou mijn leven gewillig prijsgev...

4. Chapter 4

De avond was liefelijk en stil, gelijk de lenteavond, dichterlijk gesproken, behoort te zijn, en het inderdaad zoo zelden is. De nachtegaal zong zijn afscheidstonen uit het loov...

22. Chapter 22

"Ik!" antwoordde Eugenio bedaard: "gij weet, ik ben een Bosschenaar, en daar hoort men zelden anders als uit de _Vulgata_ praten:--daar is nimmer gelegenheid om een geestelijk w...

5. Chapter 5

De uitkomst echter liet zich gunstig aanzien. Uit een zware ziekte kortelings hersteld en nog bij de minste aandoening bedremmeld en sprakeloos, was de Vorst niet in staat zijn...

8. Chapter 8

Beiden verlieten het vertrek: met weerzin volgde de Graaf zijn hatelijken leidsman, en dacht onderweg na, wat deze hem toch zou te vermelden hebben. In den tuin gekomen, vonden...

44. Chapter 44

Wat zien we? Duinrijcks merek, een knijn in duin, een knijn, Dit komt op waerheit uit: hier liegt geen valsche schijn, 't Verhael hangt hecht aen een: hier mangelt niet een scha...

1. Chapter 1

Toen hij in Augustus 1865 ter vergaderzaal van het achtste Taal- en Letterkundig Congres te Rotterdam verscheen, geheel in een grijs zomercostuum, het fraaie zilveren hair om de...

35. Chapter 35

"Ik moet bekennen, Mijnheer! dat ik, na al wat ik gehoord heb, na al hetgeen de Heer Baron, uw pleegvader, mij voor vele jaren geschreven heeft, na de berichten, welke ik onlang...

3. Chapter 3

Het was dan op den morgen van den vier-en-twintigsten Mei, dat deze beide vrienden, op kloeke Friesche paarden gezeten en door hun lijfknechten vergezeld, het vorstelijk 's-Grav...

2. Chapter 2

"Indertijd, toen ik Curator van 't Gymnasium was, had _Hofdijk_ ook zoo'n boekje geschreven.... doch ik zei, dat hij aangesteld was, om aan de jongelui de Hollandsche taal te le...