Woordenlijst Voor De Spelling Der Nederlandsche Taal Met Aanwij

Chapter 33

Chapter 332,852 wordsPublic domain

Leeuwerikszang, M.

Leeuwin, V., leeuwinnen. Leeuwinnetje, O., -jes.

Leewater. Zie Ledewater.

Leg (het leggen), M. (Aan -, van den leg).

Leg en Legge (lichaamsdeel van vogels), V., leggen.

Legaal, legaler, legaalst.

Legaat, O., legaten. Legaatje, O., -jes.

Legaliseeren, legaliseerde, heeft gelegaliseerd.

Legataris, M., legatarissen.

Legateeren, legateerde, heeft gelegateerd.

Legbord, O., -borden.

Legeeren, legeerde, heeft gelegeerd.

Legeering, V., legeeringen.

Legende, V., legenden en legendes.

Legendendichter, M., -dichters.

Leger, O., legers. Legertje, O., -jes.

Legerafdeeling, V., -afdeelingen.

Legerbende, V., -benden.

Legerbericht, O., -berichten.

Legercommandant, M., -commandanten.

Legeren, legerde, heeft gelegerd.

Legerhoofd, O., -hoofden.

Legering, V., legeringen.

Legerkorps, O., -korpsen.

Legermacht, V., -machten.

Legerplaats, V., -plaatsen.

Legerschaar, V., -scharen.

Legersterkte, V.

Legertent, V., -tenten.

Legertrein, M., -treinen.

Legerwet, V., -wetten.

Leges (mv.), V.

Leggen, legde en leide, heeft gelegd en geleid.

Legger, M., leggers.

Leghen, V., -hennen; -hennetje, O., -jes.

Legioen, O., legioenen.

Legitiem, legitieme.

Legitimeeren, legitimeerde, heeft gelegitimeerd.

Legitimist, M., legitimisten.

Legitimiteit, V.

Legkaart, V., -kaarten; -kaartje, O., -jes.

Legpenning, M., -penningen.

Legprent, V., -prenten.

Legsel, O., legsels.

Legster, V., legsters.

Legtijd, M., -tijden.

Leguaan, M., leguanen.

Lei (voorwerp), V., leien; (stof), O. Leitje, O., -jes.

Leiband, M., -banden.

Leiboom, M., -boomen.

Leidekker, M., -dekkers.

Leiden (stad), O.

Leiden, leidde, heeft geleid.

Leidenaar, M., Leidenaars en Leidenaren.

Leider, M., leiders.

Leiding, V., leidingen.

Leidraad, M., -draden.

Leidsch.

Leidsel en Leisel, O., leidsels en leisels.

Leidsman, M., -lieden.

Leidster en -star, V., -sterren en -starren.

Leidster, V., leidsters.

Leidsvrouw, V., -vrouwen.

Leien (bnw.).

Leiendak, O., -daken; -dakje, O.

Leigroeve, V., -groeven.

Leikleur, V.

Leikleurig.

Leireep, M., -reepen.

Leis, V., leisen.

Leisel. Zie Leidsel.

Leist (leizeel), V., leisten.

Leizeel, O., -zeelen.

Lek, V.

Lek (het lekken), M.

Lek (lekgat), O., lekken.

Lek, lekke.

Lekbier, O.

Leken, leekte, heeft en is geleekt.

Lekgat, O., -gaten.

Lekkage, V., lekkages.

Lekken (druipen), lekte, heeft en is gelekt.

Lekken (voor Likken). Zie Likken.

Lekker, lekkerder, lekkerst.

Lekkerbeetje, O., -jes.

Lekkerbek, M. en V., -bekken.

Lekkerbekken, lekkerbekte, heeft gelekkerbekt.

Lekkerbekkerij, V., -bekkerijen.

Lekkerheid, V.

Lekkernij, V., lekkernijen. Lekkernijtje, O., -jes.

Lekkers, O.

Lekkertjes.

Lekking, V., lekkingen.

Leksteen, M., -steenen.

Lekton, V., -tonnen.

Lekvat, O., -vaten.

Lekwater, O.

Lekwijn, M.

Lekzak, M., -zakken.

Lekzand, O.

Lel, V., lellen. Lelletje, O., -jes.

Lelie, V., lelies en leliën. Lelietje, O., -jes.

Lelieblank.

Leliënbed, O., -bedden.

