Chapter 30
_Fu Daishi_. Een onder de Goden opgenomen Chineesche priester.
_Fudo_. De God der Wijsheid.
_Fugen_. De beschermgod van hen, die in een bijzonderen vorm van geestverrukking hun overpeinzingen verrichten. Gewoonlijk wordt hij afgebeeld zittende aan de rechterhand van _Shaka_.
_Fukurokuju_. Een Geluksgod, die een lang leven en wijsheid voorspelt.
_Gaki_. Kwade Goden.
_Go-chi Nyorai_. De Vijf Buddha's van Overpeinzing: _Yakushi_, _Taho_, _Dainichi_, _Ashuku_ en _Shaka_.
_Gongen_. Een algemeene naam voor de incarnaties van Buddha's volgens de Shinto-leer. Ook toegepast op onder de goden opgenomen helden.
_Gwakko Bosatsu_. Een Buddhistische maangod.
_Hachiman_. De Oorlogsgod. Hij is de onder de Goden opgenomen Keizer Ojin, de beschermer van den Minamoto stam.
_Hoderi_. "Schijnend Vuur", zoon van _Ninigi_.
_Hoori_. "Uitdoovend Vuur", zoon van _Ninigi_.
_Hoso-no-kami_. De God der Pokken.
_Hotei_. Een God van het Geluk, het type van Tevredenheid.
_Hotoke_. De naam van alle Buddha's, en meestal toegepast op de dooden in het algemeen.
_Ida Ten_. Een beschermer van het Buddhisme.
_Iha-naga_. "Prinses Lang-als-de-Rotsen", oudste dochter van den Geest der Bergen.
_Inari_. De Godin van de Rijst, ook in verband met den Vossengod.
_Isora_. De Geest van de Zeekust.
_Izanagi_ en _Izanami_. De Scheppers van Japan, van wie de godheden uit het Shinto Pantheon zijn voortgekomen.
_Jizo_. De God der Kinderen.
_Jurojin_. Een God van het Geluk.
_Kami_. Algemeene naam voor alle Shinto godheden.
_Kasho_. Eén der grootste leerlingen van Buddha.
_Kaze-no-Kami_. De God van den Wind en der Verkoudheden.
_Kengyu_. De landbouwende minnaar van het Wevende Meisje.
_Ken-ro-ji-jin_. De Aardgod.
_Kishi Bojin_. Een Indische Godin, door de Japanners vereerd als de beschermster van Kinderen.
_Kobo Daishi_. Een onder de goden opgenomen Buddhistische wijze.
_Kodomo-no-inari_. De Vossengod der Kinderen.
_Kojin_. De God van de Keuken. Versleten poppen worden aan die godheid geofferd.
_Kokuzo Bosatsu_. Een vrouwelijke Buddhistische heilige.
_Kompira_. Een Buddhistische godheid van duisteren oorsprong, vereenzelvigd met _Susa-no-o_ en andere Shinto-Goden.
_Koshin_. De God der Wegen. Een vergoding van den dag van den Aap, voorgesteld door de Drie Mystieke Apen.
_Kuni-toko-tachi_. "De Aardsche Eeuwig Staande." Een zelf geschapen Shinto-God.
_Kwannon_. De Godin der Barmhartigheid, in verschillende vormen voorgesteld:
1. _Sho-Kwannon_. (Kwannon de Wijze). 2. _Ju-ichi-men Kwannon_ (met Elf Gezichten.) 3. _Sen ju Kwannon_ (met Duizend Handen). 4. _Ba-to-Kwannon_ (met Paardenkop). 5. _Nyo-i-rin Kwannon_ (Almachtig).
_Marishiten_. Zij is in het Japansche en Chineesche Buddhisme voorgesteld als de Koningin des Hemels. Zij heeft acht armen, waarvan twee de symbolen van zon en maan vasthouden. In de Brahmaansche godgeleerdheid is zij de verpersoonlijking van het Licht, en tevens een naam van Krishna.
_Maya Bunin_. De moeder van Buddha.
_Miroku_. De opvolger van Buddha, en bekend als de Buddhistische Messias.
_Miwa-daimyo-jin_. De godheid, die in verband staat met het Lachfeest van Wasa.
_Monju Bosatu_. De Heer der Wijsheid.
_Musubi-no-Kami_. De God van het Huwelijk.
_Nikko Bosatsu_. Een Buddhistische Zonnegod.
