Van Schooljongen Tot Koning Een Verhaal Samengesteld Uit De Aan
Chapter 27
De Hertog drong zijn tegenstander steeds meer achteruit, zoodat deze bijna de omheining van het afgezette terrein had bereikt.
De Czernovische toeschouwers zagen angstig toe; dit wijken was een slecht teeken.
"Onze kampioen is lang niet meer zoo sterk als toen we hem in de schermzaal zagen," zei Radzivil verschrikt.
"Bah! mijn beste Radzivil," zei Zabern vol vertrouwen, "zie je niet dat hij den Hertog uitput? Bora is dom met zoo z'n kracht te verspillen. Dit is te hevig dan dat 't lang kan duren. Ah! wat zei ik je? Het eerste bloed is voor ons!"
De Hertog was een oogenblik te roekeloos geweest, en had van Felix een steek in de zijde ontvangen die enkele millimeters diep was. Dit was zoo vlug geschied, dat bijna niemand 't had gezien, ofschoon allen toekeken.
"De Hertog is gewond!"
"Hij is niet gewond!"
De twijfel verdween, toen zich op Bora's wit hemd een kleine roode vlek vertoonde, die zich langzaam uitbreidde.
Zabern glimlachte boosaardig bij het zien van den woedenden Hertog, die wel een stier in een Spaansche arena leek, wiens huid door de eerste banderillo wordt doorboord. Hij keek tegelijk verwonderd en ongeloovig, niet begrijpend hoe zoo iets hem gebeuren kon.
Dit was de eerste wond die hij als duellist ooit bekomen had, en zijn gevoel van overmacht was door die omstandigheid meer geknakt dan de pijn het doen kon. Maar weldra herstelde hij zich, en het gebeurde deed hem dubbel op zijn hoede zijn.
Het behendig gebruik dat Felix van een onachtzaamheid van zijn tegenstander had gemaakt, wekte het vertrouwen der patriotten in verhoogde mate op, tegelijkertijd een gevoel van verslagenheid bij de Moscoviten teweeg brengend.
De Hertog ging nu omzichtiger te werk, en zoo ontstond een waarlijk schitterende tentoonspreiding van schermkunst, die ieders bewondering wekte.
Elke beweging der klingen werd met vreezen en beven waargenomen, vooral door de Czernoviërs, die wisten dat dit gevecht tusschen vrijheid en despotisme zou beslissen.
Vele der aanwezige dames, die het gevecht nauwelijks durfden aanzien, verborgen haar gelaat in de handen, om het dan weer, door een verschrikkelijke nieuwsgierigheid gedreven, naar het tooneel van den strijd te keeren. Sommigen zagen toe met den zakdoek voor den mond gedrukt, om de angstkreten te smoren die de duellanten gehinderd zouden hebben. De vreeselijke ontroering deed er verscheidenen flauwvallen.
Er scheen een wending ten gunste van Felix te ontstaan. Hij begon den Hertog, wiens kracht slonk, achterwaarts te dringen. Opeens, toen de Hertog zich sterk op zij boog, om een slag te ontgaan dien hij niet had kunnen afweren, verloor deze het evenwicht en viel, terwijl Felix hem op hetzelfde oogenblik het zwaard uit de hand sloeg.
En daar lag hij, op een knie geleund, weerloos, overgeleverd aan de genade van zijn tegenstander.
Felix' gevoel van ridderlijkheid weerhield hem den noodlottigen slag toe te brengen.
"Ik vermoord geen ongewapende," zei hij.
"Wat een dwaasheid is dit!" riep Zabern, toornig opspringend. "Spaarde hij uw broer? Zou hij u sparen als gij daar in zijn plaats lag? Het is nu geen tijd om edelmoedig te zijn. Sla toe!"
Bora bewoog zich niet; sprakeloos van schrik wachtte hij zijn einde af.
Maar Felix bleef weigeren.
"Doodt hem, doodt hem! Sla toe!" riepen de Czernoviërs.
De tuin weerklonk van woedende kreten. Zelfs zachtmoedige vrouwen, door de opwinding van het oogenblik meegesleept, deelden in de dreigende kreten der mannen. Om zich heen ziende, ontwaarde Felix niets dan een zee van wuivende handen en hoorde hij slechts stemmen die hem aanmoedigden tot den laatsten slag.
"Genade mag niet verleend worden!" riep een stem.
"Het duel is op leven en dood!" riep een ander.
Maar Felix bleef onbewegelijk. Vechten wilde hij--moorden niet.