Leliewit, -witte.

Lellen, lelde, heeft geleld.

Lemma, O., lemmata.

Lemmen, lemde, heeft gelemd.

Lemmer, O., lemmers en lemmeren. Lemmertje, O., -jes.

Lemmet, O., lemmeten. Lemmetje, O., -jes.

Lemoen (ook Lamoen), O., lemoenen.

Lende, V., lenden en lendenen.

Lendekussen, O., -kussens; -kussentje, O., -jes.

Lendenpijn, V.

Lendestuk, O., -stukken.

Lenen. Zie Leunen.

Leng (stokvisch), V., lengen.

Leng (touw), O., lengen.

Lengen, lengde, heeft en is gelengd.

Lengsel, O., lengsels.

Lengte, V., lengten.

Lengtecirkel, M., -cirkels.

Lengtegraad, M., -graden.

Lengtemaat, V., -maten.

Lenig, leniger, lenigst.

Lenigen, lenigde, heeft gelenigd.

Leniger, M., lenigers.

Lenigheid, V.

Leniging, V., lenigingen.

Lens (spiets), V., lensen.

Lens (glas), V., lenzen.

Lens (ledig), lenze.

Lensen (spietsen), lenste, heeft gelenst.

Lensgat, O., -gaten.

Lenspomp, V., -pompen.

Lente, V.

Lenteavond, M., -avonden.

Lentebloem, V., -bloemen.

Lentedag, M., -dagen.

Lentefeest, O., -feesten.

Lentelied, O., -liederen.

Lentemaand, V.

Lenteren, lenterde, heeft gelenterd.

Lenteteeken, O., -teekens.

Lentetijd, M.

Lenteweder, O.

Lenzen (ledigmaken), lensde, heeft gelensd.

Lenzen (scheepsw.), lensde, heeft en is gelensd.

Lenzing, V., lenzingen.

Lep, M., leppen.

Lepel, M., lepels. Lepeltje, O., -jes.

Lepelaar, M., lepelaars en lepelaren.

Lepelblad, O.

Lepeldoos, V., -doozen; -doosje, O., -jes.

Lepelen, lepelde, heeft gelepeld.

Lepelkistje, O., -jes.

Lepelkost, M.

Lepelspijs, V.

Lepelvaasje, O., -vaasjes.

Leplam, O., -lammeren.

Leppen, lepte, heeft gelept.

Lepper, M., leppers.

Lepperen, lepperde, heeft gelepperd.

Lepra, V.

Leproos, leproze.

Leprozenhuis, O., -huizen.

Les, V., lessen. Lesje, O., -jes.

Lesboek en Lessenboek, O., -boeken; -boekje, O., -jes.

Leschbak, M., -bakken.

Leschdrank, M., -dranken.

Leschtrog, M., -troggen.

Leschwater, O.

Lesgeefster, V., -geefsters.

Lesgever, M., -gevers.

Lesschen, leschte, heeft gelescht.

Lessching, V.

Lessenaar, M., lessenaars. Lessenaartje, O., -jes.

Lessenplan, O.

Lesuur, O., -uren.

Lethargie, V.

Letsel, O.

Letten, lette, heeft gelet.

Letter, V., letters en letteren. Lettertje, O., -jes.

Letterarbeid, M.

Letterbanket, O.

Letterbode, M., -boden.

Letterdief, M., -dieven.

Letterdieverij, V., -dieverijen.

Lettereindje, O., -eindjes.

Letteren, letterde, heeft geletterd.

Lettergieten, O.

Lettergieter, M., -gieters.

Lettergieterij, V., -gieterijen.

Lettergreep, V., -grepen.

Letterkast, V., -kasten.

Letterklank, M., -klanken.

Letterknecht, M., -knechten.

Letterknechterij, V.

Letterkunde, V.

Letterkundig.

Letterkundige, M. en V., -kundigen.

Letterlievend.

Letterlijk, -lijker, -lijkst.

Letterproef, V., -proeven.

Letterraadsel, O., -raadsels.

Letterschrift, O.

Letterslot, O., -sloten; -slootje, O., -jes.

Lettersnijder, M., -snijders.

Lettersoort, V., -soorten.

Letterspecie, V.

Letterteeken, O., -teekens.

Letterwijs, -wijze.

Letterzetten, O.

Letterzetter, M., -zetters.