_Ninigi_. De Kleinzoon van Ama-terasu, de Zonnegodin.
_Ni_-O. Twee reusachtige en woeste Koningen, die de buitenpoorten van tempels bewaken.
_Nominosukune_. De beschermgod der worstelaars.
_Nyorai_. Een eeretitel van alle Buddha's.
_O-ana-mochi_. "Bezitter van de Groote Opening" van den Fuji.
_Oho-yama_. De Geest der Bergen.
_Onamuji_ of _Okuni-nushi_. Zoon van _Susa-no-o_. Hij regeerde in Izumo, maar trok zich terug ten gunste van _Ninigi_.
_Oni_. Een algemeene naam voor booze geesten.
_Otohime_. De dochter van den Drakenkoning.
_Raiden_. De Dondergod.
_Raitaro_. De zoon van den Dondergod.
_Rakan_. Een naam, gebruikt om den volmaakten heilige en eveneens de onmiddellijke leerlingen van Buddha uit te drukken.
_Roku-bu-ten_. Een gemeenschappelijke naam voor de Buddhistische Goden _Bonten_, _Tai-shaku_ en den _Shi-Tenno_.
_Rin-jin_. De Draak of Zeekoning.
_Saruta-hiko_. Een aardsche godheid, die _Ninigi_ begroette.
_Sengen_. De Godin van den Fuji. Ook bekend als _Asama_ of _Ko-no-Hana-Saku-ya-Hime_, "De Prinses, die de Bloemen der Boomen laat bloeien."
_Shaka-muni_. De stichter van het Buddhisme, ook wel Gautama genoemd, maar meestal bekend als Buddha.
_Sharihotsu_. De wijste van Buddha's tien voornaamste leerlingen.
_Shichi-fukujin_. De Zeven Goden van het Geluk: _Ebisu_, _Daikoku_, _Benten_, _Fukurokuju_, _Bishamon_, _Jurojin_ en _Hotei_.
_Shita-teru-hime_. "Mindere-glans-Prinses" en vrouw van _Ame-waka_.
_Shi-tenno_. De Vier Hemelsche Koningen, die de aarde tegen Booze Geesten beschermen, en die ieder een vierde gedeelte van den horizon verdedigen. Hun namen zijn, _Jikoku_, Oosten; _Komoku_, Zuiden; _Zocho_, Westen; en _Tamon_, ook _Bishamon_, Noorden genoemd. Hun beeltenissen zijn geplaatst in de binnenpoort van den tempel.
_Shoden_. De Indische Ganesa, de Godin der Wijsheid.
_Sohodo-no-kami_. De God der Vogelverschrikkers.
_Sukuna-bikona_ Een godheid, uit den hemel gezonden, om _Onamuji_ bij te staan, om zijn rijk tot rust te brengen.
_Susa-no-o_. "De onstuimige Jongeling", broeder der Zonnegodin.
_Taishaku_. De Brahmaansche God Indra.
_Tanabata_ of _Shokujo_. Het Wevende Meisje.
_Ten_. Een titel, overeenkomend met het Sanskrit _Dêva_
_Tenjin_. De God van het Schoonschrift.
_Tennin_. Vrouwelijke Buddhistische Engelen.
_Toshogu_ De naam, als godheid, van den grooten Shogun Ieyasu of Gongen Sama.
_Toyokuni_. De naam, als godheid, van Hideyoshi.
_Toyo-tama_. De dochter van den Drakenkoning.
_Toyo-uke-hime_. De Shinto-godin van de Aarde of het Voedsel.
_Tsuki-yumi_. De Maangod.
_Uzume_. De Godin van het Dansen.
_Yakushi Nyorai_. "De Genezende Buddha."
_Yofuné Nushi_. De Slanggod.
_Yuki-Onna_. De Sneeuwvrouw.
AANTEEKENIGEN
[1] _De Volle Erkenning van Japan_, door _Robert P. Porter_.
[2] _Kroniek van Japan_, voltooid in 720 n.C., behandelt op zeer belangwekkende wijze de mythen, legenden, poëzie en geschiedenis van de oudste tijden af tot aan het jaar 697 n.C.
[3] De buik opensnijden.
[4] Drie personen, voorkomende in Robin Hood. Men vindt ze genoemd in "de Talisman en in Ivanhoe" van Walter Scott.
[5] Hoofdstuk X.