De Czaar maakte van deze gelegenheid gebruik om de autoriteit van zijn woord in de schaal te werpen, en op zijn voorstel herkreeg de Hertog zijn sabel, en begon het duel opnieuw.
De Russischgezinden herademden. Hun kans was weer vergroot.
"Het is een schande," mompelde Zabern. "Nu heeft hij nieuwe kracht opgedaan."
Gedurende dit intermezzo had Bora meer dan eens den Czaar aangekeken, als smeekend om diens tusschenkomst. Maar de Keizer zat onbewegelijk als een beeld, en deed of hij de zwijgende vraag niet verstond. Hij wilde dit zoo zorgvuldig ineengezet plan, om de Prinses uit den weg te ruimen, niet zoo gemakkelijk laten varen. Ook al zou de Hertog er het slachtoffer van worden. Wee den man, die den Czaar in zijn val meesleept! Bora's hart kromp ineen bij het zien van 's Keizers onbewegelijk gelaat.
De strijd ging nu zijn laatste beslissende periode in.
Er was geen twijfel meer; alle aanwezigen wisten dat het nog slechts een kwestie van tijd was die hier uitgevochten werd.
En de Hertog wist dit het best van allen. Zijn zelfvertrouwen begaf hem. Hij streed niet meer voor een kroon--hij streed voor zijn leven.
Hij deed geen poging om Felix aan te vallen. Waarom zou hij ook? Hij kon niet meer doen dan hij gedaan had. Telkens en telkens had hij zijn tegenstander trachten te bereiken, en met een enkel sierlijk gebaar had deze elken houw afgeweerd. Er was geen mogelijkheid meer om den dood te ontsnappen, tenzij Felix een onvoorzichtigheid beging, die van zijn vaste hand en zijn scherp oog moeielijk te verwachten viel.
Meer en meer werd Bora achteruit gedrongen, totdat zijn rug ten laatste het koord raakte waarmee het veld was afgesloten; toch zou hij nog verder moeten wijken wilde hij de sabelpunt ontgaan, die, snel en doodelijk als de tong van een slang, onophoudelijk op enkele centimeters van zijn gezicht en zijn borst glinsterde.
Zijn krachten vloeiden snel heen; zijn arm was uitgeput door het voortdurende afweren; hij snakte er naar het zwaard weg te werpen en om genade te smeeken. Het was een verschrikkelijk schouwspel.
Terwijl de zweetdruppels hem het gezicht benamen, worstelde hij steeds voort, totdat ten slotte het eind kwam.
Met een laatste wanhopige poging hief hij den arm hoog op om Felix een slag op het hoofd toe te brengen, waarvoor hij al de hem gebleven spierkracht verzamelde. Maar snel als de gedachte maakte Felix gebruik van het doel, dat Bora's breede, onbeschermde borst nu aanbood; den sabel horizontaal vooruitbrengend, bracht hij den Hertog een steek toe die de borst doorboorde en, onder den linkerschouder door, in den rug uitkwam.
Bora's armen sloegen met een wilden zwaai omhoog, zonder den slag te hebben toegebracht; zijn sabel viel rinkelend op den grond; hij uitte slechts een zucht, en toen gleed zijn lichaam als een vormlooze massa op den grond.
"Nu, er is mooi gevochten!" zei Zabern.
Een daverende triomfkreet steeg uit de rijen der Czernoviërs op, eenige seconden later door een geweldig juichen van de buitenstaande bevolking gevolgd, toen de witte vlag langs den stok omhoog gleed, de overwinning van Elizabeth's kampioen verkondigend.
NEGEN EN TWINTIGSTE HOOFDSTUK.
EIND GOED, AL GOED.
De kroning gaat door.--Czernovië is vrij!--Felix wordt Prins-Gemaal.--Felix en Elizabeth doen afstand van den troon.--Robert Rensma, President der Oranje-Republiek.--
Toen de Czaar zijn nederlaag begreep, nam zijn gelaat een oogenblik een uitdrukking van smartelijke verslagenheid aan. Maar hij wist zich onmiddellijk te beheerschen, liet het lijk van den Hertog met een doek bedekken en wegbrengen, en sprak toen:
"Het woord van den Czaar is heilig. Elizabeth is de wettige vorstin van Czernovië; een nieuw Charter van mijn hand zal voor nu en eeuwig de volkomen onafhankelijkheid van dat Rijk erkennen en verzekeren. Laat de kroning voortgang hebben."
