Chapter 38
Terstond besloot de Keizer weder tot een van die gedurfde strategische zetten, welke wij bij Ulm, bij Jena, later nog bij Regensburg van hem zagen. Davoust ontving bevel bij Rassasna vier bruggen over den Dnieper te doen slaan; en terwijl Barclay letterlijk een luchtstoot deed en zoo goed als geen vijand tegenover zich vond, trok de Keizer, gedekt door het woud van Bieski met zijn gansche hoofdmacht over den Dnieper, om Barclay's linkervleugel heen naar Smolensk en stond hier een vol etmaal, voordat de Russische hoofdmacht deze door slechts één divisie van Bagration verdedigde, half in puin liggende plaats, had kunnen bereiken.
Den 17en wordt Smolensk, de Heilige Stad, met haar eeuwenoude, meters dikke muren met alle kracht aangegrepen. Geweldig is de worsteling; de Russen, verreweg de minderheid en eerst later door een deel van Bagrations overige divisiën versterkt, vechten als leeuwen om het behoud hunner stad.--Dat 's Keizers plan Barclay af te snijden van zijn terugtochtsweg en hem naar het noorden terug te werpen niet is gelukt; dat er om Smolensk bijna vier en twintig uur onafgebroken is gekampt; dat Barclay ten slotte in den nacht ongedeerd in de richting van Moskou is kunnen aftrekken, is alleen het gevolg geweest van de weergalooze taaiheid, waarmede Bagrations soldaten, door rijkelijke uitdeelingen van brandewijn nog meer aangevuurd, de verdediging hebben gevoerd o.a. van een circa zes meter dikken baksteenen muur, met een droge gracht en een bedekten weg er voor, die dwars door voorsteden heen de oude stad omsloot.
Eerst in den nacht van den 18en Augustus verliet de Russische achterhoede haar stellingen, nadat ze de voorsteden in brand gestoken en de eenige brug over den Dnieper vernield had. Ney, die onder gestadig vechten met de wijkende troepen vooruitdrong, vond niets dan een gloeienden puinhoop, benevens zeven duizend licht- en zwaargekwetsten, van welke laatsten honderden in die vuurzee den dood vonden.
Het woedende achterhoedegevecht bij Valoutina, dat op den val van Smolensk volgde en o. a. aan generaal Gudin het leven kostte, bewees opnieuw de verbittering der Russen. Was dit gevecht merkwaardig door de houding van Junot, die met zijn korps werkeloos bleef en, hoewel door Ney gewaarschuwd, geen voet verzette om zijn ernstig bedreigde wapenbroeders te ondersteunen, niet minder was dit door de omstandigheid, dat de noodige verbandmiddelen ontbraken en dat stroo, alsmede papier uit Smolensks archieven hiervoor moesten dienst doen.
Weder was het dus niet gekomen tot een slag, zoo beslissend als b. v. die van Friedland; weder was de vijand teruggegaan, gehavend, ja, doch niet overwonnen; weder had de fortuin zich van de Fransche wapenen afgekeerd. De Keizer was thans letterlijk wel gedwongen nog dieper het land binnen te dringen, naar Moskou, in de hoop hier eindelijk een beslissing te doen vallen.
Zwaar was de weg daarheen, geweldig de hitte, zeer onvoldoende de verpleging in die zoo goed als waterlooze, onafzienbare vlakten. Ontzettend was de ellende, geleden door mensch en dier. Soldaten zag men drinken uit het karspoor, waarin even te voren een paard had "gestald." En dan de steden, die werden gepasseerd! Dorogobusch, Wiasma, Ghiat, ze waren allen grootendeels door de inwoners verlaten, half verbrand en in puinhoopen verkeerd.
Toch werd de marsch in breed front onafgebroken voortgezet, de vuurmonden en voertuigen in verscheiden gelederen naast elkaar op den breeden, met vier rijen boomen omzoomden weg; daarnaast in de vlakte de infanterie in divisiecolonne, drie gelederen diep, de cavalerie met escadrons in colonne op de vleugels er naast. Om den trein wat minder reusachtig te maken, beval de Keizer alle particuliere rij- en voertuigen te verbranden, maar dit bevel werd òf niet òf slecht opgevolgd.--Onder zulke omstandigheden naderde de dagelijks zwakker wordende hoofdmacht tegen den 5en September het dorp Borodino, aan den grooten weg naar Moskou.