[6] Deze lezing wordt gevonden in den _Catalogus van Japansche en Chineesche schilderwerken in het Britsch Museum_, door Dr. William Anderson.
[7] De Vijfde Taak, die van Heer Iso, wordt hier niet behandeld. De geschiedenis is plat en weinig belangrijk. Het zij voldoende, mede te deelen, dat ook de tocht van Heer Iso, om de Zeeschelp te zoeken, vergeefsch was.
[8] Van middernacht tot twee uur 's morgens. "Jaren, dagen en uren", zoo schrijft Professor B.H. Chamberlain, "werden alle gerekend te behooren tot één der teekenen van den dierenriem."
[9] Ontleend aan de Sprookjes van Oud Japan, door W.E. Griffis.
[10] Ontleend aan het _Kristal van Buddha_, door Madame Yei Ozaki.
[11] Madame Ozaki.
[12] Madame Ozaki.
[13] Samurai was een Japansche kaste, waaruit de ambtenaren en officieren voortkwamen.
[14] De vreemde, bovennatuurlijke eigenschappen van den vos zijn niet uitsluitend van Japanschen oorsprong. Tallooze voorbeelden van de tooverkracht van den vos vindt men in Chineesche legenden. Zie _Vreemde Sprookjes uit een Chineesch Studeervertrek_, door H.A. Giles.
[15] Zie het _Land van de Gele Lente, en andere Japansche Sprookjes_ van den schrijver van dit werk.
[16] "De Steen des Doods" is ongetwijfeld één der meest merkwaardige vossenlegenden. Zij leert ons een kwaadaardigen vos kennen, die den vorm eener verleidelijke vrouw aanneemt bij meer dan één verschijning. Zij komt dan en verdwijnt als een verlokkend, maar verderf brengend wezen, een soort van Japansche opvatting van Fata Morgana. De legende is ontleend aan een _No_, of lyrisch drama, vertaald door Professor B.H. Chamberlain.
[17] De _cash_, een munt, die nu niet meer in gebruik is, kwam ongeveer met een stuiver overeen.
[18] Ongeveer 40 cents.
[19] De lever, zoowel van dieren als van menschen, komt in de Japansche legenden dikwijls voor als geneesmiddel voor verschillende ziekten.
[20] _De Japansche Brieven van Lafcadio Hearn_, uitgegeven door Elizabeth Bisland.
[21] Heilige staf.
[22] "Heil Almachtige Buddha!"
[23] Een poort.
[24] Een Tooverroede, waaraan strooken wit papier afhangen, die in kleine, hoekige bossen (gohei) gesneden zijn, die de offers moeten voorstellen van kleedingsstof, die oudtijds op feestdagen gebonden werden aan takken van den heiligen cleyeraboom.--B.H. Chamberlain.
[25] Zie _Oude Sproken en Folk-lore van Japan_, door R. Gordon Smith.
[26] Ontleend aan het _No_ drama, vertaald door B.H. Chamberlain.
[27] Zie _Oude Sproken en Folk-lore van Japan_ door R. Gordon Smith. Een Kakemono is een prent, tusschen twee houten staven bevestigd, die kan worden opgerold of aan den muur gehangen.
[28] Het onderwerp van dit verhaal heeft veel overeenkomst met een Noorsche legende. Zie William Morris, _Het Land ten Oosten van de Zon en ten Westen van de Maan_.
[29] Zij was gehuwd met Ninigi. (Zie blz. 14).
[30] Hier is eenige verwarring in het spel, want in werkelijkheid ligt het meer Biwa een paar honderd kilometers van den Fuji verwijderd, een afstand, die te groot is, dan dat zelfs een wonderberg zich daarin zou kunnen spiegelen. De legende verhaalt, dat de Fuji in één enkelen nacht uit de aarde te voorschijn kwam, terwijl het meer Biwa gelijktijdig daalde. Chamberlain zegt: "zouden wij hier niet een echo hebben van een vroegere uitbarsting, die leidde tot het ontstaan, niet van het Meer Biwa......maar van één van de tallooze kleine meren aan den voet van den berg?"
[31] Een spel, uit China ingevoerd, en dat op het schaakspel gelijkt, doch dat iets ingewikkelder is dan ons gewone schaakspel.
[32] Over de vossenlegenden hebben wij reeds in het Vijfde Hoofdstuk gesproken.