Nauwelijks had hij deze woorden gesproken, of Prinses Elizabeth, die de blijde tijding door een boodschapper van Zabern ontvangen had, kwam door de kerkdeur naar buiten. Recht op Felix toegaande, reikte zij hem de hand, en dit gebaar was welsprekender dan de langste proclamatie had kunnen zijn. Alle aanwezigen wisten het: daar stonden de Prins en de Prinses van Czernovië! Geen ander dan zij beiden zou hen regeeren.
En terwijl de juichkreten der in den tuin verzamelde menigte nog niet waren weggestorven, terwijl de Moscoviten deels zwijgend toezagen, deels haastig en langs afgelegen straten naar hun huizen terugslopen, begonnen opeens alle kerkklokken der stad met jubelenden galm te luiden, en vreugdeschoten overstemden het hoera-geroep dat door heel Slavowitz weerklonk.
Verrast zag Elizabeth op. De hekken van den grooten tuin werden opengeworpen, ja ingedrukt, en het volk stormde binnen, wierp zich aan de voeten van Felix en Elizabeth, riep honderdduizendstemmig:
"Leve de Prins! Leve de Prinses!"
En Zabern, als altijd bedacht op den vragenden blik van Elizabeth, dien zij in zulke gevallen op hem richtte, zei met een glimlach:
"Heel Slavowitz weet reeds, Prinses, dat gij uw aanstaanden Gemaal den titel: Prins van Czernovië hebt verleend."
"Maar--hoe kan men dat weten? Ik heb mij in dien geest geheel niet uitgelaten, nog minder eenig besluit geteekend!"
"Neen Prinses," antwoordde Zabern rustig, "maar u zou het ongetwijfeld spoedig doen. Daarom heb ik er maar op gerekend. Sedert een week lagen tienduizend proclamaties gereed, vijfduizend om het volk uw verloving mede te deelen, even zoo veel om de benoeming van uw Gemaal tot Prins bekend te maken. Door een uitstekende regeling dezer aangelegenheid is 't me mogelijk geweest deze proclamaties binnen een half uur overal te doen aanplakken."
Elizabeth kon niet nalaten te lachen. Zabern moest toch altijd zulke eigenmachtige dingen doen! Maar ze was het van hem gewend en kon het hem ook niet kwalijk nemen. Alleen zei ze, half schertsend, half verwijtend:
"En als de Hertog van Bora het duel gewonnen had?"
"Dan had ik de proclamaties bewaard voor een gunstiger oogenblik, Prinses. Want Czernovië mocht Russisch worden--zoolang Zabern leefde, zou het nooit Russisch _blijven_!"
Dit antwoord was Zabern waardig, en diep geroerd drukten Elizabeth en Felix hem zijn linker en eenige hand.
Inmiddels had de Czaar bevelen gegeven om het St. Nicolaasklooster, om welks bezit reeds eenige kleine schermutselingen hadden plaats gegrepen, te ontruimen, en het Russische leger de grens te doen verlaten. Alleen een klein escorte bleef achter om den Czaar uit te geleiden.
Hoewel het Elizabeth nu louter een vorm leek, en ook de toeschouwers, die hun plaatsen in de kerk weer hadden ingenomen, de plechtigheden meer bijwoonden om van het gelukkig einde der gebeurtenissen getuige te zijn, dan wel om de waarde die zij er aan hechtten, besloot men de kroning niet uit te stellen, en in handen van den Czaar legde Elizabeth den kroningseed af.
Een half uur na die plechtigheid had de Russische Keizer het grondgebied van Czernovië verlaten, zonder dat velen zijn heengaan betreurden.
Het was een veelbewogen dag geweest, en aan den maaltijd ten Paleize, waar de Prinses, behalve haar toekomstigen Gemaal, Zabern, Radzivil, Dorislas en Rob genoodigd had, werd natuurlijk over niets anders gesproken dan over den angst en de spanning waarin men sedert dien morgen verkeerd had.
Ieder op zijn beurt werd aan het woord gelaten om zijn aandeel in de gebeurtenissen, of zijn oordeel erover mee te deelen.
Zabern, anders weinig spraakzaam, was uitgelaten als een kwajongen; tot groot vermaak der aanwezigen deed hij een uitvoerig verhaal van het ingewikkeld netwerk van listen en lagen, dat hij gesponnen had om de tegenpartij te verschalken, en men bewonderde opnieuw de geestkracht en de onvermoeibaarheid van dezen man, die, wanneer het noodig was, zich den tijd niet gunde tot slapen of eten, die zich om zoo te zeggen op tien plaatsen tegelijk vertoonde, en die maanden vooruit zag naderen, wat voor anderen nog verborgen bleef wanneer ze er vlak voor stonden. Hoe ruw en roekeloos deze man soms zijn mocht, hij bezat ongeëvenaarde verdiensten, en zonder hem zouden de dingen ongetwijfeld geheel anders geloopen zijn dan nu het geval was geweest.
