Category: Children & Young Adult Reading

Alleen op de Wereld

Zelden, misschien nooit, las ik een boek, dat zoo rein en eenvoudig en toch zoo boeiend en vol afwisseling is, als dit meesterstuk van Hector Malot, door den schrijver aan zijne dochter Lucie opgedragen en zoo terecht met den _Montyon-prijs_ bekroond.

Chapters

20. Chapter 20

Van ons vijven was Alexis de eenige, die iets voor geld gevoelde en wij plaagden hem steeds met zijn gierigheid; hij bespaarde altijd elke cent en hij was niet weinig in zijn sc...

41. Chapter 41

"Morgen wordt gij naar de gevangenis van het graafschap overgebracht: gij reist met den spoortrein in een wagen tweede klasse onder geleide van een politieagent; ga aan den kant...

2. Chapter 2

--Misschien wel. Maar zeker is het, dat zoo Parijs mij veranderd heeft, het mij ook achteruit heeft doen gaan. Hoe zullen wij voortaan onzen kost verdienen? Ons geld is op. De k...

31. Chapter 31

--Neen; hij is mijn makker, mijn vriend; en daar is Capi, ook een makker en een vriend van mij. Maak je kompliment eens voor de moeder van je baas, Capi.

1. Chapter 1

Zelden, misschien nooit, las ik een boek, dat zoo rein en eenvoudig en toch zoo boeiend en vol afwisseling is, als dit meesterstuk van Hector Malot, door den schrijver aan zijne...

36. Chapter 36

--Barberin heeft me zijn naam meegedeeld, toen ik voor eenigen tijd in Frankrijk was om u te zoeken. Maar ge zult wel nieuwsgierig zijn om te weten, waarom wij dertien jaar lang...

15. Chapter 15

Dit was misschien nog het beste, waartoe wij in onzen toestand besluiten konden. En wanneer ik er nu nog aan denk, dan moet ik erkennen, dat mijn meester al zijn best gedaan hee...

33. Chapter 33

Maar de dag, waarop wij terugkwamen, verschilde geheel met dien, waarop wij de stad verlieten; het was nevelachtig en koud; de zon scheen niet; bloemen waren er niet meer en ook...

29. Chapter 29

Als wij een zieke zagen, die zwaarmoedig op een stoel was neergezonken, bleek, met glazige oogen en uitgeteerde wangen, dan wachtten wij ons wel in zijne onmiddellijke nabijheid...

30. Chapter 30

Ik had gedacht dat ik mijne koe maar behoefde te vragen, om ze te krijgen, maar inplaats daarvan, deed men ons van alle kanten allerlei vragen: waar wij vandaan kwamen en hoe di...

10. Chapter 10

Ik zag, dat zijne moeder hem eene les overhoorde, en aandachtig in een boek volgde wat hij zeide. Op zijne plank uitgestrekt, zeide Arthur zijne les op, zonder eene enkele beweg...

40. Chapter 40

Dit was de tweede maal, dat men mij in hechtenis nam, en toch viel de schande mij veel zwaarder dan de eerste maal, want nu gold het niet zulk eene dwaze beschuldiging als toen...

12. Chapter 12

Dat waren woorden die mijn hart goed deden; maar waar zouden wij gastvrije menschen vinden? Voordat de sneeuw ons nog in zijn sneeuwwit kleed had gehuld, had ik een onderzoekend...

37. Chapter 37

--O, ik wil u niet dwingen om mij iets te zeggen, waarover gij u schaamt. Ik ben niet slim; ik ben niet verstandig; maar zoo ik al niet begrijp wat tot mijn hersens moest kunnen...

8. Chapter 8

De vrouw had gelijk, want al nam ik een brood van twee pond, dan zouden we elk nog maar een half pond krijgen, maar helaas, dat was mij te duur. Het brood kostte vijf stuivers h...

3. Chapter 3

Capi stak nu zijn poot in den zak van zijns meesters jas en trok daar een koord uit. Hij wenkte Zerbino en deze plaatste zich snel tegenover hem. Capi wierp hem toen een eind to...

17. Chapter 17

Wij waren nu weder in de stad gekomen, dat is te zeggen wij liepen tusschen muren, boven welke van tijd tot tijd een lantaarn uitstak, die aan een ijzerdraad scheen te hangen.

34. Chapter 34

Hoe kon ik haar zoo maar botweg vertellen, dat haar man dood was? Zij hield van haar Jérôme; zij hadden jarenlang samen geleefd, en het zou haar leed doen als ik niet in hare dr...

5. Chapter 5

Toen het eerste stuk geëindigd was, nam Capi een houten bakje in zijn bek en deed hij op zijn achterste pooten de ronde bij het "geachte publiek." Wanneer er geen centen in het...

16. Chapter 16

--Als gij meent, dat ik het voor de soep medegebracht heb, dan vergis je je, want ik heb niet meer dan vijftien stuivers kunnen ophalen en ik reken op dit hout, om mij de vijf s...

35. Chapter 35

Ik kon het niet langer meer uithouden; ik klauterde naar beneden om Mattia te halen; hij werd wakker en daar zijne zeeziekte voorbij was, was ook zijn knorrig humeur geweken, zo...