De voorhoede had hier reeds een rij vooruitgeschoven veldwerken in de nabijheid van het dorp Schiwardino moeten nemen. Alles wees er op, dat het eindelijk zou komen tot een grooten slag.
Ongeveer in de lijn dezer werken begon de Fransche hoofdmacht zich in den morgen van den 7en in slagorde te scharen tegenover de dichte drommen des vijands, die achter de Kologha, een zijriviertje van de Moskowa, hadden stelling genomen, blijkbaar met het voornemen die tot het uiterste te verdedigen. Het legercommando was overgegaan in handen van den ouden, half-blinden maar nog altoos sluwen en vaderlandslievenden volbloed Rus Kutusof, ons van Austerlitz reeds bekend. Barclay de Tolly had moeten zwichten voor den drang der natie, die hem zijn aanhoudend retireeren doch vooral zijn loslaten van Smolensk, de Heilige Stad, niet kon vergeven en die hem bovendien zijn afkomst,--hij was een Koerlander--tot een verwijt maakte, zoo luidde het verhaal; en Kutusof had gezworen, dat Napoleon Moskou's poorten alleen zou naderen over zijn lijk. Hiervoor was hij door Alexander vorstelijk beloond.
Een reeks van open veldwerken, van welke die van Gorki met tal van kanonnen bewapend de geweldigste was, bekroonde de rij heuvels, waarop hij stelling had genomen. Weldra zou blijken, dat hij hier zoo goed als alleen in front kon worden aangegrepen.
HOOFDSTUK XXIII.
Bij Borodino. In Moskou.
In weerwil van een zware verkoudheid, welke hem het spreken bijna belette, zat Napoleon nog vóór half drie in den zadel om de vijandelijke stelling te verkennen. Den vorigen dag had hij het portret van zijn zoon ontvangen en dit, om ook zijn soldaten in de vreugde over dit geschenk van zijn vrouw te doen deelen, tegen den buitenwand zijner tent doen ophangen zoodat allen het konden komen bezichtigen. De geestdrift zijner mannen was hierdoor sterk toegenomen, het vooruitzicht eindelijk eens te kunnen afrekenen met dien gehaten, naar wodka riekenden vijand, die ze nog nooit hadden kunnen vastkrijgen en alleen door roof en brandstichting van zijn tegenwoordigheid had doen blijken, deed het overige!
Een salvo uit wel honderd stukken geschut zou het sein wezen tot den aanval. Tegelijkertijd zou Poniatowski tegen den linkervleugel oprukken en een deel van het korps Davoust tegen het centrum.
't Is bijna zes uur. De dichte, natte nevel, die over het terrein ligt, begint op te trekken. De zon breekt door. Zal 't die van Austerlitz wezen?
Napoleon gaat zitten op het buitentalud van een der veroverde schansen, eerst om drie uur in den namiddag zal hij die plaats verlaten.
Achter hem, gedekt door een veldwerk en een terreinplooi, staat de garde, zooals altoos op dagen van gevecht, in groot tenue. Die grognards, die reeds grijzende veteranen wachten uren lang, scherp lettende op al 't geen op de heuvels vóór hen plaats grijpt. Wanneer zal 't hun beurt worden? Daar dreunt het eerste salvo uit het kanon, doch voor hen geldt dit sein van den aanval nog niet.--Op dezen bloedigen dag zal de garde de beslissing niet brengen. Het commando "Voorwaarts!" zal voor haar niet weerklinken om met een "Vive l' Empereur" te worden beantwoord. Meer nog dan vroeger zal zij daar, bij Borodino weder den naam verdienen van de "Onsterfelijke," door de kameraden van de linieregimenten haar wel eens gekscherend gegeven, omdat zij zelden meer in 't vuur werd gebracht, en de Keizer haar alleen bezigde in uiterste gevallen.--Trillende van krijgsvuur, het gelaat van enkelen door zenuwachtig ongeduld hoogrood gekleurd, moeten die mannen werkeloos toezien, terwijl de divisiën van Davoust en van Ney gindsche schansen vóór hen eerst nemen, dan door een tegenstoot onder gruwelijke verliezen worden teruggeworpen; zij moeten zien, dat ook de krijgers van Eugène tevergeefs stormloopen op het reuzenbolwerk van Gorki, dat geduchte telkens in vuur gehulde centrum des vijands. Een dreunend "Hoera!" ontsnapt aan hun stijf opeengeperste lippen, als Montbruns ruiters eindelijk, in razenden galop gansche afdeelingen infanterie onder den voet rijdende, het ongehoord stoute stuk bedrijven, langs de keel die schans binnenjagen en, eenmaal daar, onder een ontzettend handgemeen de artilleristen op hun eigen stukken beginnen neer te houwen.