De held van den dag was natuurlijk Rob.
Hij moest omstandig vertellen hoe hij het Russische duplicaat van het Charter machtig was geworden, en op zijn gewone bescheiden wijze deed hij dit.
Toen de Maarschalk hem den dag voor Felix' vertrek had meegedeeld, dat de zes mannen van "De Vogel" zich in het Paleis bevonden, had hij opeens begrepen dat niemand beter dan zij hem behulpzaam konden zijn bij de uitvoering van een plan, dat hem reeds lang bezighield.
Hij had namelijk terecht ingezien, dat al de moeielijkheden waarin Czernovië verkeerde, haar brandpunt hadden in het ontbreken van het Charter, het onmiskenbare bewijs van 's lands onafhankelijkheid. Kon men dit terugbezorgen, dan zou reeds veel gewonnen zijn, vooral wanneer het volkomen in 't geheim geschiedde. Natuurlijk was hierop maar éen weg: het duplicaat, dat in de Archieven van het Kremlin moest berusten, machtig te worden. Wel had Orloff verzekerd dat men in Rusland dit duplicaat tevergeefs had gezocht, maar aan het leugenachtige van deze verklaring bestond geen twijfel. Er bleef een groote kans over, dat men zekerheidshalve het duplicaat vernietigd had, doch waar slechts van een mogelijkheid, niet van een zekerheid sprake was, zou het onverantwoord zijn geweest het bestaan van die mogelijkheid niet nader te onderzoeken. In een zaak van zulk een gewicht als deze behoorde men zich aan een stroohalm vast te houden, en zelfs de gewaagdste pogingen niet nalaten, zoodra ze slechts een vage kans op succes hadden.
Zabern was dit geheel met Rob eens, en hij verklaarde, toen deze zoo ver met zijn verhaal was gevorderd, dat hij nu niet begrijpen kon zelf dat denkbeeld gemist te hebben. Bij gebrek aan een Charter er een te maken, dat was dadelijk in hem opgekomen, maar geen oogenblik had hij den inval gehad om een onderzoek naar het bestaan van een duplicaat in te stellen. Hij bracht Rob in de vleiendste bewoordingen lof, en verzekerde de aanwezigen, dat zijn leerling hem binnen enkele jaren ongetwijfeld over het hoofd zou groeien.
Rob vroeg dus Zabern, zoodra deze hem de aankomst der zes Turksche gevangenen had bericht, dadelijk bij hen toegelaten te worden. Hij nam La in het geheim, en deze had wel ooren naar zijn voorstel. Om te beginnen moesten ze allen trachten zoo gauw mogelijk hun schuilplaats in de Himalaya te bereiken; eenmaal in het bezit van hun voorraden en hulpmiddelen, zouden ze gemakkelijker kunnen overleggen wat hun daarna te doen stond.
Op het punt van te vertrekken, voegde Felix zich bij hem en de omstandigheid dat hij genoodzaakt was Czernovië te verlaten, gaf Rob aanleiding om zich niet langer tegen zijn meegaan te verzetten. Felix werd nu met de plannen in kennis gesteld, en toonde zich daar zeer mee ingenomen.
In hun schuilplaats aangekomen, gingen ze dadelijk aan het werk. Er lagen groote voorraden monum, ook waren er talrijke instrumenten en machinerieën beschikbaar, en op La's voorstel werd terecht het eerst gezorgd een kleine vliegmachine gereed te maken. De nieuwe, verbeterde "Vogel," waarvan La in de gevangenis het ontwerp al geheel gereed had gemaakt, was een kwestie van later zorg.
Toen een vliegmachine voor twee personen gereed was, zetten Rob en Felix daarmee rechtstreeks koers naar Moskou. Hun taak werd daar spoediger volvoerd dan ze dachten. Des avonds op het dak neergekomen, vonden ze weldra hun weg naar de Archieven. Alle afsluitingen te doen smelten met een verbeterde thermiet-samenstelling was slechts een kleine moeite. Elke afsluiting week voor hun pogingen. Enkele personen, die hun in den weg traden, moesten ze met hun gaspistolen bedwelmen, maar overigens ondervonden ze geen tegenstand. Het zoeken naar het Charter kostte den meesten tijd, en telkens stootten ze op groote bundels papieren, die nagebladerd moesten worden en geen van allen het begeerde bleken te bevatten. Totdat Rob eindelijk een ijzeren kistje vond, waaruit tot hun groote vreugde het waardevolle document te voorschijn kwam!
