Uit de ontwikkelingsgeschiedenis van het Menschelijk Denken, Deel 2 van 2
Part 21
Uit dit beeld moge vooral blijken, dat het psychisch monisme niet gelijk is met het spinozisme, maar nog veel minder--wat ook wel eens gebeurt--met het lijnrecht er aan tegengestelde materialisme mag verward worden.
Strong en Heymans leggen er nog den nadruk op, dat het psychisch monisme de eenvoudigste verklaring is, eenvoudiger dan de andere hypothesen, en een zeer geschikte werkhypothese.
"Ik zal de laatste zijn om te beweren, dat (het) helder tot den bodem en ontdaan van alle moeilijkheden is. Maar het is op gezonde wijsgeerige beginselen gebaseerd; het stelt ons, als geen andere hypothese in staat, de feiten te construeeren; en zijn moeilijkheden zijn wel duister, maar niet tegenstrijdig" (Strong).
"De theorie van het psychisch monisme is eenvoudiger, dan welke andere ook" (Heymans).
INHOUD VAN DEEL II.
EERSTE AFDEELING.
KANT.
HOOFDSTUK I. Bladz.
LEVEN EN WERKEN 7
§ 1. Leven en persoonlijkheid 7 § 2. Werken en Ontwikkelingsgang 12 De voor-critische periode. Preisschrift. Bewijzen voor 't Godsbestaan. § 3. Werken en Ontwikkelingsgang 17 De Critische periode.
HOOFDSTUK II.
DE KENNISLEER 21
§ 4. Ruimte en Tijd. Inhoud en Vorm 21 § 5. Het ding op zich zelf. Schijn en verschijning 25 § 6. Verstand en Zinnelijkheid 27 Kategorieën. § 7. Ziel, Wereld en God 34 Overzicht van de kritiek der zuivere rede.
HOOFDSTUK III.
PRACTISCHE FILOSOFIE 40
§ 8. Zedeleer 40 Autonomie. De goede wil. Legaal en Moreel. Rigorisme. § 9. Theologie 45 § 10. Staats-rechtsleer. Opvoedingsleer 47
HOOFDSTUK IV.
SLOT 50
§ 11. Schoonheidsleer 50 § 12. Kant's invloed 53
TWEEDE AFDEELING.
DE TIJD VAN DE SPECULATIEVE WIJSBEGEERTE.
§ 13. Voorloopige Opmerkingen 57
HOOFDSTUK V.
FICHTE 60
§ 14. Leven en Werken 60 § 15. Theoretische Filosofie 63 § 15a. Practische Filosofie 66 Zedeleer. Rechtsleer. Huwelijk. Staat. Godsdienst. Geschiedenis.
HOOFDSTUK VI.
SCHELLING EN ZIJN GEESTVERWANTEN 72
§ 16. Schelling 72 Natuurfilosofie. Identiteit. Theologie. § 17. Schelling's geestverwanten 76 Schleiermacher.
HOOFDSTUK VII.
HEGEL EN ZIJN SCHOOL 79
§ 18. Leven en Persoonlijkheid 79 § 19. Methode 81 § 20. Het systeem 84 Logica. § 21. Het systeem (vervolg) 87 De absolute geest. Schema van 't systeem. Kunst. Godsdienst. Wijsbegeerte. § 22. Hegel's School 91 Strauss. Feuerbach. Bolland.
HOOFDSTUK VIII.
SCHOPENHAUER 100
§ 23. Leven en Persoonlijkheid 100 § 24. Leer 109 Kennisleer. Verlossing. Kunst. Ethiek. Invloed.
HOOFDSTUK IX.
HERBART 115
§ 25. Leven. Metafysica. Inleidende Opmerkingen. Leven. Uitgangspunt. Tegenstrijdigheden. Oplossing. Psychologie. Ethica. § 26. Opvoeding. De Herbartsche School. 127 Samenvatting. De paedagogiek als wetenschap in Nederland.
