Public Domain

Liedekens Van Bontekoe En Vijf Novellen Blaauw Bes Blauw Bes T

Aan de kant van de Revier komende daer de Praeuw lag, stond daer een hoop Inwoonders; en haperden geweldig tegen elkander; het scheen dat de eene wilde hebben dat ik voer en de ander niet. Ik greep een of twee uit den hoop by den arm, en stuwde ze na de Praeuw toe, om te varen...

Chapters

4. Chapter 4

"Eefje heeft toch hier gewoond," zei de vrouw, "of ik moest mij in het huis hebben vergist,--maar ik ben hier immers bij Mijnheer ----?" (en de knecht knikte: "jawel") "dan moet...

9. Chapter 9

Doorne ware een onmensch geweest, als hij het niet had beloofd;--hij deed meer, hij hield woord. Zoodra het jongske was teruggekeerd--met geld;--zoodra de angst voor dadelijk ge...

13. Chapter 13

Een kind!--is er iets ter wereld, waarin meer poëzy schuilt dan in het van allerlei zorg afhankelijke schepseltje in den wieg,--dat welligt bestemd is de luister van ons geslach...

11. Chapter 11

Dáár plagt Marie mij te gemoet te snellen, naast mij op het rijtuig te wippen, schier altijd regts, gij zult zien waarom, en, lieve wilde meid als zij was, de leidsels uit mijne...

8. Chapter 8

--Het had erger kunnen zijn--voor iemand van Becker's gestel, van Becker's geweten? oordeel zelf! Er kwamen geprotesteerde traittes voor, door hen op het buitenlandsche huis get...

5. Chapter 5

Te regt zou men er zich over beklagen, dat de geestige Breêro, welke ons in deze weinige regelen de stoffaadje van een koopmanskantoor zijner dagen heeft geschilderd, er geene t...

3. Chapter 3

Een korte wijle zweeg 't getier Der uitgelaten rei van wilden, Die in een laaije zee van vier De spietsen, die hun vingers drilden, Nu dompelden ten gloênden doop, En fluks in v...

7. Chapter 7

Onze schilders bezitten een eigenaardig talent voor het huiselijke. Ik heb het hun zelden zoo zeer benijd als in dit oogenblik; want ik moet u een klein vertrek binnen leiden, z...

12. Chapter 12

Aarde en hemel was er weder in harmonie, geen wolkje zwierf langs het zuiver blaauwe luchtruim; de breede stroom deed niets dan dat gewelf weerkaatsen; de kroonen van het monarc...

10. Chapter 10

O die oogenblikken, eer dat woord het afscheid verzoette, wie schetst ze? De oude voelt niet vlug meer; het trage bloed sluipt slechts door de aderen; de verdroogde, gerimpelde...

1. Chapter 1

Aan de kant van de Revier komende daer de Praeuw lag, stond daer een hoop Inwoonders; en haperden geweldig tegen elkander; het scheen dat de eene wilde hebben dat ik voer en de...

6. Chapter 6

"Rivers! in het vervolg laat jij turf af, je bent bedaarder," zegt de patroon, die van den Bergh nauwelijks heeft durven bestraffen; hij zou hem geantwoord hebben, dat het _knec...

2. Chapter 2

"In het voortreffelijk werk van den onsterfelijken Hugo de Groot getiteld: _Vergelijking der Gemeenebesten_, komt de volgende zeer opmerkelijke plaats voor: "Onlangs hebben wij...

14. Chapter 14

Zie, ik mag haar in dien toestand niet voorbij zien, al ben ik u de verklaring schuldig, wat hem bewoog van een' nacht onder dien schitterenden hemel op te halen; waarom zij jui...