Category: History - Ancient

De Wereld vóór de schepping van den mensch

Er was een tijd, dat de menschheid nog niet bestond. De aarde bood toen eenen aanblik aan, die geheel afweek van dien, welken zij thans aanbiedt. In de plaats van het verstandige, nijvere en werkzame leven, dat thans op hare oppervlakte heerscht; in de plaats van die bevolkte...

Chapters

12. Chapter 12

Iedereen b.v. kent Havre. Men weet, dat die stad nog geen vier eeuwen oud is en in 1516 door Frans I is gesticht. De geheele vlakte, waarop die belangrijke stad zoo snel is opge...

13. Chapter 13

De geschiedenis van de verwoesting dier stad verdient een oogenblik onze aandacht. De overlevering verhaalt, dat de stad Is tegen den Oceaan verdedigd werd door stevige dijken,...

37. Chapter 37

"Het gezellige leven van die dieren is voor den waarnemer vol bekoorlijkheid. Weinige soorten van apen leven eenzaam; de meeste vereenigen zich tot troepen. Ieder dier troepen k...

40. Chapter 40

Nog andere niet minder merkwaardige bewijzen zouden bij de vorige gevoegd kunnen worden, om de reeds volle maat der bewijzen tot den rand toe te vullen. Doch het is onmogelijk t...

14. Chapter 14

Niet ver van Groenland vindt men op de oude zeekaarten op 57° N.B. en 30° W.L. "het verdronken Bussland", waarvan men thans geen spoor meer terugvindt. Daar staat thans 748 vade...

35. Chapter 35

De groote uitbreiding der quaternaire gletschers was aan alle streken der aarde gemeen, en nog in onzen tijd worden er groote en talrijke gletschers gevormd, die zich in dezelfd...

3. Chapter 3

De eerste vaste lagen, die in de poolstreken ontstonden, konden reeds eenigen tijd duren. Maar die, welke in de andere streken der aarde gevormd werden, en vooral die in de trop...

2. Chapter 2

De geschiedenis der aarde levert de schoonste en welsprekendste getuigenis voor de wet van den vooruitgang. Zij is als het ware de vooruitgang zelf, belichaamd in het leven, van...

15. Chapter 15

Bekend is de bergstorting, waarbij de oude Romeinsche stad Velleja in de 6de eeuw verzwolgen werd; het groot aantal beenderen, munten en kostbaarheden, die men in de puinhoopen...

26. Chapter 26

In overeenstemming met andere klassen van dieren moeten de oorspronkelijke insecten groote afmetingen gehad hebben en vormen, die meer of minder van de tegenwoordige verschilden...

10. Chapter 10

De zeeleliën leven op groote diepten: de Pentacrinus Caput Medusae op 400 tot 500 Meters onder den waterspiegel, de Rhyzocrinus Lafotensis op 160 tot 1500 Meters, de Bathycrinus...

21. Chapter 21

Bij de plantdieren merkt men op, dat het beperkte aantal soorten van zeeleliën als het ware wordt goedgemaakt door de buitengewone menigte individuen van den encrinus liliiformi...

23. Chapter 23

Deze feiten zijn tegenwoordig voldoende vastgesteld. Het kan oppervlakkig moeilijk schijnen aan te nemen, dat men den betrekkelijken ouderdom der bergen kan lezen in de archieve...

25. Chapter 25

Letten wij b.v. op het landschap van araucaria's en cycadeën, waarin zich de reusachtige _stegosaurus_ beweegt met zijn lichaam, dat bedekt was met beenige en doornachtige plate...

34. Chapter 34

De dinotheriums zijn uitgestorven; de olifanten zullen zich in nieuwe soorten voortplanten (mammouth of elephas primigenius), die den duur van het geslacht tot op onzen tijd zul...

39. Chapter 39

Wij zouden over dit onderwerp nog veel meer in bijzonderheden kunnen uitweiden. Doch het voorgaande is voldoende, om duidelijk te maken, dat die laagste volkstammen, die zinneli...

4. Chapter 4

Hij zegt ongeveer het volgende: "De dieren zijn gevormd naar eeuwige wetten, en iedere vorm verbergt het oorspronkelijke type in zich. De bouw van het dier bepaalt zijne gewoont...

8. Chapter 8

Wij merkten zooeven op, dat het hart van eene schildpad nog blijft kloppen, nadat het uit het lichaam van het dier verwijderd is; hezelfde is met het hart van den mensch het gev...

19. Chapter 19

Evenals wij de devonische periode het tijdperk der visschen genoemd hebben, omdat deze juist in dien tijd hun bestaan gevestigd hebben, en evenals de steenkoolperiode de tijd va...

17. Chapter 17

Zijn die bosschen der steenkoolperiode begraven op de plaats, waar zij oorspronkelijk aanwezig waren? Zou de steenkool oorspronkelijk turf geweest zijn, die gedrukt onder later...

