Kwan Yin: Een boek van de Goden en de Hel

Part 10

Chapter 101,219 wordsPublic domain

[24] Het hoofdprincipe van Confucius’ leer. Die van vader tot zoon en omgekeerd, vorst tot onderdaan, echtgenoot tot echtgenoot, oudere broeder tot jongere en omgekeerd, vriend tot vriend, zijn de vijf betrekkingen.—Deze leer heeft geruimen tijd het boeddhisme in den weg gestaan dat niet familieleven maar ascetisme voor het hoogste leven hield.—

[25] Dat hare ouders koning en koningin waren was de belooning voor in vroegere levens gedane goede daden.

[26] „Yama,” de koning der hel.

[27] Naam voor eene prinses.

[28] Dit zijn dezelfde (in Amoy Kim Tong en Giok Lu genoemd) die in mijn stuk over het chineesche tooneel voorkomen (Zie Wijsheid en Schoonheid uit China).

[29] Deze bijl, oorspronkelijk de scepter van Indra (vadjrna), wordt nu nog door de priesters gedragen bij ceremonieën, en is een symbool van de macht van Boeddha, die door wijsheid (pradjna) onoverwinlijk is.

[30] Cypres en pijnboom zijn symbolen van onsterfelijkheid.

[31] Wierook-Berg.

[32] Eene dergelijke legende wordt van Shakyamuni verhaald.

[33] „Love here pronounces itself lord of Fate,” zegt Samuel Johnson hiervan terecht. (Oriental Religions. India.)

[34] Ook Avalokiteshvara zwoer: „zich te manifesteeren in elk schepsel in het heelal; alle menschen van de gevolgen der zonde te bevrijden, en nooit het boeddhaschap te bereiken tot allen zijn geboren in de eeuwige rust en vervulling hebben gekregen van hunne gebeden.” (Beal. Catena of Buddhist Scripture.)

[35] Correspondeerende met den berg Potala, waar Avalokiteshvara woonde.

[36] „Fung Shui” zou men de wetenschap van de astronomische en religieuze ligging eener plaats kunnen noemen. Uitweiding zou hier te ver voeren.

[37] Er zijn vier zulke Zee-Draken-Koningen, Hai Lung Wang, in de noordelijke, westelijke, zuidelijke en oostelijke zee elk één. Zij worden door de Chineezen zeer in eere gehouden en krijgen offeranden in zee geworpen.

[38] Dit is niet in het boek vermeld. Maar de vegetariërs hebben er eene geheele mystieke filosofie op gebaseerd, en verklaren de geheele kunst van de bevrijding der ziel door overwinning der hartstochten, uit dit boek. Er bestaan geheele boeken van vegetariërs over de z.g. ziele-verreining, waarin alle in de See Yiü voorkomende personen als gedeelten van het menschelijk lichaam worden voorgesteld.

[39] Men zij niet te veel verwonderd, dat deze verklaring van Shen Ts’ai en Lung Nü zoo geheel en al verschilt met die, welke Prof. de Groot ervan geeft in zijn „Jaarlijksche feesten en gebruiken der Emoy-chineezen” (1e deel bl. 155 v.v.), en die hij vermoedelijk uit tooneelvoorstellingen heeft geput. Ik heb mij gehouden aan mijne editie van See Yiü, maar teeken er bij aan, dat vele edities daarvan aanmerkelijk verschillen.

[40] 1023–1063 n. C.

[41] Als dit echt is, is het uit de 15e eeuw, de regeering van Süan Tsung (1426–1435) der Ming-dynastie. Het merk Süan Teh, dat de Goncourt (Cabinet de l’extrême Oriënt) zoo dikwijls aanhaalt, is echter geen bewijs van echtheid, daar het op moderne vazen en vaten ook staat.

[42] Dikwijls ziet men dan ook op platen of in tempelbeelden de ziel afgebeeld in het lichaam van een beeld, als een klein boeddhaatje, zittende in meditatie. Ook zag ik dit bij oude duitsche primitieven, maar dan de ziel in den vorm van een engel.

[43] Hierover later, bij de beschrijving der porseleinen.

[44] „Kachâya” (sanskriet).

[45] Zie de afbeelding tegenover den titel.

[46] Vóór een beeld gaaf uit het verhittingsproces komt, zijn meestal eerst eenige exemplaren gesprongen, waarna telkens weer van voren af aan moest begonnen worden.

[47] Gelukkig zijn juist de gewone armen over, die zij op andere beelden heeft, zoodat het schijnt, of er niets aan ontbreekt.