Wel sneuvelt hierbij Montbrun zelf; wel slaat een drom van Russische escadrons zijn koene cavalerie onder zware verliezen de schans weder uit, maar de soldaten van Eugène hebben van de hun geschonken kans dapper partij getrokken en de groote schans omsingeld. Om drie uur valt ze in hun handen. Een groot lijkenveld is ze; de dooden en stervenden liggen hier en daar tot een halve manshoogte opgestapeld; daartusschen gewonde paarden, in hun doodstrijd hun eigen meesters de hersenen uit het hoofd slaande.
Op den linkervleugel blijft het pleit lang onbeslist. Toch treedt de garde niet op.--"Waarmede zou ik moeten kampen, als ik morgen werd aangevallen," moet Napoleon geantwoord hebben op een verzoek, om de beslissing door de garde te doen geven. 't Is bijna niet te gelooven.
Om vier uur steeg de Keizer te paard, reed naar het terrein, waarop Ney en Murat nog altoos streden, en keerde eerst tegen zeven uur terug.--"Anders dan gewoonlijk, was zijn gelaat hoogrood gekleurd, zijn haar in wanorde, hij zelf blijkbaar vermoeid," schreef de Bausset, die het portret uit Parijs had overgebracht.
Na drieën waren beide partijen zoo uitgeput, dat het tot groote aanvallen niet meer kwam; de slag verliep in een gruwelijke, doellooze kanonnade, die wel gansche rijen krijgers, op een beperkte ruimte opeengehoopt, met één schot neervelde, en een der oorzaken is geweest van den ondergang der Fransche cavalerie op dien dag,--noodeloos bleef ze, urenlang aan het vijandelijke vuur blootgesteld;--en die eerst met het invallen van het duister een einde nam, doch geen beslissing bracht. Meer dan 28.000 doode en gekwetste Franschen, meer dan 40.000 Russische gevallenen bedekten toen het slagveld.
Evenals bij Smolensk had de Keizer ook hier bijna alleen in front aangevallen. Had hij ginds verzuimd een deel zijner macht den Dnieper te doen doorwaden om Bagration af te snijden van Moskou, hier had hij voor Poniatowski's omvattende beweging een te zwakke macht gebezigd; een defensieve flank van enkele Russische regimenten had aan deze beweging van den Poolschen prins weldra paal en perk gesteld.
De strijd bleef dus onbeslist. Kutusof bivakkeerde op het slagveld en ging den volgenden morgen, gedekt door een sterke achterhoede, terug op Moshaisk. Murat volgde hem met het overschot der cavalerie.--De Keizer bleef dien dag nog bij Schiwardino.--"Hij scheen doodaf van vermoeienis. Van tijd tot tijd klemde hij de handen krampachtig om de knieën en hoorde ik hem steunend: "Moskou! Moskou!" zeggen, verhaalt zijn kamerdienaar Constant.
Langzaam bleef Kutusof teruggaan, trok den 14en 's morgens door Moskou en sloeg den weg in naar Kolomna. De hoofdstad zou niet verdedigd, maar den vijand prijsgegeven worden!
Dit besluit had ten gevolge, dat duizenden inwoners haar in allerijl verlieten. In de voorsteden begonnen reeds rookzuilen op te stijgen.
Langzaam volgde Napoleon zijn vijand, gaf Berthier bevel om al de nog ver achterstaande infanterie en cavalerie naar Smolensk te dirigeeren o. a. ook maarschalk Victor, die aanvankelijk te Berlijn was achtergebleven, doch reeds den 4en September den Niemen eveneens gepasseerd was. Te Smolensk zou hij de kern eener legerreserve vormen en zoo naar Moskou rukken.
Inmiddels had Rusland reeds weken te voren met Turkije vrede gesloten; de hierdoor vrij gekomen troepen onder den admiraal Tschitchagow waren in de richting van Brest op marsch; den 20en September stonden hier 64.000 man. Voor het Fransche hoofdleger begon dus ernstig gevaar te dreigen in zijn rug. Of Schwartzenburg en Reynier sterk genoeg zouden zijn hieraan het hoofd te bieden?
In den avond van den 14en September verlieten de laatste Russische afdeelingen Moskou. Om een doelloos gevecht te vermijden was haar commandant met Sebastiani, die de Fransche voorhoede tijdelijk aanvoerde, overeengekomen, dat de ontruiming ongestoord zou plaats hebben en dat de Franschen eerst twee uur hierna van de stad bezit zouden nemen.