Leugen (ook Logen), V., leugens. Leugentje, O., -jes.

Leugenaar en Logenaar, M., leugenaars en leugenaren.

Leugenaarster, V., leugenaarsters.

Leugenachtig, -achtiger, -achtigst.

Leugenachtigheid, V.

Leugentaal, V.

Leugenzak, M., -zakken.

Leuk, leuker, leukst.

Leukheid, V.

Leukweg.

Leunen, leunde, heeft geleund.

Leuning, V., leuningen. Leuninkje, O., -jes.

Leuningstoel, M., -stoelen.

Leunspaan, V., -spanen.

Leunstoel, M., -stoelen.

Leur (drank), V.

Leus en Leuze, V., leuzen.

Leuter, M.

Leuteraar, M., leuteraars.

Leuteren, leuterde, heeft geleuterd.

Leuterig, leuteriger, leuterigst.

Leuterkous, M. en V., -kousen.

Leuterwerk, O.

Leuver, M., leuvers.

Leuze. Zie Leus.

Levant, M.

Levantijn (Oosterling), M., Levantijnen.

Levantijn (stormwind), M., levantijnen.

Levantijnsch.

Leven, leefde, heeft geleefd.

Leven, O., levens. Leventje, O.

Levend (niet dood).

Levendbarend.

Levendig (vroolijk), levendiger, levendigst.

Levendigheid, V.

Levenloos, -looze.

Levenmaken, O.

Levenmaker, M., -makers.

Levensbaan, V.

Levensbeginsel, O.

Levensbehoefte, V., -behoeften.

Levensbehoud, O.

Levensbericht, O., -berichten.

Levensbeschouwing, V., -beschouwingen.

Levensbeschrijver, M., -beschrijvers.

Levensbeschrijving, V., -beschrijvingen.

Levensbijzonderheden (mv.), V.

Levensbron, V.

Levensdagen (mv.), M.

Levensdoel, O.

Levensdraad, M.

Levensduur, M.

Levensgeesten (mv.), M.

Levensgeluk, O.

Levensgenot, O.

Levensgevaar, O.

Levensgezellin, V., -gezellinnen.

Levensgroot, -groote.

Levensgrootte, V.

Levenskracht, V., -krachten.

Levenslang.

Levenslicht, O.

Levensloop, M.

Levenslust, M.

Levenslustig, -lustiger, -lustigst.

Levensmiddelen (mv.), O.

Levensmoede en -moe.

Levensmoeheid, V.

Levensonderhoud, O.

Levenspad, O.

Levensschets, V., -schetsen.

Levensteeken, O., -teekenen.

Levensverzekering, V.

Levenswandel, M.

Levenswijsheid, V.

Levenswijze en -wijs, V., -wijzen.

Levenwekkend.

Lever, V., levers. Levertje, O., -jes.

Leveraar, M., leveraars.

Leverancier, M., leveranciers.

Leverantie, V., leverantiën en leveranties.

Leverbaar, -bare.

Leveren, leverde, heeft geleverd.

Levering, V., leveringen.

Leveringstermijn, M., -termijnen.

Leveringstijd, M., -tijden.

Leverkleurig.

Leverkwaal, V., -kwalen.

Levertraan, V.

Leverworst, V., -worsten.

Leverzucht, V.

Leverzuchtig.

Leviathan, M., leviathans.

Lexicograaf, M., lexicografen.

Lexicographie, V.

Lexicographisch.

Lexicon, O., lexica.

Lezen, las, lazen, heeft gelezen.

Lezenaar, M., lezenaars. Lezenaartje, O., -jes.

Lezenswaardig, -waardiger, -waardigst, of meer en meest -waardig.

Lezer, M., lezers.

Lezeres, V., lezeressen.

Lezing, V., lezingen. Lezinkje, O., -jes.

Lias, V., liassen.

Liashaak, M., -haken.

Libel, O., libellen.

Liberaal, liberaler, liberaalst.

Liberaal, M., liberalen.

Liberalisme, O.

Liberaliteit, V.

Libertijn, M., libertijnen.

Lichaam, O., lichamen. Lichaampje, O., -jes.

Lichaamsarbeid, M.

Lichaamsbeweging, V., -bewegingen.

Lichaamsbouw, M.

Lichaamsdeel, O., -deelen.

Lichaamsgebrek, O., -gebreken.