[33] Zie Hoofdstuk II.
[34] Van daar de Japansche uitdrukking: "Lantaarn en klok, wie van de twee is de zwaarste?"
[35] Fudo is niet, zooals men gewoonlijk meent, de God van het Vuur, maar wordt vereenzelvigd met Dainichi, den God der Wijsheid. Het is niet volkomen duidelijk, waarom Kiyo Fudo opzocht, wiens heilig zwaard de wijsheid zinnebeeldig voorstelt, terwijl zijn vuur de macht voorstelt, en het kluwen touw dient om de hartstochten te binden.
[36] Kompira was oorspronkelijk een Indische God, die door de middeleeuwsche-Shinto-vereerders vereenzelvigd werd met Susa-no-o, den broeder der Zonnegodin, die, zooals wij reeds gezien hebben, er maar al te zeer behagen in schepte, ondeugende streken uit te halen.
[37] Men raadplege hierover, Florence du Cane, _Bloemen en Tuinen van Japan_.
[38] Schrijver van verschillende werken over Bloemen in Japan.
[39] _Hara-kiri_ of _seppuku_ is de uitdrukking, die onder de klasse der _samurai_ voor zelfmoord wordt gebruikt. Voor nadere bijzonderheden zie men _"Sprookjes van het Oude Japan"_, door A.B. Mitford (Lord Redesdale).
[40] Tot in onzen tijd gelooven de Japansche boeren aan den Haas in de Maan. Dit dier brengt zijn tijd door met het fijnstampen van rijst in een mortier en het maken van koeken daarvan. De oorsprong van dit denkbeeld moet waarschijnlijk in een woordspelling gezocht worden, immers "rijstkoek" en "volle maan" worden beide uitgedrukt door het woord _mochi_.
[41] De Chrysanthemum met zestien bloembladeren is één van de wapens der Keizerlijke familie, terwijl het andere de bloemen en de bladeren van de Paulownia voorstelt. Het zijn in Japan niet alleen de aanzienlijken, die een wapen voeren. Het wapen wordt nog altijd gedragen op het bovengedeelte van hun oorspronkelijke kleeding, aan iederen kant van de borst, op beide mouwen en achter op den nek. Bij voorkeur worden de teekeningen ontleend aan vogels, het bamboe, waaiers, Chineesche letters, enz.
[42] Dit verhaal en de volgende van dit Hoofdstuk zijn ontleend aan "Oude Sproken en Folklore van Japan," door _R. Gordon Smith_.
[43] Zie over kappa's: hoofdstuk XXIX.
[44] Zie Hoofdstuk XVII.
[45] Zie Hoofdstuk XVI.
[46] Dit verhaal en dat wat volgt zijn ontleend aan _Oude Sproken en Folk-lore van Japan_, door R. Gordon Smith.
[47] Zie Hoofstuk XV.
[48] Een wezen met een langen neus. Zie hierover blz. 22.
[49] De titel is niet nauwkeurig, want in werkelijkheid heeft Kwannon in die gedaante slechts veertig handen. Ongetwijfeld is de bedoeling van dien naam, een voorstelling te geven van de milddadigheid dier Godin.
[50] "In navolging van de oorspronkelijke Drie en dertig Heilige Plaatsen zijn er ook drie en dertig heilige plaatsen in oostelijk Japan gesticht, en ook in het district Chichibu." _Murray's Handboek van Japan_, door _B.H. Chamberlain_ en _W.B. Mason_.
[51] Zie Murray's Handboek van Japan.
[52] Zie _Een blik op het Onbekende Japan_, door _Lafcadio Hearn_, deel I, blz. 62-104.
[53] Legenden in verband met andere insecten worden in Hoofdstuk XXIII behandeld.
[54] Hoofdstuk VII. "Legenden in de Japansche Kunst".
[55] Japansche munt.
[56] _Japansche Zaken_, door _B.H. Chamberlain_.
[57] Dit verhaal, hoewel door een Chineesch sprookje ingegeven, is, wat de locale kleur betreft, Japansch, en maakt op huiveringwekkende wijze de macht van Karma of het menschelijke verlangen duidelijk, waarover in Hoofdstuk X is gesproken. Wij hebben de voorstelling van Lafcadio Hearn gevolgd, zooals die voorkomt in "_In Spookachtig Japan_".