ALGEMEENE SAMENVATTING DER TWEEDE AFDEELING.
SCHEMA EN JAARTALLEN.
DERDE AFDEELING.
DE TIJD VAN HET POSITIVISME.
§ 27. Inleidende Opmerkingen 141
HOOFDSTUK X.
HET FRANSCHE POSITIVISME 147
§ 28. Inleiding 147 De psychologische School. Het autoriteitsbeginsel. Cousin. § 29. August Comte 150 Leven en persoonlijkheid. De drie stadiën. De indeeling der wetenschappen. Sociologie. Godsdienst. Staat.
HOOFDSTUK XI.
HET ENGELSCHE POSITIVISME 163
§ 30. Inleidende opmerkingen 163 § 31. Bentham. James Mill 165 § 32. Thomas Carlyle 171 § 33. John Stuart Mill 178 Leven en Persoonlijkheid. Logica. Het empirisch standpunt. Causaliteit. Denkfouten.
HOOFDSTUK XII.
DE ONTWIKKELINGSFILOSOFIE.
§ 34. Historische opmerkingen 195 § 35. Charles Darwin 198 § 36. Herbert Spencer 206 Leven. Het onkenbare. De ontwikkelingsformule.
HOOFDSTUK XIII.
HET POSITIVISME IN NEDERLAND.
§ 37. Inleidende opmerkingen 222 Kort overzicht van de wijsbegeerte in de Nederlanden. § 38. Opzoomer 226 De Inaugureele oratie. De ervaringswijsbegeerte. Zijn leerlingen. § 39. Multatuli 233
HOOFDSTUK XIV.
HET POSITIVISME IN ANDERE LANDEN 236
§ 40. De crimineele anthropologie Lombroso. De Fransche School. Nederland. Aletrino. § 41. Het materialisme in Duitschland 242 Ontstaan en aard der leer. De groei der natuurwetenschappen en der techniek. De denkers. Moleschott. Vogt. Büchner.
ALGEMEENE SAMENVATTING VAN DE DERDE AFDEELING EN JAARTALLEN 249
VIERDE AFDEELING.
DE HERLEVING DER WIJSBEGEERTE.
§ 42. Inleidende opmerkingen 257 De kentering. Het jaar '80 in ons land. Godsdienst, staatkunde en literatuur. De verandering bij de katholieken. Herleving der Thomistische wijsbegeerte. De universiteiten. Wederopbloei van het idealisme. De natuurwetenschappen. Maxwell. Mach. Wundt. Herleving der Kantstudie. Lange. Cohen. Bellaar Spruyt. v. d. Wijck.
HOOFDSTUK XV.
INDIVIDUALISME EN SOCIALISME.
§ 43. Inleidende opmerkingen 274 § 44. Stirner 276 De jong-Hegelianen. De vrijen van Hippel. § 45. Nietzsche en de Moraal van den Übermensch 280 § 46. Marx en het socialisme 294
HOOFDSTUK XVI.
HET PSYCHISCH MONISME.
§ 47. Fechner 300 Inleidende opmerkingen. F's leven en ontwikkelingsgang. Experimenteele zielkunde. Aesthetica. Aanhangers van 't monisme. Paulsen. Strong. Heymans. § 48. Hoofdtrekken van het psychisch monisme 310 Het bestaan van een buitenwereld. Aard daarvan. Het wereldbewustzijn. De godsdienstfilosofie van 't monisme.
AANTEEKENINGEN
[1] Het is aanbevelenswaard, het met een toelichting te lezen. Die van Vaihinger, voorzoover voltooid, wordt zeer geprezen.
[2] Dat is niet hetzelfde, als het er dikwijls mee gelijkgestelde: Wat gij niet wilt, dat u geschiedt...
[3] Bij een anecdote spannen we ons eerst in om te begrijpen en zien dan ineens dat er niets is. Vandaar ook, dat we om een niet dadelijk begrepen anecdote na uitleg niet lachen: het plotselinge is er af.