Vreugde en zelfvoldoening stonden op Napoleons gelaat te lezen, toen hij, staande op een heuveltop, de reuzenstad aan zijn voeten zag liggen. Terwijl zijn korpscommandanten in de omstreken een kantonnement of bivak betrokken, Poniatowski b.v. ten zuiden, Davoust en Ney ten westen er van,--Junot was te Moshaisk achtergebleven--zocht de garde haar weg naar het Kremlin, het eeuwenoude paleis der Czaren, een vesting op zichzelve; de Keizer koos zijn nachtkwartier in een der uiterste huizen van de voorstad Dorogomilow.
Op verschillende plaatsen in de stad brandde het toen reeds. Den volgenden morgen vroeg reed de Keizer naar het Kremlin. Geen plaatselijke autoriteiten heetten hem welkom of kwamen hem in ootmoedige houding de sleutels der stad aanbieden. De stad scheen uitgestorven; maar het aantal branden door bandieten en dergelijk gespuis aangestoken, nam gestadig toe, en de meerendeels houten huizen schonken het vuur rijkelijk voedsel. De in stilte op verschillende punten, in magazijnen en winkels opgestapelde lichtbrandbare stoffen en vaten met sterken drank deden het vuur weldra een ontzettenden omvang krijgen, zelfs het Kremlin begon gevaar te loopen. Reeds den 16en lag negen tiende der stad in asch. Napoleon was verplicht zijn verblijf te verlaten en buiten de stad op 't kasteel Petrowski een nieuw onderkomen te zoeken.
Eerst den 18en, toen het vuur grootendeels door gebrek aan voedsel was uitgedoofd, honderden kerels en ontvluchte gevangenen, verdacht van brandstichting, waren opgeknoopt of doodgeschoten en hier en daar vaak nog slechts één enkel gespaard gebleven huis de richting aangaf, waarin eenmaal een lange straat had geloopen, keerde hij naar 't Kremlin terug.
Dat de brand opzettelijk was aangestoken, leed geen twijfel. Beter dan Kutusof had graaf Rostopchin, Moskou's gouverneur, zijn eed gehouden. Geen Moskou, een vlammenzee zouden de Franschen vinden, had hij gezworen; zelf had hij een fakkel geworpen in het slaapvertrek van 't paleis, dat hij met zijn huisgezin jaren lang had bewoond en ontslagen gevangenen had hij tot zijn handlangers gemaakt. Zoover had zijn haat tegen Frankrijk den oud-Russischen edelman vervoerd!--Voor deze gewelddaad heeft de natie zich echter niet dankbaar betoond, integendeel. Door den Keizer verbannen, door zijn landgenooten veracht en verfoeid, is hij jaren later te Parijs in vergetelheid gestorven, nadat hij zijn goed recht tot die daad tevergeefs had trachten te bewijzen.
In en om Moskou begon de Fransche hoofdmacht, die na den slag bij Borodino,--door Napoleon slag aan de Moskowa geheeten--tot 95.000 krijgers in 't gelid was weggesmolten, thans een weinig op haar verhaal te komen. In bijna alle paleizen en groote huizen, die aan het vuur weerstand hadden geboden, werden vaak zeer kunstig verborgen, voorraden meel, wijn, en specerijen gevonden. Goed beheerd, waren de levensmiddelen zeker meer dan voldoende geweest om zelfs een leger zoo groot als het Fransche voor een half jaar en langer van alles te voorzien;--zoo rekenden Daru, de kwartiermeester-generaal, en Larrey, de chef van den geneeskundigen dienst ten minste. Doch de roekeloosheid, waarmede met alles werd omgesprongen, was oorzaak, dat er voor millioenen waarde verloren ging. Stelselmatig werden de huizen uitgeplunderd; enkele soldaten maakten zelfs gemeene zaak met het gespuis, dat den brand had helpen verspreiden. Gedost in prachtige pelzen zelfs in damesmantels van dons en hermelijn kon men de mannen de eerste dagen langs de straten zien dolen. Een wacht van grenadiers der garde aan 't Kremlin vond men in 't bezit van een reusachtige vaas met confituren en van een stapel flesschen wijn. De commandant, een oude snorbaard, stond met een potlepel naast die vaas en noodigde ieder, die zijn post passeerde, uit van zijn confituren te proeven en een flesch te ledigen op het behaalde succes; zelfs officieren werden door de opgewonden, door langdurige ellende half verstompte mannen niet verschoond.