[58] De naam van den heilige was bij zijn leven Kukai. Kobo Daishi was een titel, die hem na zijn dood was gegeven, en onder dien naam is hij meestal bekend.
[59] Van daar het Japansche spreekwoord: "Zelfs Kobo Daishi schreef wel eens verkeerd."
[60] Een werktuig, dan dient als betooveringsmiddel, en dat eenigszins op een bliksemflits gelijkt.
[61] In een later tijdperk was Inari bekend als de Vossengod. Zie Hoofstuk V.
[62] _Murray, Handboek van Japan_, door _B.H. Chamberlain_ en _W.B. Mason_.
[63] _Asiatic Quarterly Review_, October 1894.
[64] "De _samisen_ of 'drie snaren', dat nu het geliefkoosde muziekinstrument is van de zangmeisjes en van de lagere standen in het algemeen, schijnt eerst omstreeks 1700 uit Manilla te zijn ingevoerd". _Japansche Zaken_, door _B.H. Chamberlain_.
[65] De lever, zoowel van een mensch als van een dier, had, zoo meende men in Japan, merkwaardige geneeskundige eigenschappen. Er wordt dikwijls in Japansche legenden melding van gemaakt, maar het denkbeeld is waarschijnlijk ontleend aan de vreemdste pharmacopee der geheele wereld, die van China.
[66] Vertaald door Edward Greey, onder den titel "_Een gevangene der Liefde_".
[67] De drie mystieke Apen spelen een rol in de Japansche legenden. Mizaru wordt voorgesteld met zijn handen voor zijn oogen, Kikazaru met zijn handen over zijn ooren, en Iwazaru met zijn handen op zijn mond. Die mystieke apen zijn een zinnebeeld van "Hem die geen kwaad ziet, hem die geen kwaad hoort, hem die geen kwaad spreekt."
[68] Vertaald door _F. Victor Dickens_.
[69] Ontleend aan Oude Sproken en Folklore van Japan door R. Gordon Smith.
[70] Het grootste gedeelte van de stof, in dit hoofdstuk behandeld, is ontleend aan het _Theeboek_, door Okakura-Kakuzo, en wij bevelen dit aardige boek aan allen aan, die in dat onderwerp belangstellen.
[71] Het Chineesche Paradijs.
[72] Een volledig verhaal van die schoone legende vindt men in Lafcadio Hearn, _Sommige Chineesche geesten_.
[73] "Oorspronkelijk een soort knop voor de medicijndoos of den tabakszak, van hout of ivoor gesneden." _Japansche Zaken_, door _B.H.Chamberlain_.
[74] Een verwijzing naar Yuki-Daruma, of Sneeuw-Daruma, en speelgoed-Daruma, _Okiagari-koboshi_, ("De Opstaande Kleine Priester") zal men vinden in Lafcadio Hearn, _Een Japansch Mengelwerk_.
[75] De Legenden in dit hoofdstuk zijn ontleend aan verhalen uit Lafcadio Hearn, _Kwaidan_ en _Blikken in het Onbekende Japan._
[76] Zie Hoofdstuk II.
[77] Een stroop, uit mout vervaardigd, die aan kinderen wordt gegeven als melk niet beschikbaar is.
[78] Zie "De Droom van Rosei" in Hoofdstuk VII, blz. 101.
[79] Zie de _Geschiedenis van Korea_, door _Joseph H. Longford_.
[80] Deze legende, en die, welke in dit hoofdstuk volgen, zijn ontleend aan _Oude Sproken en Folklore van Japan_ door R. Gordon Smith.
[81] Deze wijze van voorspellen is van bijzonder belang, immers de stok is het symbool van den God der Wegen, de Godheid, die uit den staf van Izanagi was gevormd, dien hij, zooals men zich zal herinneren, achter zich wierp, toen hij in de Onderwereld vervolgd werd door de Acht Leelijke Vrouwen.
[82] Zie Hoofdstuk II.
[83] Ontleend aan _Oude Sproken en Folk-lore van Japan_, door _R. Gordon Smith_.
[84] _Zie_ Hoofdstuk IX.
[85] Het onder de goden opnemen van aanzienlijke dooden is één van de instellingen van het Shintoïsme.
[86] Ontleend aan de vertaling van Prof. _B.H. Chamberlain_ in de _Handelingen van het Aziatisch Genootschap van Japan_, Deel VII.
End of Project Gutenberg's Mythen & Legenden van Japan, by F. Hadland Davis