Het was inmiddels 14 September geworden, en de vliegmachine moest haar grootste snelheid ontwikkelen om tijdig haar doel te bereiken.
De groote opgewondenheid die in de stad heerschte leidde de aandacht van hun neerdaling, die trouwens op een verlaten weiland plaats had, af. Ze brachten den toestel in veiligheid, en Rob snelde naar de kerk, waar hij in het laatste oogenblik, maar juist op tijd, aankwam. Het overige weet men. Felix, die zijn vermomming had afgelegd, was, van de verwarring gebruik makend, de kerk binnengedrongen, en had rustig het tijdstip afgewacht om zijn slag te slaan.
Zoo was dus door het optreden dezer beide mannen Czernovië gered, en het lijdt geen twijfel of de geschiedboeken zullen hun namen met dankbaarheid en eerbied vermelden.
Tegen het eind van het maal verrichtte Elizabeth een daad van edelmoedigheid, door den Commandant Miroslav en den generaal Trevisa te doen ontbieden en hen, wegens het nationale feest dat heden gevierd werd, gratie te verleenen. Dit liet niet na vooral op Miroslav een goede uitwerking te oefenen, en hoewel in een andere, minder verantwoordelijke betrekking, bleef hij nog lange jaren het land uitstekende diensten bewijzen.
Toen door de berichten in de nieuwsbladen de geheele en juiste toedracht der gebeurtenissen bekend werd, nam de geestdrift, en daarmee de populariteit van Elizabeth, Felix en Rob, steeds toe.
Er werden herhaaldelijk ovaties aan het Paleis gebracht, en zoodra een der drie genoemde personen zich in het openbaar vertoonde, kwam er geen einde aan de toejuichingen en het eerbetoon.
Elizabeth, door Zabern geleid, begreep terecht, dat van deze stemming een krachtig en beleidvol gebruik moest worden gemaakt.
Er werden nu talrijke hervormingen ingevoerd, die uitstekende gevolgen bleken te hebben, en daar, door den dood van Kossuth, het met dezen gesloten verdrag van onwaarde was geworden, kwam een groot gedeelte van het verzamelde geld weer vrij. Maar voor zoover dit door Czernoviërs was bijeen gebracht, wilde geen hunner van terugname weten, en ettelijke millioenen vloeiden daardoor in de staatskas, waarvan een richtig gebruik het land niet anders dan ten goede kon komen.
De Czaar, het moet tot zijn eer gezegd worden, toonde al den eerbied en de bewondering waarop een vorstin als Elizabeth recht had. Hij zond een nieuw Charter en gaf tevens de meest volledige waarborgen voor de duurzame onafhankelijkheid van het land, dat hij zoo ernstig had bedreigd. Uit de dagbladen weten we allen, dat door toedoen van Koningin Wilhelmina het Congres te 's-Gravenhage, van 1 December 1902, bijeengeroepen werd, waarop alle groote Mogendheden de onafhankelijkheid van Czernovië erkenden, zoodat ook de laatste vrees voor vreemde inmenging is verdwenen. Bovendien is het thans bekend genoeg, dat Czernovië, door zijn sterke, zedelijk hoogstaande organisatie, tegenwoordig een voorbeeld vormt voor andere beschaafde landen, dat van heinde en ver geleerden worden uitgezonden om zijn staatsinstellingen te bestudeeren, en dat het een aanbeveling en een eer is voor iedereen, te kunnen zeggen dat hij aan een Czernovische universiteit zijn opleiding genoot.
Den 28en September had het huwelijk van Felix en Elizabeth plaats, nadat daags te voren, in allen eenvoud, Zabern en Katina in den echt verbonden waren.
Het zou te ver voeren, het huwelijk van den Prins en de Prinses uitvoerig te beschrijven; men begrijpt trouwens dat deze plechtigheid alle van dien aard verre overtrof. Zij kenmerkte zich echter door een gebeurtenis, die hier niet onvermeld mag blijven.
