Het Leven der Dieren: Deel 2, Hoofdstuk 10: De Stootvogels

Part 33

Chapter 33196 wordsPublic domain

Van de vijanden, die het leven van de kleinere Zeefsnaveligen en dat der Zwemvogels in 't algemeen bedreigen, hebben de sterke en vlugge Zaagbekken weinig te lijden; ook ontkomen zij meestal aan de vervolging van den mensch, die trouwens niet geregeld jacht op hen maakt; daar hun vleesch, naar onzen smaak althans, oneetbaar is en daar van hunne veeren geen ruim gebruik gemaakt wordt voor het doel, waarvoor zij zouden kunnen dienen.

AANTEEKENINGEN

[1] De naam Kormoran, die soms, in navolging van de Franschen en Duitschers, aan dezen Vogel gegeven wordt, is afgeleid van "Corvus marinus" en beteekent dus "Zeeraaf."

[2] De naam Podiceps, waarmede Latham het geslacht der Zoetwaterduikers aanduidde, en de hiervan afgeleide, bij Fürbringer voorkomende namen Podicipitidae, Colymbo-Podicipites en Podicipitiformes voor familie, groep en onderorde worden vrij algemeen afgekeurd. De familie der Zeeduikers (Urinatoridae) heet bij Fürbringer Colymbidae, met welken naam hier de Zoetwaterduikers worden bedoeld.

[3] Zie over de vangst van Smienten en andere Eenden in slagnetten een opstel van Dr. G. A. Venema in het "Album der Natuur." (Jaarg. 1878, p. 253.)

[4] Zie over de "Eendekooi" een opstel van Prof. Harting in het "Album der Natuur". Jaargang 1876, p. 115.