Krakatau en de Straat Soenda De Aarde en haar Volken, 1886
Part 3
Onze tocht met de _Kediri_ had slechts acht dagen geduurd, maar wat hadden wij in dien korten tijd niet gezien en waargenomen! Wij zijn de eersten geweest, die het einde van de uitbarstingsperiode van Krakatau hebben kunnen constateeren en het weder verdwijnen der nieuw gevormde eilanden. Van de zuiver wetenschappelijke resultaten onzer reis zal ik niet spreken: onze tochtgenooten, de heeren Bréon en Korthals, zullen daaromtrent elders verslag doen.
Tot dusver de heer Cotteau. Wat in zijn eenvoudig verhaal misschien wel het meest treft, is de groote soberheid, die overal den stempel der onopgesmukte waarheid draagt. Hij heeft zich--en te recht--niet gewaagd aan eene beschrijving van de katastrofe zelve, van de vreeselijke uitbarsting, die hij niet heeft gezien en die toch ook eigenlijk niet te beschrijven is. Hij is als de man, die daags na den slag het slagveld bezoekt, u de lijken der gevallenen, de sporen der verwoesting toont en u daardoor ongetwijfeld een indruk geeft van hetgeen er geschied is, machtiger en aangrijpender dan eenige beschrijving zou kunnen doen, machtiger en aangrijpender zelfs dan ge zoudt hebben kunnen ontvangen, waart ge zelf te midden van het bedwelmend en verbijsterend strijdgewoel geweest. Ook wij hebben een slagveld bezocht: een slagveld, waarop de ontboeide natuurkrachten, de ontketende elementen den strijd aanbonden, waar ons bij iederen voetstap de nietigheid van den mensch tegenover de vijandige machten der natuur gepredikt wordt. Wat golden ze, de duizenden, op die twee of drie dagen door vuur en water omgekomen, onder slijk en asch en steenen bedolven, wat golden ze meer dan het kruipend insekt, onopgemerkt door den voet des wandelaars vertreden? Wel mocht de dichter zeggen: de elementen haten de schepping van der menschen hand.
End of Project Gutenberg's Krakatau en de Straat Soenda, by Anonymous