39. Chapter 39

Zonder onzen toestand geheel te vertellen, had Mattia toch aan zijn vriend Bob het een en ander medegedeeld en hem gevraagd of er geen mogelijkheid was het adres te ontdekken va...

9. Chapter 9

Daar Capi niet in zijne taak geslaagd was, bleef mij niets anders over dan af te wachten of Zerbino ook terug zou willen komen. Ik kende hem genoeg om te weten, dat na een eerst...

14. Chapter 14

Dit idée, dat ook bij mij opkwam, werd spoedig bevestigd door eene pantomime van Joli-Coeur; die wilde volstrekt opstaan en ik kon hem met geen geweld terughouden; hij verlangde...

18. Chapter 18

De vader giste mijn bezorgdheid en nam mij naar het bureau van politie mede, waar men mij de eene vraag na de andere stelde die ik eerst beantwoordde, toen men mij verzekerd had...

38. Chapter 38

Toen hij dit zeide, zoo vriendelijk als hij nooit sprak, ging hij zoeken in een lade en weldra kwam hij met een groot stuk papier met verschillende lakken, dat hij mij overreikte.

7. Chapter 7

--Zonder twijfel, sprak Vitalis, en dat begrijp ik ook zeer goed; ik beloof u ook mij geheel volgens uw bevelen te gedragen, zoodra gij mij de voorschriften daaromtrent hebt get...

32. Chapter 32

Als wij vrouw Barberin verlieten, was ons plan geweest den zeekant langs te reizen om Martha te bezoeken--wij moesten van deze reis dus afzien en ik zou die goede Martha, die al...

13. Chapter 13

Het was vreeselijk om de twee arme dieren, die twee makkers, die twee vrienden, prijs te geven; voor mij vooral, die aansprakelijk was voor hunne daad; als ik niet geslapen had,...

4. Chapter 4

Schoenen toch was altijd mijn vurigste verlangen geweest. De zoon van den burgemeester en van den herbergier droegen schoenen, zoodat zij des zondags, als zij in de mis kwamen,...

25. Chapter 25

Deze verzocht om de lamp en wierp toen een blik tusschen de voering van het hoofddeksel. Hoewel wij niet in een zeer vroolijken toestand waren, werd dit onderzoek met vreugdegej...

11. Chapter 11

Dan zou Arthur noch zijn moeder mij meer willen kennen; dan zou de genegenheid, die zij voor mij hadden opgevat, geheel verdwijnen; de herinnering aan mij zou hun zelfs onaangen...

19. Chapter 19

De kunst van den tuinman die zijn bloemen naar de markt brengt, bestaat hoofdzakelijk daarin, dat hij het juiste oogenblik weet te kiezen, dat de marktprijzen het hoogst staan,...

27. Chapter 27

De lamp werd uitgedoofd. Wij hadden allen naar hartelust gedronken; geen van ons begon nu meer te ijlen. En vele uren, misschien verscheidene dagen lang, bleven wij roerloos lig...

23. Chapter 23

Ik moest dus mijn begeerte om mijne nieuwsgierigheid te voldoen laten varen en dacht, dat ik de stad verlaten zou zonder iets meer van de mijnen te leeren kennen dan hetgeen Ale...

22. Chapter 22

Varses, waar wij het eerst aankwamen, was honderd jaar geleden een arm dorp, dat als in de bergen verloren lag en slechts bekend was door _de kinderen van God_, die onder de lei...

28. Chapter 28

Het was waar, ik hield van een zwervend leven; ik had dit nooit zoo gevoeld als gedurende mijn gevangenschap in de zijgang: niet voor niets gewent men zich om te gaan waarheen e...

42. Chapter 42

Nadat wij voor ons zelven hadden gezorgd, was het tijd om ook aan Capi te denken. Zoolang hij geel was geverfd, was hij voor mij mijn Capi niet. Wij kochten zachte zeep en in he...

21. Chapter 21

Van honger sterven! Allen, die dezen kreet hooren, zullen er niet denzelfden zin aan hechten en menigeen zal hem zelfs niet begrijpen. Mij sneed hij door de ziel: ik wist wat he...

26. Chapter 26

Wij konden het bijna op die nauwe trap niet langer uithouden; wij besloten dus om de treden te verbreeden en ieder toog aan het werk. Met onze messen begonnen wij den muur uit t...

24. Chapter 24

Haastig greep hij er een met de eene hand, en vatte hij mij met de andere vast, terwijl hij zich aan het hoofd van den troep stelde. Daar wij nu dezelfde richting als de stroom...

6. Chapter 6

--Dat zal ik u later wel eens vertellen. Voor het oogenblik behoeft gij slechts te weten, dat een man met geleerde honden wel eens een gansch andere plaats in de wereld kan bekl...

43. Chapter 43

Toen de eerste beweging van schrik voorbij was, besefte ik, dat Lize niets van ons plotseling wegkruipen zou begrijpen. Ik richtte mij daarom een weinig op en zeide op fluistere...

44. Chapter 44

Mijne vrouw--gij hebt het reeds geraden en ik behoef het u niet te zeggen, nietwaar?--mijne vrouw is het meisje met die groote verwonderde oogen en het sprekend gelaat, dat gij...