Op het Balkan-schiereiland De Aarde en haar Volken, 1909

Chapter 9

Chapter 9708 wordsPublic domain

Noemenswaardige gebouwen zijn bij voorbeeld het Sobranjapaleis en veel mooie huizen in de Tergowskastraat en de Rokowskalaan. Een veelbewonderd monument is dat voor Alexander van Battenberg. Origineele en typische tooneeltjes krijgt men te zien op de markt, als de boeren of Sjops uit de vlakte van Sofia er hun verschijning maken met hun groote mutsen van schaapsvel op het dikwijls tot een staart gevlochten haar; hun vest zonder mouwen, waaronder ze een sierlijk geborduurd hemd dragen en de wijde, bruine broek met banden onder de knie en een gordel om het midden, voorzien van een mes in zijn scheede.

De boerinnen hebben aardige kousen aan van veelkleurige wol; donkere japonnen met een roodwollen boezelaar met zwarte strepen en onder het jakje een van voren en aan de polsen rijkgeborduurd hemd. In het weelderige haar dragen ze munten of bloemen, penningen of linten, terwijl ze druk doen aan armbanden, oorringen en ceintuurs met schildjes van parelmoer of metaal.

In de onmiddellijke omgeving van Sofia valt niet veel te wandelen, want de omringende vlakte is nog al kaal en eentonig, maar er gaan veel wegen van de hoofdstad uit en zij worden in den laatsten tijd met ijver verbeterd. Dat hangt samen met de automobielen, want sedert vorst Ferdinand zich zulk een voertuig heeft aangeschaft, neemt de belangstelling snel toe. Maar toch zal dat nieuwe wel niet dadelijk de lichte victoria's overbodig maken, die als men er een aanroept, bij twee- en drietallen komen aanvliegen in den vluggen draf van hun kleine paardjes.

Wat verder van Sofia ligt Doebnitza op den weg naar Macedonië. De toeristen maken daarheen gebruik van rijtuigen, met vier paarden bespannen, waar veel bagage en proviand op kan worden meegenomen. Eerst heeft men dan Sint-Jan van Rilo, dat men bereikt na eerst onder den Vitosj langs te zijn gereden over Wali Effendi, Kniajevo, Wladaïa en Boïana, waarbij de paarden wonderen van behendigheid vertoonen bij het beklimmen van de zandige hellingen en niet minder bij het dalen.

Men laat op den weg naar Doebnitza den spoorweg naar Radomir rechts liggen, rijdt eerst door koele, boschrijke dalen en daarna over kleine en groote heuvels, waar het zonnig is, en waar riviertjes stroomen, die van den Vitosj komen. Te Krapetz is de tijd gekomen, om eens uit te blazen, en daarna krijgt men een reeks steenachtige kloven en plantenarme terreinen, zoo dor, als de Causses in Midden-Frankrijk.

In de verte verrijst hier het Rilogebergte met zijn besneeuwde toppen, en daarachter, het Rhodope-gebergte. Op de weinige bebouwde velden arbeiden vrouwen, en haar kleine kinderen liggen rustig onder een wilg te slapen. De bulgaarsche hans of herbergen bieden niet veel bijzonders aan. Meestal hangt er een bloedend schaap voor de deur en van binnen is het eenige vertrek alleen verlicht door de vensters zonder ruiten; aan den eenen wand staat een lange houten kist bij wijze van divan; een andere kist is toonbank, en in een hoek staat een wijnvat, een paar flesschen, drie of vier glazen en een weegschaal. Soms liggen op planken langs de muren stukken zeep en allerlei kruidenierswaren, ook wel eieren en boter.

Intusschen moet ieder reiziger erop bedacht zijn, dat hij zelf voor zijn mondvoorraad zorgt, als hij eenige eischen stelt, en in zoo'n geval kan aan de houten kisten met een helder tafellaken bedekt, een zeer goed maal uitstekend smaken.

Over de Koejawo Planina en de Werila Planina gaat het verder naar Doebnitza, een stadje van zes of zeven duizend inwoners, dat een vrij belangrijk middelpunt voor den graanhandel is, en waar de cultuur van tabak ook zeer algemeen is. Maar primitief is het er nog. In de eenige herberg moeten alle reizigers gebruik maken van dezelfde waschgelegenheid, die op de binnenplaats te vinden is. De boeren uit den omtrek vormen er vaak schilderachtige groepen.

Een brug van een enkelen boog, die over een bruisend stroompje voert, is hun een punt van samenkomst en conversatie. Men is hier al dichtbij de turksche grens, dus in het gebied der politieke woelingen, waar de ontevredenen hun Komitadji's hebben gevormd en waar men telkens met revolutionnairen in aanraking komt, dikwijls uitgewekenen uit het turksche gebied, menschen, die gisteren opstandelingen waren en die het morgen weer zullen zijn.

End of Project Gutenberg's Op het Balkan-schiereiland, by Percy E. Henderson