Lichaamsgestel, O., -gestellen.

Lichaamskracht, V., -krachten.

Lichaamsoefening, V., -oefeningen.

Lichaamsstraf, V., -straffen.

Lichamelijk.

Licht, O., lichten. Lichtje, O., -jes.

Licht (helder), lichter, lichtst.

Licht (niet zwaar), lichter, lichtst.

Lichtbeeld, O., -beelden.

Lichtblauw.

Lichtbron, V., -bronnen.

Lichtbruin.

Lichtdruk, M.

Lichtekooi, V., -kooien.

Lichtelijk.

Lichten (licht geven), lichtte, heeft gelicht.

Lichten (opheffen), lichtte, heeft gelicht.

Lichter, M., lichters.

Lichtergeld, O., -gelden.

Lichterlaaie en Lichtelaaie (bijw.).

Lichterschip, O., -schepen.

Lichtfabriek, V., -fabrieken.

Lichtgas, O.

Lichtgeel, -gele.

Lichtgeloovig, -gelooviger, -geloovigst.

Lichtgeloovigheid, V.

Lichtgeraakt, -geraakter, -geraaktst.

Lichtgeraaktheid, V.

Lichtgevend.

Lichtgewapend.

Lichtgrauw.

Lichtgrijs, -grijze.

Lichtgroen.

Lichthart, M. en V., -harten.

Lichtheid, V.

Lichthoofd, M. en V., -hoofden.

Lichting, V., lichtingen.

Lichtkegel, M., -kegels.

Lichtkogel, M., -kogels.

Lichtkrans, M., -kransen.

Lichtkroon, V., -kronen.

Lichtmis (losbol), M., lichtmissen. Lichtmisje, O., -jes.

Lichtmis (Vrouwendag), V.

Lichtmissen, lichtmiste, heeft gelichtmist.

Lichtmisserij, V., lichtmisserijen.

Lichtopstand, M., -opstanden.

Lichtrood, -roode.

Lichtschuw.

Lichtsterkte, V.

Lichtstraal, M., -stralen.

Lichtvaardig, -vaardiger, -vaardigst.

Lichtvaardigheid, V.

Lichtzinnig, -zinniger, -zinnigst.

Lid, O., leden. Lidje, O., leedjes.

Lidmaat (medelid), M. en V., lidmaten.

Lidmaat (deel des lichaams), O., ledematen.

Lidmaatschap, O.

Lidmatencatechisatie, V., -catechisatiën en -catechisaties.

Lidwoord, O., -woorden.

Liebaard, M., liebaards.

Lied, O., liederen. Liedje, O., -jes.

Lieden (mv.). Zie ook Lui.

Liederboek en Liedboek of Liedeboek, O., -boeken; -boekje, O., -jes.

Liederlijk, -lijker, -lijkst.

Liederlijkheid, V., -heden.

Liedertafel, V., -tafels.

Liedjeszanger, M., -zangers.

Lief, liever, liefst.

Lief, O.

Liefdadig, -dadiger, -dadigst.

Liefdadigheid, V.

Liefde, V.

Liefdebeurt, V., -beurten.

Liefdeblijk, O., -blijken.

Liefdedienst, M., -diensten.

Liefdefonds, O., -fondsen.

Liefdegave, V., -gaven.

Liefdegift, V., -giften.

Liefdeloos, -loozer.

Liefdeloosheid, V.

Liefderijk, -rijker, -rijkst.

Liefderijkheid, V.

Liefdesavontuur, O., -avonturen.

Liefdesbetrekking, V., -betrekkingen.

Liefdesbetuiging, V., -betuigingen.

Liefdeshistorie, V., -histories.

Liefdesverklaring, V., -verklaringen.

Liefelijk, -lijker, -lijkst.

Liefelijkheid, V., -heden.

Liefhebben, heeft lief, had lief, hadden lief, heeft liefgehad.

Liefhebber, M., -hebbers; -hebbertje, O., -jes.

Liefhebberen, liefhebberde, heeft geliefhebberd.

Liefhebberij, V., -hebberijen.

Liefhebberijtooneel, O., -tooneelen.

Liefhebster, V., -hebsters.

Liefje, O., -jes.

Liefkoozen, liefkoosde, heeft geliefkoosd.

Liefkoozing, V., -koozingen.

Liefst (bijw.).

Liefste, M. en V., liefsten.

