Jack Rustig

Chapter 22

Chapter 221,429 wordsPublic domain

"Gascoigne!" riep onze held uit; "maar laat ik hem toch dadelijk de hand gaan drukken! Wees intusschen zoo goed, kapitein Sawbridge, uw dokter aan boord van de Rebiera te zenden, want ik heb een paar gewonden."

Gascoigne wachtte onder het halfdek zijn vriend al op, want hij had hem van zijn post op den bak aan boord zien komen. Zij raakten zoo druk aan het praten, dat ze elkaar haast geen tijd gaven tot antwoorden. Toen Jack weer aan dek ging, beloofde hij Gascoigne, dat zij den volgenden dag in elkaars gezelschap zouden doorbrengen, hetzij aan den wal of aan boord van de Rebiera. Eer Jack echter weer vertrekken kon, hield kapitein Sawbridge hem in zijn kajuit nog geruimen tijd aan de praat.

"Toen gij voor het eerst op zee kwaamt, Rustig," zei kapitein Sawbridge, "dacht ik dat 't voor den dienst het best zou zijn, als we u maar hoe eer hoe liever weer kwijt raakten; doch nu ge uw ontslag genomen hebt, gevoel ik eerst, dat we in u iemand verloren hebben, die naar alle waarschijnlijkheid den dienst tot eer zou hebben verstrekt."

"Hartelijk dank voor uw gunstig oordeel," antwoordde Jack. "Maar bij den toestand waarin mijn vader verkeerde, kon ik immers onmogelijk op zee blijven."

"Dat geef ik volkomen toe:--maar komaan, de tafel is gedekt, laten we den maaltijd niet vergeten."

Aan tafel, waarbij ook Gascoigne aanzat, ging het hoogst gezellig toe en wie weet hoe lang ze hadden blijven napraten, als niet kort na den eigenlijken maaltijd de eerste luitenant was komen rapporteeren, dat alle hens aan dek noodig waren, daar ze vlak bij de ankerplaats waren gekomen. De dischgenooten rezen nu spoediger op dan anders het geval zou geweest zijn; en zoodra op de Latona, de zeilen geborgen waren, begaf kapitein Sawbridge zich aan wal om den goeverneur mededeeling te doen omtrent den uitslag van het geleverd gevecht. Hij vroeg Jack of hij hem wilde vergezellen, maar onze held verkoos liever bij Gascoigne te blijven, en verontschuldigde zich dus tot den volgende dag.

"Hoor eens, Rustig," zei Gascoigne zoodra de kapitein vertrokken was, "ik zal verlof vragen om bij jouw aan boord te gaan--of wil jij 't soms liever vragen?"

"Ik zal 't wel vragen," antwoordde Jack; "nu ik zelfs het kommando over een schip heb, leg ik bij een eersten luitenant wat meer gewicht in de schaal dan een gewoon adelborst."

Jack ging nu naar den eersten luitenant en gaf met een beleefde buiging zijn hoop te kennen, dat, als de dienst het veroorloofde, hij hem de eer zou willen aandoen dien avond met eenige zijner officieren aan boord van de Rebiera een glas wijn te komen drinken.

De eerste luitenant antwoordde, dat hij gaarne van de uitnoodiging gebruik zou maken, zoodra de gevangenen overgebracht waren en de kanonneerboot geen zorg meer vereischte. Ook drie of vier der overige officieren sloegen toe, waarop Jack als een gunst verzocht, dat zijn oude vriend Gascoigne nu dadelijk met hem zoo mogen meegaan, daar hij verschillende pakketjes van waarde, voor Engeland bestemd, aan zijn zorg wilde toevertrouwen. De eerste luitenant was zeer inschikkelijk en Gascoigne en onze held sprongen in de boot en waren nu als oude vrienden weer eens recht gezellig met hun beidjes.

"Jack, ik heb nog eens goed overlegd en ben nu tot een besluit gekomen," zei Gascoigne. "Of ik al naar huis ga, dat zal voor mijn bevordering ook weinig helpen; ik kan evengoed hier blijven, want mijn diensttijd is bijna om en mijn bezoldiging heeft niet veel te beteekenen. Zou jij me niet mee willen nemen?"

"Dat is juist wat ik van plan was je te vragen, Ned. Zou kapitein Sawbridge er in toestemmen?"

"Dat denk ik wel, want hij is volkomen op de hoogte van mijn omstandigheden."

"Dan zullen we 't hem zamen vragen," hernam Jack.

De eerste luitenant en de andere officieren kwamen aan boord der Rebiera en brachten er een prettigen avond door, wat voor levenslustige jongelui onder gezelligen kout en een goed glas wijn niet zoo heel moeilijk is.

Acht-en-twintigste hoofdstuk.

Jack bereikt het toppunt zijner wenschen.

