Best Books Ever Listings

Don Quichot van La Mancha

Nog zoo heel, heel lang niet geleden woonde in een dorp van La Mancha, een edelman, gelijk men die heden ten dage in Spanje nog bij de vleet vinden kan. Zijne inkomsten waren slechts matig, en hij had daarvan althans drie vierden tot zijn dagelijksch schraal onderhoud noodig....

Chapters

16. Chapter 16

"Gerust, gerust moogt gij dat doen, vriend Sancho," sprak Trifaldin, de stalmeester. "'t Is niet aan de tooverkracht des duivels en der helsche geesten, waaraan gij u toevertrou...

17. Chapter 17

Nauwelijks was weer stilte gevolgd, of daar traden twee oude mannen in de zaal, van wie de een op een dikken rietstok leunde. De ander, die geen stok bij zich had, trad voor en...

12. Chapter 12

Zoodra Sancho hem zag rollen, liet hij zich schielijk weer uit zijn boom neerglijden en kwam toe op zijn heer, die uiterst bedaard van Rocinante was gestegen en zich over den ge...

5. Chapter 5

Zonder het antwoord van zijn schildknaap af te wachten, drukte hij Rocinante de sporen in de ribben en stoof met gevelde lans pijlsnel den heuvel af. Sancho schreeuwde hem wel n...

11. Chapter 11

"Wel drommel en geen einde!" riep Sancho met geveinsde verwondering. "Is het mogelijk, dat gij drie zulke juweeltjes van paarden voor muilezels en uw hooge gebiederes voor eene...

6. Chapter 6

"Neen, nu gaat dat niet meer," antwoordde Sancho, de schouders ophalend. "Daar gij niet wist, hoeveel geiten overgezet waren, raakte ik de kluts kwijt, en nu is mij de heele his...

10. Chapter 10

"In het dolhuis te Sevilla was een man, dien zijne verwanten daarheen gebracht hadden, omdat het met zijn hoofd niet goed was. Hij was van den geestelijken stand en had zijn exa...

7. Chapter 7

"Zeker, mijn zoon," luidde des ridders antwoord, "want weet, dat, zoo gij schielijk van de plaats, waarheen ik u zenden zal, terugkeert, gij den tijd van mijn lijden zult verkor...

19. Chapter 19

"Mijne genadige heerschappen," sprak hij eindelijk, voor den hertog en de hertogin eerbiedig de knie buigend, "daar ben ik weerom. Het stadhouderen heeft mij in veel opzichten n...

1. Chapter 1

Nog zoo heel, heel lang niet geleden woonde in een dorp van La Mancha, een edelman, gelijk men die heden ten dage in Spanje nog bij de vleet vinden kan. Zijne inkomsten waren sl...

8. Chapter 8

Hierop verkleedde zij den pastoor met zooveel zorg, dat hij zichzelf bijna niet herkend zou hebben. Zij trok hem een lakenschen rok aan, die met breede zwartfluweelen strooken b...

15. Chapter 15

Toen verscheen een derde kar, waarin een vierkante, pootige kerel met een bruin, verweerd en brutaal gezicht was gezeten, die, evenals de vorigen, onder 't voorbijrijden opstond...

4. Chapter 4

Onderwijl kwamen de beide deerlijk toegetakelde helden overeind en hielpen ook den armen Rocinante weer op de been. Met gekromden rug, want zich recht oprichten kon hij nog niet...

3. Chapter 3

Onze twee hadden reeds een goed eind weegs afgelegd, toen zij op eens dertig tot veertig windmolens op de vlakte voor zich zagen. Op dat gezicht keerde de ridder zich tot zijn s...

9. Chapter 9

De waard hoorde verbaasd op bij deze woorden van Sancho, wien de beloften van zijn heer insgelijks het hoofd geheel op hol gebracht hadden. Evenwel zwoer hij bij kris en bij kra...

2. Chapter 2

Zonder verder naar den overwonneling om te zien, raapte Don Quichot bedaard zijne wapens weer op, legde ze andermaal op den trog neer en zette zijne wandeling met alle deftighei...

14. Chapter 14

Intusschen kwam Don Quichot met opgeslagen vizier nader, en zoodra hij eene beweging maakte, om van Rocinante te stijgen, kwam Sancho toe, om hem den stijgbeugel te houden. Onge...

18. Chapter 18

"Mijn beste vriend," zeide Sancho Panza op deze tegenwerping, "de man, om wien 't hier te doen is, heeft, als ik 't wel begrijp, evenveel recht om te leven als om te sterven. De...

13. Chapter 13

"De hemel behoede u, gij pronk en sieraad van de dolende ridderschap!" riep Sancho Panza hem na. "Daal neer, gij hoofd van ijzer, hart van staal en arm van metaal! Moogt gij beh...

20. Chapter 20

Na het ontvangen van deze toezegging wierp de ridder der zilveren maan zijn paard om, maakte voor Don Moreno en zijn geleide eene beleefde buiging en reed heen in galop.