[48] Voor een chinees heeft een „puh ts’ üen,” dat is defect, stuk heel veel van zijn waarde verloren, al is het maar één klein barstje. Groot was de verwondering van een antiquair wien ik vertelde, dat de Venus van Milo een beeld is, dat niet voor goud te koop is, maar geen armen meer heeft!

[49] Peh Ting porselein is zoo kostbaar in China, dat zelfs scherven van gebroken dingen duur worden betaald. Men denkt namelijk, dat het tot poeder gemalen, een geneesmiddel is voor ooglijders, en verhaalt van dit poeder, dat het blinden het licht kan teruggeven.

[50] Het is in China gebruikelijk om gedurende de huwelijksdagen de bruid aan belangstellenden te laten zien (kh’oà sin nioê). Deze staat dan rechtop in de bruidskamer, in groot gala.

[51] Zooveel als: „Ik feliciteer u!”

[52] Zie het eerste stuk in dezen bundel: „Kwan Yin”.

[53] De chineezen schrijven n.l. niet met een pen, maar met een penseel.

[54] Yen Lo (Sanskriet: Yama) of Yen Kiün is eigenlijk de algemeene naam voor alle hellekoningen.

[55] De chineezen dachten dat visschen uit water geboren worden.

[56] De lezer zal opgemerkt hebben, dat de chineesche verteller hier een beetje in de war is, want waar blijven nu de insecten „uit gedaanteverwisseling geboren”?

[57] Zie voor détails Prof. de Groot’s „Jaarlijksche feesten en gebruiken der Emoy-chineezen”, 2e deel, van af blz. 333.

[58] In Indië heet dit feest „reboetan-feest”, omdat sommige der tafels later door de armen mogen geplunderd worden. In Tandjong Pinang (Riouw) kan men b.v. dit feest goed bijwonen. Het wordt daar op tamelijk groote schaal aangericht.

[59] Deze Rivier-Draken-Koning heeft de stroomen en rivieren, met al hunne bevolking van visschen enz. tot zijn gebied, en veroorzaakt, op last van den Hemel, de regens.

[60] Literator van den eersten graad, ongeveer „bachelor of arts”.

[61] De chineezen hebben twaalf uren in een etmaal. Het uur Ch’an correspondeert met ons 7–9 ’s m., het uur Sz’ met ons 9–11 ’s m., het uur Wu met ons 11–1 ’s nam., en het uur Wei met ons 1–3 ’s nam.

[62] Van 3–5 ’s nam.

[63] T’ai Tsung was toen nog koning, maar later werd hij keizer, de tweede keizer der Thang-dynastie die regeerde van 618–913 n. C.—T’ai Tsung regeerde van 627–649 n. C.

[64] Men bedenke hierbij, dat een keizer (later werd T’ai Tsung keizer) ook in de hel recht heeft op de noodige égards, als zijnde de Zoon des Hemels.

[65] Dit kon heel gemakkelijk gebeuren. Dertien schrijft men in ’t chineesch één tien drie. De voorste één, in ’t chineesch door één liggend streepje: 一 voorgesteld, is door toevoeging van nog twee streepjes te veranderen in drie: 三.

[66] Hoe hij dit deed, door Saan Tsang de Soetra zonder karakters te doen zoeken, heb ik in „Kwan Yin” verhaald.

[67] Het was in den tijd der eerste nieuwe maan na chineesch nieuwjaar (Februari), wanneer de bergbewoners gewoon zijn vuren in de bergen te ontsteken.

[68] Een chineesche „set” van kopjes bestaat uit vier, en somtijds tien of acht, maar niet zes of twaalf.

[69] Ló-Han’s = Arhats, adepten.

[70] Staat hier voor: „eindeloos velen.”

[71] Uit den aanhef der „Sukhâvatî-vynha-mahayana-sûtra (iets verkort in dit citaat).

[72] 10 cents engelsch = 100 chineesche cash.

[73] O-Bi-Tô (Amitâbha) is de gewone zegswijze der priesters, die zij voor alle gevallen en als antwoord op alle mogelijke gezegden gebruiken. Zij denken dat het eindeloos uitspreken van dit heilige woord hun door transcendenten, mystieken invloed tot Nirvâna kan brengen.

[74] De chineezen in Canton noemen het „slapende boeddha”, maar dit is verkeerd. Het beeld komt geheel overeen in houding met de siameesche en birmaansche, die den stervenden boeddha voorstellen.

[75] In September 1894 is deze geheele bootenbuurt door brand vernield.