[4] Belangstellende lezers verwijs ik naar Haym, "Die Romantische Schule."
[5] Hij ontstond eveneens in ons land na een rede van D. J. v. Lennep over de belangrijkheid van Hollands oudheden voor gevoel en verbeelding.
[6] Misschien komen hier de "Rechten van den Mensch" uit den tijd der Fransche revolutie om den hoek.
[7] De geschiedenis der wijsbegeerte, in korte trekken weergegeven.
[8] Schopenhauer beschouwde het Christendom als pessimistisch, het Jodendom als optimistisch.
[9] Ik weet niet, in hoeverre hier aan Schopenhauer's invloed of aan verwantschap met hem gedacht moet worden, maar het is opmerkelijk, dat in onze tegenwoordige literatuur het thema van de scheiding van geestelijke en lichamelijke liefde, van drift en sympathie, veel voorkomt. En ook de schildering van het "leed van den hartstocht" ontbreekt niet. Vooral de namen van Marcellus Emants en den hem geestverwanten De Meester zijn hier te noemen.
[10] In de ervaring is het enkele zelden gegeven. Bij nader psychologisch onderzoek blijkt dikwijls, dat een schijnbaar enkelvoudige gewaarwording samengesteld is. Een toon op een piano heeft bijv. nog zijn bepaalde bijtonen, waardoor het timbre ontstaat, dat een piano onderscheidt van een ander muziekinstrument.
[11] Schrijver der inleiding tot het Mierenboekje.
[12] De roman: Barthold Meryan van Cornélie Huygens geeft er een aardig beeld van.
[13] In een Duitsch werk leest men: "Heden ten dage leest wel niemand Comte's werken meer. Men vergenoegt zich met een goed betrouwbaar overzicht."
[14] Beroemd historicus, schrijver van een warm boek over de Grieksche geschiedenis, dat ook nu nog waarde heeft.
[15] Dickens, die in zijn romans zoovele Engelsche misstanden gehekeld heeft, geeft op sommige rechtstoestanden interessante kijkjes, bijv. in David Copperfield.
[16] Vertaling met inleiding en aanteekening in de Wereld-Bibliotheek.
[17] Pruisische ridderorde die, behoudens zeer enkele uitzonderingen, alleen aan hoogst verdienstelijke mannen gegeven wordt en daarom nog waarde heeft. In ons land zijn o. a. de prof. De Goeie en Lorentz ridder in die orde. Er zijn een twintigtal buitenlandsche ridders.
[18] Om een denkbeeld te geven van den omvang: de logica, zou, in de Wereld-bibliotheek gedrukt, ongeveer 10 nummers bevatten.
[19] Het dagelijksch leven biedt van Mill's opmerking talrijke, eenvoudige, treffende voorstellingen. Het was vroeger sommige menschen niet mogelijk zich een predikant zonder hoogen hoed te denken.
Het is een Duitscher bijv. bijna niet mogelijk om zich ons openbaar onderwijs zonder godsdienstonderricht voor te stellen.
Tal van ontwikkelde menschen kunnen zich niet losmaken van de idee, dat socialisten "alles willen deelen" of anarchisten alleen bommengooiers zijn.
[20] In de wetenschap verstaat men onder kristallen lichamen, begrensd door een bepaald stelsel van vlakken, die onder bepaalde hoeken op elkaar staan, bijv. kandijklontjes, sneeuwvlokken, zoutkorrels.
[21] Zooals Mill dezen regel toelicht, komt hij niet voor in 't gegeven denken. Hij wordt hier met een wijziging voorgedragen, ontleend aan Heymans: "Gezetse und Elemente des menschlichen Denkens."
[22] Een aardig voorbeeld uit de kinderwereld. "Grootvader gaat vertellen, want hij steekt een pijp op en altijd als grootvader vertelt, rookt hij."
