Category: Short Stories

Zonnestralen in School en Huis

De Sprookjesfee. Van de Pepernoten en den Doedelzak. Op de Horens genomen. Een Droom. Een Dief—en Geen Dief. Het Zilveren Lucifersdoosje. April! Ten Oosten van de Zon en ten Noorden van de Aarde. Juist Goed! Weer van eene Fee. Kalif-Ooievaar. Onder den Tooverboom. Het betoover...

Chapters

7. Chapter 7

"Dag, soldaat!" zei ze. "Wat stap je dapper langs den weg. Zeker ook dapper gevochten?"--"Nu, of ik!" lachte de soldaat.--"En ben je nu ook te trotsch, om zoo'n oud vrouwtje, al...

18. Chapter 18

Op het bal was het prachtig! En pas had Hilda den voet in de danszaal gezet, of ze werd ook al ten dans gevraagd. En na dien eersten dans danste ze weer en nog eens weer. Ieder...

10. Chapter 10

"Wie ben je, die mij zoo vriendelijk goedendag zegt? Vierentwintig eikenbosschen heb ik zien opgroeien en ook weer zien sterven; maar in al dien tijd is er nog nooit iemand hier...

12. Chapter 12

Hoe het er uitzag op de bovenste planken? Knap, die uit zoo'n rommel wat wijs kon worden. Fleschjes, die op hun' kop stonden of omgebuiteld waren. Portretlijstjes, die op den ne...

4. Chapter 4

Heel vervelend was ook, dat Willem altijd vroeg naar school ging om met de jongens te spelen. Daar mocht Gustaaf dan bij staan kijken. O, wat viel hem die tijd lang; want Willem...

19. Chapter 19

Was Tante Mientje ziek, en Moeder zei: "Lies, ik zou 't wel aardig vinden, als je Tante eens wat voor ging lezen, de stumper mag met dit mooie weer de deur niet uit, dan was 't:...

17. Chapter 17

De fee was eerst ook heel verdrietig op Hilda geweest, toen ze alles wist. Maar nu ze zag, hoe'n spijt Hilda had, kreeg ze medelijden. "Nu, kindje," zei ze troostend, "wees maar...

3. Chapter 3

Daar was het er uit, waar ze nooit, nooit meer over hadden moeten praten. De koningin schrikte, toen ze 't gezegd had en de koning schrikte ook van zijne eigen woorden. En van p...

9. Chapter 9

Maar de ongelukken van Hans waren nog niet aan een einde. Dichtbij huis kwam er een troep dorpsjongens op hem af. Hans zag dadelijk, dat ze niet veel goeds in den zin hadden--hi...

6. Chapter 6

Tom ging overeind in bed zitten en begon te luisteren naar wat de mannen praatten. Eerst verstond hij geen woord: hunne stemmen klonken zoo verward door elkaar, 't leek wel, of...

16. Chapter 16

Soms, ja. Dan dacht Nellie ook weer aan alles, wat haar het leven in huis zoo onplezierig gemaakt had: aan het brommen van Moeder, aan de gefronste wenkbrauwen van Vader, aan he...

8. Chapter 8

Och, och, wat een menschen op de markt: duizenden! Je kon wel over de hoofden loopen. En midden op de markt was eene hoogte, een stellage, gebouwd voor den soldaat, dat ieder he...

2. Chapter 2

Eens op een' morgen zou de koning opstaan. Slaperig zat hij op den rand van zijn bed en trommelde met de bloote voeten tegen het hout; want hij had nog geene kousen aan. Vóór he...

5. Chapter 5

Maar het bosch werd al dichter en dichter, en nu moesten de veulens wel wat langzamer loopen. Op het dichtste plekje van 't bosch stond een grappig, donker, klein huisje, en uit...

11. Chapter 11

Toen werd de arme wakker, en hij sprong vroolijk op. "Ik weet het, ik ik weet het," riep hij, "eene koningin past bij een' koning. Ik breng de koolraap naar den koning!" Dat was...

13. Chapter 13

Vond Ida dat leeren nu altijd even prettig? O, neen! Je weet niet, hoe dikwijls ze nog ongeduldig werd en een verdrietig gezicht zette, als het vrouwtje haar wat zei. Ik durf oo...

14. Chapter 14

"Mijn vader is een Indisch Koning er ik ben zijne eenige ongelukkige dochter, Selma. Dezelfde toovenaar, die u ongelukkig maakte, betooverde ook mij. Eens op een' dag kwam hij b...

1. Chapter 1

De Sprookjesfee. Van de Pepernoten en den Doedelzak. Op de Horens genomen. Een Droom. Een Dief—en Geen Dief. Het Zilveren Lucifersdoosje. April! Ten Oosten van de Zon en ten Noo...

15. Chapter 15

Toen Nellie dat gezegd had, boog ze haar hoofd; want ze schaamde zich voor hare begeerigheid. Maar de fee zei met vriendelijke stem: "Je vraagt wel wat veel, maar toe dan maar--...

20. Chapter 20

Nu was het bijna een geluk, dat 's middags de kinderen van den timmerman bij haar kwamen. Die babbelden zoo aardig en speelden zoo lief, dat Lize er wel naar luisteren en naar k...