Toen, onder het bruisen van het orgel, de feeststoet de kerk verliet, daalde plotseling van hoog uit de lucht een regen van bloemen op het rijtuig neer, waarin Felix en Elizabeth hadden plaats genomen. Verbaasd richtten zich aller oogen naar boven, en--daar zag men hoe een groot, sierlijk gebouwd luchtschip, met vlaggen in de Czernovische kleuren rijk getooid, snel daalde, om op eenige meters boven den grond onbewegelijk te blijven hangen.
Het was De Vogel!
Dit door La zoo kunstig vervaardigde, volmaakte luchtschip, was bestemd de vraag van den bestuurbaren ballon volkomen en schitterend op de lossen, en daarmee ook een sociale kwestie van het hoogste belang. Want met die uitvinding waren de grenzen, die tot nog toe de volkeren scheidden, als het ware weggewischt. Afstanden, natuurlijke hinderpalen bestonden niet meer; straks zouden alle natiën éen worden, verbroedering, samenwerking en eenheid zouden alle partijtwisten, allen haat en elke onverdraagzaamheid doen ophouden. De periode van wereldvrede en naastenliefde was aangebroken!
Den 8sten October kwamen Felix en Elizabeth van hun reis terug en toen werd Czernovië verrast door een onverwacht bericht.
De Prins en de Prinses deden afstand van de regeering!
In het eerste oogenblik kon niemand aan de waarheid van dat besluit gelooven. Maar weldra verkondigde een proclamatie, dat de geruchten waarheid bevatten.
Zeer lang en ernstig hadden Felix en Elizabeth dit plan besproken en overdacht. Ze voelden zich beiden zeer aangegrepen door de snelle opeenvolging van schokkende gebeurtenissen der laatste tijden; niet alleen maakte een dringende behoefte aan rust en afzondering zich van hen meester, maar ook begrepen ze dat een jongere kracht beter dan zij het werk zou kunnen voleindigen, waarvan zij de vaste en onomstootelijke basis hadden gelegd. De Russische elementen hadden zich hoe langer hoe meer uit Czernovië teruggetrokken, de onafhankelijkheid van het land was onaantastbaar, hun taak kon als geëindigd beschouwd worden. Bovendien was naar hun vaste overtuiging de terugkeer tot de republiek het ideaal, dat voor Czernovië moest nagestreefd worden; ook dat zou bereikt worden door afstand te doen, en een verkiezing voor een President uit te schrijven. Wat hun persoonlijke keuze betreft, deze kon niet twijfelachtig zijn.
De proclamatie, waarin de afstand werd medegedeeld, omschreef uitvoerig de redenen die daartoe geleid hadden, en hoewel niet allen zich daar volkomen mee konden vereenigen, velen zelfs trachtten Felix en Elizabeth van hun besluit terug te brengen, moest men zich ten slotte gewonnen geven.
De verkiezing werd uitgeschreven.
Niets belette, die volgens de wetten van het land te doen houden, want de republiek bestond feitelijk nog, de constitutioneele gebruiken die langzamerhand waren ingeslopen hadden van Czernovië slechts in naam een vorstendom gemaakt. De titels, aan Elizabeth en Felix gegeven, waren in den grond niets dan een uiterlijke vorm, een door een bevriend vorst verleende waardigheid, waarmee de Czernovische wetten niets te maken hadden. De omstandigheden hadden tot dezen abnormalen toestand geleid, de oorspronkelijke regeeringsvorm was er echter in zijn wezen niet door veranderd.
Maar het volk, verblind door de praal, waarmee het in den laatsten tijd was geregeerd, wilde deze dingen niet zoo kalm overdenken.
Toen door Felix en Elizabeth als candidaat voor den Presidentszetel Rob werd aanbevolen, de man die Czernovië gered had, was de verkiezing vrijwel overbodig. Men stemde als éen man op hem. Maar toen hij met bijna algemeene stemmen was gekozen, wilde het geestdriftige volk hem tot Koning uitroepen. Wat men ook deed, hoe Rob zelf ook telkens weer verklaarde die hooge waardigheid niet te begeeren, ze zelfs voor het land ongewenscht te vinden--het volk liet zich niet overtuigen. Het sprak hardnekkig van den "Koning," de dagbladen noemden hem in hun berichten "Robert I, Koning van Czernovië."
Zabern, de man van den ouden stempel, had wel graag gezien, dat Rob zich dit Koningschap had laten welgevallen. Maar Felix en Elizabeth waren 't met den "Koning" eens, dat het 't beste zou zijn deze vlaag te laten uitwoeden, en dan geleidelijk het volk te overtuigen van de zegeningen, die een republikeinsch bestuur zou brengen.