20. Chapter 20

De lias- en Juraformaties toonen ons duidelijk de verandering in den bodem aan. Wij vinden daarin reeds enkele bloeiende planten, en wel vooreerst de coniferen, wier bladeren na...

7. Chapter 7

Een begin van een kop en een begin van symmetrie openbaart zich bij de _wormen_, wier voorouders in het slijk van zeeën en rivieren woonden. Die weekdieren onderscheiden zich va...

1. Chapter 1

Er was een tijd, dat de menschheid nog niet bestond. De aarde bood toen eenen aanblik aan, die geheel afweek van dien, welken zij thans aanbiedt. In de plaats van het verstandig...

33. Chapter 33

Hoe het mogelijk is, dat genoemde natuuronderzoeker in dit geraamte een mensch heeft kunnen zien, blijft een raadsel (zie fig. 291). Cuvier zeide reeds: "Neem een geraamte van e...

5. Chapter 5

De moneren, die nog thans het zoute water bewonen, bestaan alleen uit eene klont protoplasma. Het zijn de eenvoudigste wezens, die wij kennen. Het leven is begonnen in eenen tij...

30. Chapter 30

In de bovenste massa vindt men de dikhuidige dieren, paleotheriums, anoplotheriums, enz., waarmede wij weldra kennis zullen maken, en die beschouwd kunnen worden als de wezens,...

32. Chapter 32

Hoewel wij thans het nieuwere tijdvak van de geschiedenis der aarde zijn binnengetreden, en de tertiaire periode nog zeer jong is met betrekking tot het secundaire tijdperk, zoo...

36. Chapter 36

In het begin der quaternaire periode is de elephas meridionalis verdwenen, om plaats te maken voor zijnen opvolger, den elephas antiquus. Kudden van die dieren wandelden rustig...

18. Chapter 18

Fig. 157 geeft een duidelijk overzicht van het plantenrijk in de verschillende perioden. Men ziet, dat in de azoïsche periode alleen hoogsteenvoudige cryptogamen, protophyten en...

28. Chapter 28

De rudistae zijn vreemdsoortige weekdieren, die het geduld en het verstand der natuuronderzoekers niet minder op de proef gesteld hebben dan de belemnieten. Hunne massieve en on...

6. Chapter 6

De microben, waarvan men vooral in de laatste jaren zooveel spreekt, schijnen ook niets anders dan moneren te zijn. Men heeft gewoonlijk geen denkbeeld, hoe groot het aantal wez...

16. Chapter 16

Fig. 137 geeft een overzicht van den tijd, waarop ieder der genoemde diersoorten voor het eerst voorkwam en het tijdperk, waarop zij verdwenen. Wij zien, dat de graptolithen in...

27. Chapter 27

De centrale bergvlakte van Frankrijk, die geheel boven water uitstak, en aan de ééne zijde verbonden was met de Vogezen, aan de andere zijde met de Vendée, maakte elke verbindin...

31. Chapter 31

Indien men den dinoceras vergelijkt met enkele der grootste veelhoevige dieren van onzen tijd, dan blijkt het, dat hij eenige punten van overeenkomst heeft met den rhinoceros en...

29. Chapter 29

De jaren zijn op de jaren, de eeuwen op de eeuwen gevolgd; duizenden, tienduizenden eeuwen zijn over de aarde heengegleden sedert den oorsprong van het geschapene. Op de kosmisc...

9. Chapter 9

Doch deze verstandige denkbeelden werden niet begrepen, en drie eeuwen lang duurde de strijd voort, of de fossiele overblijfselen eertijds hadden toebehoord aan levende wezens,...

24. Chapter 24

De stegosauren waren tweevoetige kruipende dieren, die eene lengte konden bereiken van 10 meters; de voorste ledematen zijn veel korter en minder stevig dan de achterste ledemat...

22. Chapter 22

Wij zijn thans genaderd tot de merkwaardigste van alle perioden, die het optreden van den mensch op aarde zijn voorafgegaan. Eene onmetelijke zee strekt zich nog over het groots...

38. Chapter 38

"Doctor Traill had eenen chimpansee naar Engeland overgebracht, die niet rechtop liep en altijd op de handen steunde. Hij was beschroomd tegenover vreemden, doch niet tegenover...

11. Chapter 11

In het tijdperk, waartoe wij thans genaderd zijn in onze geschiedenis der aarde, was het leven reeds zeer verspreid in de wateren, die nog bijna de geheele aarde bedekten. Zij b...

41. Chapter 41

[5] Zij heeft reeds eenen aanvang genomen bij de planten. De plant is lang zoo werkeloos niet als men zich dit gewoonlijk voorstelt; zij ademt, eet, drinkt en slaapt. Zij ademt...