Daar kapitein Sawbridge dien avond niet naar boord terugkeerde, ging Rustig aan wal en bracht hem een bezoek ten huize van den gouverneur, door wien hij al dadelijk te dineeren genoodigd werd. Gascoigne kon niet aan wal komen en onze held maakte van de gelegenheid gebruik om kapitein Sawbridge aan te klampen met het verzoek om zijn vriend bij zich aan boord te krijgen. Kapitein Sawbridge had er eerst geen ooren naar, maar door al het redeneeren van Jack, begon hij toch eindelijk te begrijpen, dat het voor Gascoigne een buitenkansje was, en deze nooit een betere gelegenheid zou vinden om zijn toekomst te verzekeren. Hij willigde dus den wensch van onzen held in, die zich onmiddelijk aan boord van de Latona begaf om de beslissing van kapitein Sawbridge aan Gascoigne en aan den eersten luitenant over te brengen. Vervolgens voer hij naar boord der Rebiera en gelastte Mesty zijn koffertje naar het logement aan den wal te brengen, opdat hij zich voor het diner zou kunnen kleeden. Gascoigne, die nu niet langer tot de equipage der Latona gerekend werd, kreeg verlof om hem te vergezellen.

Met de herstellingen aan de Latona was men spoedig gereed, zoodat kapitein Sawbridge reeds den volgenden dag weer zee kon kiezen; echter zonder Gascoigne, die nu zijn formeel ontslag had gekregen en op de Rebiera overging. Spoedig daarop lichtte ook onze held het anker en liep na een gelukkige reis van zestien dagen de haven van Palermo binnen, waar Don Philip en Don Martin al spoedig onzen held aan boord kwamen begroeten. Jack haastte zich om met hen aan wal te gaan en bevond zich weldra in gezelschap van zijn Agnes.

Nog heel veel viel er te praten, eer Jack 't bij Don Rebiera en diens vrouw zoo ver gebracht had, dat ze in een spoedig huwelijk met hun dochter Agnes toestemden. Vooral de moeder maakte veel bezwaar om van haar lieveling afstand te doen. Onze held wist echter zijn zaak zoo goed te bepleiten, dat de ouders zich eindelijk gewonnen gaven, en eer er een maand na zijn aankomst verstreken was, zag Jack zich getrouwd en achtte zich den hemel te rijk.

Don Rebiera en zijn vrouw wisten gedaan te krijgen, dat het jonge paar nog een maand lang in Palermo zou blijven, en toen het eindelijk op een scheiden aankwam, was er aan tranen geen gebrek. Ten laatste stak de Rebiera van wal en zette koers naar Malta, waar Jack den goeverneur volgens belofte een bezoek wilde brengen.

Na vier dagen wierpen zij in de haven van Valette het anker uit en Jack liet zijn aankomst terstond aan den goeverneur melden. Deze was zeer in zijn schik en zond zijn eigen pleizierjacht om meneer en mevrouw Rustig van boord te halen, terwijl hij onmiddelijk zijn logeerkamers voor hun ontvangst in orde liet brengen. Als gewoonlijk had onze held weer heel wat te vertellen en de goeverneur luisterde met de grootste aandacht naar hem; vooral omdat hij begreep, dat 't de laatste maal zou wezen, dat hij van Jack's verhalen kon genieten.

Veertien dagen lang vertoefde Jack op Malta en scheepte zich daarna weer met zijn vrouwtje in.

"Vaarwel, mijn jonge vriend," zei de goeverneur toen hij Jack ten afscheid de hand drukte, "voor zoover ik uw vrouwtje heb leeren kennen, zal het uwe schuld zijn als ge in haar niet het toppunt uwer wenschen bereikt hebt. Als ik ooit in Engeland mocht komen, zal mijn eerste bezoek Boschlust gelden. Vaarwel en leef gelukkig!"

Maar Sir Thomas is nooit weer in Engeland gekomen, het was zijn laatste groet. Opnieuw ging de Rebiera onder zeil, deed Gibraltar even aan en zette daarna de reis voort naar Engeland waar ze na drie weken behouden en wel aan wal stapten, hartelijk verwelkomd door dokter Middleton en meneer Hanson, die van hun aankomst verwittigd waren. Nog dienzelfden avond reden zij gezamelijk naar Boschlust, waar alles op de feestelijke ontvangst van het jonge paar was ingericht.

Er volgde nu in de eerste dagen een reeks van diners en partijen en Jack leefde voortaan gelukkig en tevreden aan de zijde van zijn lief vrouwtje, dat hem volstrekt geen reden gaf tot allerlei breedvoerige betoogen.

De bemanning der Rebiera werd afgemonsterd en de meesten vonden spoedig weer plaatsing op verschillende oorlogsschepen.

Mesty bleef het toezicht over het dienstpersoneel houden en betoonde de grootste trouw en eerlijkheid in de waarneming van zijn ambt. Gascoigne wist het spoedig te brengen tot den rang van postkapitein en bleef steeds Jack's oprechte vriend.