Lieftallig, -talliger, -talligst.

Lieftalligheid, V.

Liegen, loog, logen, heeft gelogen.

Lier, V., lieren. Liertje, O., -jes.

Lierdicht, O., -dichten.

Lierdichter, M., -dichters.

Liereman, M., -mannen.

Lieren, lierde, heeft gelierd.

Lierlauw.

Lierzang, M., -zangen.

Lies, V., liezen. Liesje, O., -jes.

Liesbreuk, V., -breuken.

Lieveling, M. en V., lievelingen. V. ook lievelinge. Lievelingetje, O., -jes.

Lievelingsbezigheid, V., -bezigheden.

Lievelingsdichter, M., -dichters.

Lievelingskleur, V., -kleuren.

Lievelingsplaats, V., -plaatsen.

Lievelingsplekje, O., -jes.

Lievelingsschrijver, M., -schrijvers.

Lievelingsuitdrukking, V., -uitdrukkingen.

Lievemoederen, O.

Lieven, liefde, heeft geliefd.

Lieverd, M., lieverds. Lieverdje, O., -jes.

Lieverlede (Van -).

Lieve-vrouwenbedstroo, O.

Lieve-vrouwenkerk, V., -kerken.

Lievigheid, V., -heden.

Liflaffen, liflafte, heeft geliflaft.

Liflafferij, V., liflafferijen.

Liflafje, O., liflafjes.

Lift, V., liften.

Liftjongen, M., -jongens.

Liftkoker, M., -kokers.

Ligdag, M., -dagen.

Liggeld, O.

Liggen, ligt, lag, lagen, heeft gelegen.

Ligger, M., liggers.

Ligging, V., liggingen.

Ligplaats, V., -plaatsen.

Ligue, V.

Liguster, M, ligusters.

Lij (scheepsw.) V.

Lijboelijn, V., -boelijns.

Lijdelijk, -lijker, -lijkst.

Lijdelijkheid, V.

Lijden (dulden), leed, leden, heeft geleden.

Lijden (duren), leed, is geleden.

Lijden, O.

Lijdend.

Lijdensbeker, M.

Lijdensgeschiedenis, V., -geschiedenissen.

Lijdenskelk, M.

Lijdenspreek, V., -preeken.

Lijdenstekst, M., -teksten.

Lijdensweek, V., -weken.

Lijdensweg, M., -wegen.

Lijder, M., lijders.

Lijderes, V., lijderessen.

Lijdzaam, -zamer, -zaamst.

Lijdzaamheid, V.

Lijf, O., lijven. Lijfje, O., -jes.

Lijfarts, M., -artsen.

Lijfeigene, M. en V., -eigenen.

Lijfeigenschap, V.

Lijfelijk.

Lijfgoed, O., -goederen.

Lijfknecht, M., -knechten.

Lijfrente, V., -renten.

Lijfsbehoud, O.

Lijfsberging, V.

Lijfsdwang, M.

Lijfsgevaar, O., -gevaren.

Lijfssierraad, O., -sieraden.

Lijfstraf, V., -straffen.

Lijfstraffelijk.

Lijfstuk, O., -stukken; -stukje, O., -jes.

Lijftocht, M.

Lijftochten, lijftochtte, heeft gelijftocht.

Lijftochtenaar, M., -tochtenaars.

Lijftochtenares, V., -tochtenaressen.

Lijfwacht (persoon), M., -wachten.

Lijfwacht (de gezamenlijke wachten), V., -wachten.

Lijk (touw). O., lijken.

Lijk (dood lichaam), O., lijken. Lijkje, O., -jes.

Lijkbaar, V., -baren.

Lijkbus, V. -bussen.

Lijkdienst, M., -diensten.

Lijken (gelijken), leek, leken, heeft geleken.

Lijken (scheepsw.), lijkte, heeft gelijkt.

Lijkenhuis, O., -huizen; -huisje, O., -jes.

Lijkenverbranding, V.

Lijkgaren, O.

Lijkklacht, V., -klachten.

Lijkkleed, O., -kleeden.

Lijkkleur, V.

Lijkkleurig.

Lijkkoets, V., -koetsen.

Lijklucht, V.

Lijknaald, V., -naalden.

Lijkopening, V.

Lijkplechtigheid, V., -plechtigheden.

Lijkrede, V. -redenen.

Lijkschouwing, V., -schouwingen.