Hoe groot het bedrag is in die dagen aan goud, juweelen en kostbaarheden te Moskou geroofd, is niet te bepalen, maar reusachtig. Toch is geen duizendste deel ervan over de grenzen gekomen; bijna alles is in Rusland gebleven, onder de sneeuw en het ijs der wegen, verzwolgen door de diepe rivieren, die op den terugmarsch moesten worden gepasseerd, geroofd door de kozakken, die op hun ruige paardjes voortdurend als een vlucht hongerige gieren om de troepen zwierven en meedoogenloos iederen soldaat afmaakten, die het waagde zijn troep te verlaten of door uitputting neerviel.
Aan dien staat van bandeloosheid en tuchteloosheid te Moskou werd echter weldra een einde gemaakt. Orde en discipline keerden terug. Reusachtige voorraden wijn en levensmiddelen van allerlei aard, meel en pekelvleesch werden door de zorg der administratie en de korpscommandanten in 't Kremlin of in magazijnen bijeengebracht; ook in het onderhoud der troepen werd ruimschoots voorzien. Om Europa den indruk te geven, dat in Rusland alles naar wensch ging, schonk Napoleon aan een te Moskou achtergebleven troep Fransche comedianten zelfs verlof voorstellingen te geven. De troep maakte goede zaken; de comedie werd door de soldaten druk bezocht.
De Keizer zelf kwam er geen enkele maal. In zijn hoofdkwartier, het Kremlin opgesloten, was zijn geest vervuld met andere dingen dan met gedachten aan vermaak of ontspanning. Zelfs bij Eylau en bij Essling had zijn vertrouwen op zijn gelukster hem niet begeven. Thans begon hij in te zien, dat deze veldtocht mogelijk zou eindigen in een ramp.
Reeds wist hij, dat hij de kracht van zijn strategisch kunnen had uitgeput; dat hij evenals in 1797 in de Alpen bij Leoben tegenover aartshertog Karel, en in 1805 vóór Austerlitz een grens had bereikt, die niet kon worden overschreden zonder gevaar voor vernietiging; dat hij niet bij machte was verder in Rusland door te dringen of tegen St. Petersburg op te rukken, omdat zijn leger hiertoe te veel had geleden. Toch ontwierp hij een plan in dien zin, want hij was aanvankelijk nog te koppig om met zijn onderbevelhebbers te beraadslagen, doch het werd door deze kort en bondig afgekeurd.--Vrede sluiten, in elk geval teruggaan naar Smolensk, liefst naar Wilna of Minsk, was in hun oog het eenige middel van behoud, want uit St. Petersburg kwam taal nog teeken, dat wees op eenig streven naar toenadering.
Dat de Keizer dus met beide handen een gelegenheid aangreep, om met den Czaar, al was 't maar zijdelings, in betrekking te komen is verklaarbaar. Generaal Toutelmine, een eerwaardig grijsaard, gouverneur van het onder bescherming der keizerin staande vondelingshuis bood zich hiertoe aan. Verontwaardigd over Rostopchins schanddaad, erkentelijk voor de wijze, waarop men hem en zijn pleegkinderen had bejegend, verzocht hij den Keizer aan zijn beschermvrouw kennis te mogen geven van den toestand, waarin het gesticht verkeerde, en in zijn schrijven te mogen mededeelen hoe innig ook Napoleon die daad verfoeide en hoe gaarne hij een oplossing wenschte voor den tegenwoordigen toestand. Een zekere von Jakowleff, een volbloed-Rus, die den brand van Moskou had bijgewoond en van de ellende, door zijn landgenooten daar geleden, was getuige geweest, belastte zich met een eigenhandig schrijven van Napoleon aan Alexander. Hoffelijk doch hooghartig gesteld, was dit echter weinig geschikt om den diep gekrenkten Czaar, die weder geheel onder den invloed der oud-Russische partij was geraakt, welwillend te stemmen.
Inmiddels verdubbelde Napoleon de zorg voor zijn troepen, en deed ze, zooveel doenlijk in Moskou zelf onder dak brengen. Zelfs over de duizenden rampzaligen, Russen en vreemdelingen, die tijdens den brand in de stad waren gebleven en letterlijk aan alles gebrek leden, ontfermde hij zich en verschafte hun levensmiddelen en een verblijf, tot door Rusland in hun onderhoud zou worden voorzien. Voorts deed hij uit de omstreken tegen contante betaling, zooveel mogelijk slachtvee aanvoeren, en fourage voor de paarden, een hoofdvoorwaarde voor de instandhouding der artillerie en haar bespanningen; nog bezat hij 600 vuurmonden.