[23] Stel dat men bepleit, dat een drankzuchtig ambtenaar niet ontslagen, maar verpleegd hoort te worden, en dat nu gevraagd wordt: wat nut er in steekt een "dronken vent" te handhaven.
[24] Dit reisverhaal is verschenen in de Wereld-bibliotheek nos. 63-66. De Galapagos eilanden worden beschreven in deel II, Hoofdstuk XVII, pag. 285 v.v.
[25] Een meetkundige reeks is een rij van getallen, waarbij de volgende uit de voorgaande ontstaan door vermenigvuldiging; terwijl dit bij een rekenkundige geschiedt door optelling met een zelfde getal.
[26] De wet van Malthus blijkt niet door te gaan. De productie blijft niet zoo achter bij den bevolkingsaanwas, en deze gaat niet in een meetkundige reeks. Voor Nederland zie men bijv. "De Studies in Volkskracht," onder redactie van L. Simons, waarin Dr. G. W. Bruinsma schrijft: "De wet van Malthus, voor Nederland toegelicht" (Serie I, no. 2).
[27] Foetus--nog niet geboren wezen.
[28] Men wordt hier onwillekeurig herinnerd aan 't geliefkoosde beeld van onzen dichter Van Eeden: de uit donkere slijkmassa's opgroeiende waterlelie.
[29] Een hoogst belangrijk onderzoek is daaromtrent ondernomen door onze landgenooten, de hoogleeraren Heymans en Wiersma. Op denzelfden voet zal dit nu in Schotland nagevolgd worden.
[30] Hierover schreef Dr. Wynandts Francken een Hollandsch werk. Over de ontwikkeling van de straf schreef de Amsterdamsche hoogleeraar Steinmetz (in 't Duitsch).
[31] Ik kan niet nalaten er attent op te maken, hoe dit denkbeeld door Paulsen is opgevat in zijn: "Inleiding tot de filosofie," het bekende werk, dat sedert 1892 14 drukken beleefde.
... Paulsen dan zegt (I, 2, 9):....
"Dit zou algemeen toegestemd worden, wanneer er geen bezorgdheid was, dat er aan Gods Waardigheid iets te kort zou gedaan worden, wanneer Hem het praedicaat van een persoonlijk wezen onthouden bleef. Er zou dan slechts overblijven, hem een onpersoonlijk Wezen te noemen, en daarmee zou hij in de rij der onder-menschelijke wezens gesteld worden.
"Maar deze bezorgdheid heeft geen grond.... Om echter een einde te maken aan die bezorgdheid, zou men God een boven-persoonlijk wezen (über-persönliches Wesen) kunnen noemen, niet om zijn wezen daardoor te bepalen, maar om aan te duiden, dat Gods wezen in de richting van vermeerdering, niet van vermindering van menschelijk-geestelijk leven te zoeken is."
[32] Van Spencer's "Opvoeding" bestaat een Hollandsche vertaling van Leopold.
[33] Afzonderlijk verscheen: J. P. N. Land, De Wijsbegeerte in de Nederlanden. Het werk, door den auteur zelf niet geheel voltooid, is door Mr. Van Vollenhoven voor den druk gereed gemaakt, en bevat ook een belangrijk levensbericht van de hand van Prof. C. Bellaar Spruyt. Lezing zij aanbevolen aan wie zich interesseert voor dit onderwerp.
[34] Zie zijn Samenspraken, door Dr. Singels vertaald in de Wereldbibliotheek, waarin binnenkort ook een vertaling verschijnt van het beroemde: Lof der Zotheid.
[35] Een aardige teekening van een Spinozistisch predikant geeft Schimmel in zijn roman: Sinjeur Semeyns.
[36] Zie Wereldbibliotheek.
[37] Over hem Dr. Laske: Ph. W. van Heusde. 1908.