Lijkstaatsie, V., -staatsies.

Lijkstoet, M.

Lijkwade en Lijkwa, V. -waden.

Lijkwagen, M., -wagens.

Lijm, V.

Lijmen, lijmde, heeft gelijmd.

Lijmer, M., lijmers.

Lijmerig, lijmeriger, lijmerigst.

Lijmerigheid, V.

Lijmerij, V., lijmerijen.

Lijmig, lijmiger, lijmigst.

Lijmigheid, V.

Lijmketel, M., -ketels.

Lijmkokerij, V., -kokerijen.

Lijmkwast, M., -kwasten.

Lijmpot, M., -potten.

Lijmstok, M., -stokken.

Lijmverband, O., -verbanden.

Lijn (touw), V., lijnen. Lijntje, O., -jes.

Lijn (streep), V., lijnen. Lijntje, O., -jes.

Lijnbaan, V., -banen.

Lijndraaier, M., -draaiers.

Lijnen, lijnde, heeft gelijnd.

Lijnkoek, M., -koeken.

Lijnmeel, O.

Lijnolie, V.

Lijnrecht.

Lijnslager, M., -slagers.

Lijnwaad, O., -waden.

Lijnzaad, O.

Lijs, M. en V., lijzen.

Lijst, V., lijsten. Lijstje, O., -jes.

Lijsten, lijstte, heeft gelijst.

Lijstenmaker, M., -makers.

Lijster, V., lijsters.

Lijsterbes, V., -bessen.

Lijsterboog, M., -bogen.

Lijstwerk, O.

Lijvig, lijviger, lijvigst.

Lijvigheid, V.

Lijwaarts.

Lijzeil, O., -zeilen en -zeils.

Lijzeilsra, V., -raas.

Lijzig, lijziger, lijzigst.

Lik, M., likken. Likje, O., -jes.

Likdoorn en Likdoren, M., -doorns en -dorens; -doorntje en -dorentje, O., -jes.

Likdoornsnijder, M., -snijders.

Likeur, V., likeuren. Likeurtje, O., -jes.

Likeurglas, O., -glazen; -glaasje, O., -jes.

Likeurstoker, M., -stokers.

Likhout, O., -houten.

Likkebaard, M., -baarden.

Likkebaarden, likkebaardde, heeft gelikkebaard.

Likkebroer, M., -broers.

Likken en Lekken, likte en lekte, heeft gelikt en gelekt.

Likken (gladmaken), likte, heeft gelikt.

Likkepot, M., -potten; -potje, O., -jes.

Liksteen, M., -steenen.

Likstok, M., -stokken.

Lil, O.

Lila, O.

Lillen, lilde, heeft gelild.

Lillig, lilliger, lilligst.

Lilliputter, M., lilliputters.

Limiet, V., limieten.

Limietpaal, M., -palen.

Limoen, M., limoenen. Limoentje, O., -jes.

Limoensap, O.

Limonade, V., limonaden en limonades.

Limonadeglas, O., -glazen.

Linde, V., linden.

Lindeblad, O., -bladen en -bladeren; -blaadje, O., -blaadjes en -bladertjes.

Lindebloesem, M.

Lindeboom, M., -boomen; -boompje, O., -jes.

Linden (bnw.).

Lindenhout, O.

Lindenlaan, V., -lanen.

Lineair.

Linguist, M., linguisten.

Linguistiek, V.

Liniaal, V. en O., linialen. Liniaaltje, O., -jes.

Linie, V., liniën en linies.

Linieeren, linieerde, heeft gelinieerd.

Linieerfabriek, V., -fabrieken.

Linieermachine, V., -machines.

Linieerpen, V., -pennen.

Linieschip, O., -schepen.

Linietroepen (mv.), M.

Link, V., linken.

Linkerarm, M., -armen.

Linkerbeen, O., -beenen.

Linkerhand, V., -handen.

Linkerkant, M.

Linkermouw, V., -mouwen.

Linkeroever, M.

Linkeroog, O., -oogen.

Linkeroor, O., -ooren.

Linkervleugel, M., -vleugels.

Linkervoet, M., -voeten.

Linkerzijde, V.

Links.

Linksaf.

Linksch, linkscher, meest linksch.

Linkschheid, V.

Linksom.

Linnen, O., linnens.

Linnen (bnw.).

Linnengoed, O.

