Category: Novels

H. van Brakel, Ing. B.O.W.

De lampen brandden in de achtergalerij, boven de nog gedekte tafel. Vlug namen de bedienden de gerechten weg; ze hadden ditmaal haast; ’t was immers de laatste arbeid des daags!

Chapters

1. Part 1

De lampen brandden in de achtergalerij, boven de nog gedekte tafel. Vlug namen de bedienden de gerechten weg; ze hadden ditmaal haast; ’t was immers de laatste arbeid des daags!

2. Part 2

De dampen van den wijn waren verdwenen, en hij was, toen hij huiswaarts keerde, zoo goed als ontnuchterd. Die Lucie ook, dacht hij, met dat laat aan tafel gaan! Als zij dat niet...

3. Part 3

Met dat alles was hij een jongmensch met goede manieren en een goede opvoeding, met een beetje pedanterie en veel radicalisme in zijn denkbeelden, maar in elk geval zijn convers...

4. Part 4

Zij glimlachte. Nu, dàt kon zooveel niet wezen, meende zij. Maar hij hield vol, schetste haar een beeld van zijn ellendigen toestand, en daar ze met aandacht en belangstelling l...

5. Part 5

De jeugdige commensaal der Van Brakels wilde er het zijne van hebben; dat had hij zich bepaald voorgenomen. Hoezeer hij dikwerf werd gekweld door een meer en meer toenemende beg...

6. Part 6

„Mag ik zoo vrij zijn?” vroeg Geerling zijn hoed nemend, alsof hij vond, dat de vraag slechts voor den vorm was, en het antwoord niet anders dan toestemmend kon wezen.

7. Part 7

„Wat moois! Het is een waarheid die je bovendien zelf bewijst. Kijk eens, Herman. Ik houd heel veel van ’n man, ja, maar het is gemeen volk, zie je, en die er een bedriegt, verd...

8. Part 8

Van Brakel lette er niet op toen hij ’s middags thuis kwam, dat Lucie er ontsteld uitzag en hem nauwelijks antwoordde, terwijl zij deed alsof ze het met haar huishoudelijke bezi...

9. Part 9

Van Brakel in doodsangst, dat zijn vrouw het zou hooren, trachtte Geerling te kalmeeren, wat hem eerst met moeite en al zoete broodjes bakkend gelukte. Maar inwendig was hij woe...

10. Part 10

„Ik ga niet weg. Eenmaal heb ik het gezegd, en ik blijf er bij. Laat mij maar begaan, Ceciel. Over een klein jaar zijn wij getrouwd, en dan komt naderhand alles vanzelf terecht.”

11. Part 11

Zij had met opzet de meiden uitgezonden met de kinderen, om rustig te kunnen nadenken over de manier om dat ellendige geld terug te geven; maar hoe krachtig ook haar argument wa...

12. Part 12

Met het grootste vermaak en de levendigste belangstelling had Geerling het aangehoord. Het wond hem op, en daar zij alleen thuis was, geneerde hij zich niet en omhelsde Ceciel,...

13. Part 13

Het scheen dat de hoofdingenieur Willert den ingenieur Van Brakel niet noodig had, althans men hoorde niets meer van hem, en zag alleen des middags zijn gesloten reiswagen weder...

14. Part 14

„Maak je maar niet ongerust,” riep de kapitein zachtjes buiten de deur. „Het is maar een veiligheidsmaatregel op verzoek van den ouden heer; als we onder stoom zijn, maak ik de...

15. Part 15

Er was juist op de plaats een bouw-vleugje en weinige dagen na hun aankomst had Van Brakel reeds handen vol werk tegen goed honorarium. Over zijn ontslag werd verschillend geoor...

16. Part 16

Zij streek haar kleeren glad en begon weer over het nieuws van den dag. Dat Geerling een dwaas was, een kwajongen, die zich verslingerde, stond vast; dat Ceciel een meisje van v...

17. Part 17

Ofschoon hij rondliep, even groetend, maar zonder schijnbaar notitie van de menschen te nemen, spitste hij de ooren en zag scherp toe. Nu en dan glimlachte hij. Welzeker, ze zag...