[38] Zij, die geen Engelsch lezen, of Fransch of Duitsch (Mill is daarin vertaald), zullen met de lezing van Opzoomer's: "De weg der wetenschap" hun voordeel kunnen doen. Het boekje is beknopt en helder. De eerste druk verscheen 1851, de tweede vier weken later. (Amsterdam, Gebhard en Comp.).
[39] Amsterdam, Gebhard en Co. 1859. Ook dit is een helder, beknopt werk.
[40] Metafysica beteekent na de fysica, omdat Aristoteles geschrift over de eerste beginselen nà de fysica geplaatst was.
[41] Zie bijv. het in de Wereldbibliotheek opgenomen werk van Sighele: De menigte als misdadiger.
[42] Lombroso's-theorieën worden vrijwel verlaten. Zoo hij nog geprezen wordt, geschiedt dit om zijn enorme vlijt, zijn groot feitenmateriaal, dat hij verzamelde, maar vooral om zijn stimuleerenden invloed. Tal van geleerden hebben zich intusschen zeer geërgerd aan zijn minder nauwgezette onderzoekingsmethoden, zijn veel te haastige conclusies.
[43] Belangstellende lezers vinden beknopte maar vrij volledige en zakelijke inlichtingen in Klootsema's "Misdeelde Kinderen."
[44] Deze naam werd indertijd voorgesteld door Prof. Van Hamel.
[45] Alois Riehl, Philosophie der Gegenwart.
[46] Vergelijk: De drager der mythologische wereldvoorstelling is de geest der massa, die der wijsbegeerte de geest van den enkeling. (Paulsen.)
[47] J. Th. Beysens schreef de systematische werken (Logica, Criteriologie, Metaphysica, Zielkunde); Aengenent, het Handboek voor de Geschiedenis der Wijsbegeerte. (Amsterdam, v. Langenhuysen).
[48] v. d. Wijck schrijft in Onze Eeuw, Bolland o. a. in De Twintigste Eeuw, De Boer in De Beweging, Heymans in De Gids.
[49] Cursiveering van mij.
[50] Het boek geeft veel méér, dan de titel belooft. Het is een bijna volledige geschiedenis der wijsbegeerte, getuigend van groote en zeer zorgvuldige studie; en kan als een scherpzinnige inleiding tot studie van wijsbegeerte dienen. Goedkoope Duitsche uitgave bij Reclam, duurdere en mooier bij Baeseker, en bij Alfred Kröner.
[51] De indruk, dien het nu nog op jonge Duitsche gemoederen maakt, ziet men bijv. geteekend in Stilgebauers roman "Götz Krafft".
[52] Men hoort soms beweren, ten onrechte, dat Nietzsche heel zinnelijk geweest moet zijn. 'n Man van zoo grooten hartstocht in gevoel en taal zou geen passie gekend hebben!--Intusschen blijkt, dat menschen van zijn type weinig sexueelen hartstocht kennen. (Heymans, Klassificatie v. karakters).
[53] Zij luidt: De gewaarwording is evenredig aan den logarithmus van den prikkel.
[54] Zie Gids 1896. Een laboratorium voor experimenteele psychologie.
[55] Tijdens de correctie lees ik, dat Paulsen op 62jarigen leeftijd te Berlijn overleden is.
[56] Soms komt een zwakke prikkel niet tot bewustzijn of slechts flauw, wijl ze door een grootere belemmerd wordt. We zien bijv. overdag de sterren niet. Bij hevige pijn gevoelt men een klein pijntje niet. In een roezemoezige zaal wordt 't vallen van een speld niet gehoord.
[57] Wel in de Voordrachten der Secties voor Wetenschappelijken arbeid. No. 8.
[58] Wanneer wij met Berkeley zeggen dat "zijn" is "waargenomen worden."
[59] Onder de correctie lees ik, dat de zoon van Charles Darwin in een natuurwetenschappelijke lezing ook het bewustzijn van planten heeft verdedigd.
[60] Ik verwijs naar Fechner's boekje, ook in Hollandsche vertaling verschenen.