Linnenjuffrouw, V., -juffrouwen.

Linnenkamer, V., -kamers.

Linnenkast, V., -kasten.

Linnenmeid, V., -meiden.

Linnennaaister, V., -naaisters.

Linnenpers, V., -persen.

Linnenwever, M., -wevers.

Lint, O., linten. Lintje, O., -jes.

Lintjesjager, M., -jagers.

Lintwinkel, M., -winkels.

Lintworm, M., -wormen.

Linze, V., linzen.

Linzeboom, M., -boomen; -boompje, O., -jes.

Linzenakker, M., -akkers.

Linzenmeel, O.

Linzensoep, V.

Lip, V., lippen. Lipje, O., -jes.

Lipbloemig.

Liplap, M., liplappen.

Lipletter, V., -letters.

Lippen, lipte, heeft gelipt.

Lippenpommade, V., -pommades.

Lippenzalf, V., -zalven; -zalfje, O., -jes.

Liquidatie, V., liquidatiën en liquidaties.

Liquideeren, liquideerde, heeft geliquideerd.

Lis en Lus, V., lissen en lussen. Lisje en lusje, O., -jes.

Lisch, O., lisschen.

Lischbloem, V., -bloemen.

Lispelen, lispelde, heeft gelispeld.

Lispen, lispte, heeft gelispt.

Lisper, M., lispers.

Lissen, liste, heeft gelist.

List, V., listen. Listje, O., -jes.

Listig, listiger, listigst.

Listigheid, V.

Listiglijk.

Litanie, V., litanieën.

Liter, M., liters.

Literarisch.

Literator, M., literatoren.

Literatuur, V., literaturen.

Literatuurgeschiedenis, V.

Literflesch, V., -flesschen.

Literglas, O., -glazen.

Lithograaf, M., lithografen.

Lithographeeren, lithographeerde, heeft gelithographeerd.

Lithographie, V., lithographieën.

Litteeken, O., -teekens en -teekenen. Litteekentje, O., -jes.

Liturgie, V., liturgieën.

Livrei, V., livreien.

Livreibediende, M., -bedienden.

Livreiknecht, M., -knechts.

Livreirok, M., -rokken.

Livret, O., livretten.

Lob, V., lobben. Lobbetje, O., -jes.

Lobberen, lobberde, heeft gelobberd.

Lobberig, lobberiger, lobberigst.

Lobbes, M., lobbesen.

Lobbig, lobbiger, lobbigst.

Loboor, M., -ooren.

Locaal (plaatselijk), locale.

Locaalspoorweg, M., -spoorwegen.

Locaaltrein, M., -treinen; -treintje, O., -jes.

Localiteit, V., localiteiten.

Locomobiel, V., locomobielen.

Locomotief, V., locomotieven.

Lodder, M., lodders.

Lodderen, lodderde, heeft gelodderd.

Lodderig, lodderiger, lodderigst.

Loeder, M., loeders.

Loef, V.

Loefbalk, M., -balken.

Loefboom, M., -boomen.

Loefgierig.

Loefhouder, M., -houders.

Loefwaarts.

Loefzijde, V.

Loeien, loeide, heeft geloeid.

Loensch.

Loep, V., loepen. Loepje, O., -jes.

Loer (lomperd), M., loeren.

Loer (het loeren), V.

Loeren, loerde, heeft geloerd.

Loeres, M., loeresen. Loeresje, O., -jes.

Loergat, O., -gaten.

Loeroogen, loeroogde, heeft geloeroogd.

Loerplaats, V., -plaatsen.

Loervogel, M., -vogels.

Loet, V., loeten.

Loeven, loefde, heeft en is geloefd.

Loevert en Loever (Te -).

Lof, M.

Lof, O. Zie Loof.

Lof (kerkwoord), O.

Lofdicht, O., -dichten.

Loffelijk, -lijker, -lijkst.

Lofgalm, M., -galmen.

Loflied, O., -liederen.

Lofpsalm, M., -psalmen.

Lofrede, V., -redenen.

Lofredenaar, M., -redenaars.

Lofspraak, V., -spraken.

Loftrompet, V., -trompetten.

Loftuiting, V., -tuitingen.

Lofwaardig, -waardiger, -waardigst, of meer en meest -waardig.

Lofwaardigheid, V.

Lofwerk, O.

Lofzang, M., -zangen.