Sluw als altoos, wist Kutusof den commandant der voorhoede inmiddels te misleiden, want hij boog af met zijn macht naar 't zuiden in de richting van Kaluga en het rijke achterland aldaar, had den 18en September Podolsk bereikt; door vrijwilligers en recruten vermeerderde zijn macht dagelijks. (In 't begin van October had hij weder ruim 110.000 man onder zijn bevelen.)
Lang bleef dit voor Napoleon niet verborgen. Reeds den 26en September stonden Murat en Bessières, bij wie Poniatowski zich had aangesloten, weder tegenover den vijand, om diens bewegingen waar te nemen en den weg van Podolsk naar Moskou te dekken.
Dat een langer verblijf te Moskou onverbiddelijk moest leiden naar den ondergang werd met den dag duidelijker.
Was de daar opgestapelde voorraad verbruikt, dan kon ze niet worden vernieuwd. Over het leger legde zich een sluier van zorg en vrees voor de toekomst. Alexander liet niets van zich hooren; Caulaincourt had kortaf bedankt voor de eer hem persoonlijk te gaan opzoeken. Sinds Tilsit waren de toestanden te veel veranderd; het stond te bezien of de Czaar hem nu nog zoo voorkomend zou ontvangen als voorheen. Ten einde raad en hiermede een geducht offer brengende aan zijn eigenliefde, besloot Napoleon den 4en October Lauriston naar Kutusofs hoofdkwartier te zenden en langs dezen weg toenadering te zoeken, doch Kutusof bevreesd om evenals Barclay de Tolly van verraad te worden beschuldigd,--reeds gingen er stemmen tegen hem op, omdat hij niet aanviel--wilde hem aanvankelijk niet zelf ontvangen doch zond hem zijn adjudant. Hierover gebelgd, keerde Lauriston naar Murats hoofdkwartier terug.
Deze handelwijze van Kutusof deed bij een deel van zijn omgeving echter de vrees ontstaan, dat de kans op vrede hierdoor voor goed was weggenomen. Een ander deel, de oorlogspartij, begreep, dat het in haar belang was de Franschen aan de praat te houden, omdat de toestand van hen hierdoor met elken dag nog ongunstiger werd. Tusschen generaal Bennigsen, een even sluwen als vermetelen Rus en Murat, kwam het nu tot een onderhoud. IJdel en onvoorzichtig als altijd, praatte Murat hierbij zijn neus voorbij en schonk den ander een veel dieperen blik op den feitelijken toestand der Fransche armee dan voor deze gewenscht was. Dit gaf Kutusof aanleiding Lauriston ten slotte toch te ontvangen en te hooren wat hij te zeggen had.
Veel baatte dit niet. Kutusof gaf onomwonden te kennen, dat hij den brand van Moskou uitsluitend toeschreef aan de vaderlandsliefde der Moskovieten, die hun stad liever in vlammen zagen opgaan, dan dat zij ze overgaven aan den vijand. Of er kans op vrede bestond kon hij niet zeggen. Zelfs voor het sluiten van een wapenstilstand miste hij de macht; alleen de Keizer had hierover te beslissen. Hij bood Lauriston dus aan, prins Wolkonski met de voorstellen van Napoleon naar St. Petersburg te zenden en het schermutselen tusschen de voorposten te doen staken, tot er antwoord was gevolgd. Binnen een dag of tien, twaalf kon dit worden te gemoet gezien.--De kozakken zouden in hun bewegingen inmiddels vrij blijven; bij de Franschen konden de fourageeringen worden voortgezet.
Hoewel Napoleon reeds wist, dat de pogingen tot tusschenkomst van generaal Toutelmine en van den heer von Jakowleff zonder resultaat waren gebleven; hoewel hij wist met welk een gillenden wraakkreet het zien van den brand van Moskou door Kutusofs soldaten was beantwoord; hoewel hij zich ook van den stap van Wolkonski bij Alexander weinig succes voorstelde, meende hij dit voorstel niet van de hand te mogen wijzen. Over tien dagen was het eerst half October; volgens de verzekering van verscheiden volkomen betrouwbare personen begon het nooit vóór half of voor einde November te vriezen. Reeds lang vóór dien tijd kon hij dus op Smolensk zijn teruggegaan.