Log, logger, logst.

Log, V., loggen.

Logarithme, V., logarithmen.

Logarithmentafel, V., -tafels.

Logboek, O., -boeken.

Loge, V., loges.

Logé, M. en V., logé's.

Logeabel.

Logeeren, logeerde, heeft gelogeerd.

Logeergast, M. en V., -gasten.

Logeerkamer, V., -kamers; -kamertje, O., -jes.

Logement, O., logementen. Logementje, O., -jes.

Logementhouder, M., -houders.

Logen, enz. Zie Leugen, enz.

Logenstraffen, logenstrafte, heeft gelogenstraft.

Loggen, logde, heeft gelogd.

Logger, M., loggers. Loggertje, O., -jes.

Loggerschip, O., -schepen.

Logglas, O., -glazen.

Logheid, V.

Logica, V.

Logies, O.

Logisch.

Loglijn, V., -lijnen.

Logplankje, O., -plankjes.

Lok, V., lokken. Lokje, O., -jes.

Lokaal (vertrek), O., lokalen. Lokaaltje, O., -jes.

Lokaalhuur, V.

Lokaas, O.

Lokbrood, O. Lokbroodje, O., -jes.

Lokduif, V., -duiven.

Lokeend, V., -eenden.

Loket, O., loketten. Loketje, O., -jes.

Loketkast, V., -kasten.

Lokfluitje, O., -jes.

Lokken, lokte, heeft gelokt.

Lokkig, lokkiger, lokkigst.

Lokmees, V., -meezen.

Lokspijs, V., -spijzen.

Lokvink, M., -vinken.

Lokvogel, M., -vogels.

Lol, V. Lolletje, O., -jes.

Lollen, lolde, heeft gelold.

Lollepot, M., -potten.

Loller, M., lollers.

Lombard en Lomberd. Zie Lommerd.

Lombarden en Lomberden. Zie Lommerden.

Lommer, O.

Lommerd (ook Lomberd en Lombard), M., lommerds.

Lommerdbriefje, O., -jes.

Lommerden (ook Lomberden en Lombarden), lommerde, heeft gelommerd.

Lommeren, lommerde, heeft gelommerd.

Lommerig, lommeriger, lommerigst.

Lomp, V., lompen. Lompje, O., -jes.

Lomp, lomper, lompst.

Lompenbak, M., -bakken.

Lompengaarder, M., -gaarders.

Lompenkoopman, M., -kooplieden.

Lompenkramer, M., -kramers.

Lompenmand, V., -manden.

Lompenpakhuis, O., -pakhuizen.

Lompenschuur, V., -schuren.

Lompenzak, M., -zakken.

Lompenzolder, M., -zolders.

Lomperd, M., lomperds. Lomperdje, O., -jes.

Lompheid, V., -heden.

Lompigheid, V., -heden.

Long, V., longen. Longetje, O., -jes.

Longengymnastiek, V.

Longontsteking, V., -ontstekingen.

Longtering, V.

Longziekte, V., -ziekten.

Lonk, M., lonken. Lonkje, O., -jes.

Lonken, lonkte, heeft gelonkt.

Lonker, M., lonkers.

Lont, V., lonten. Lontje, O., -jes.

Loochenaar, M., loochenaars en loochenaren.

Loochenen, loochende, heeft geloochend.

Loochening, V., loocheningen.

Lood (metaal), O.

Lood (gewicht), O., looden. Loodje, O., -jes.

Loodachtig, -achtiger, -achtigst.

Loodazijn, M.

Loodboom, M., -boomen.

Looden (bnw.).

Looden, loodde, heeft gelood.

Loodgieter, M., -gieters.

Loodgieterij, V., -gieterijen.

Loodglans, O.

Loodglit, O.

Loodhoudend.

Looding, V., loodingen.

Loodkleur, V.

Loodkleurig.

Loodkoliek, V.

Loodlijn, V., -lijnen; -lijntje, O., -jes.

Loodoxyde, O.

Loodrecht.

Loods (persoon), M., loodsen.

Loods (houten gebouw), V., loodsen. Loodsje, O., -jes.

Loodsen, loodste, heeft geloodst.

Loodsgeld, O., -gelden.

Loodskotter, M., -kotters.

Loodsmannetje, O., -mannetjes.

Loodsmansboot, V., -booten.

Loodsmanswater, O., -waters.