Part 4
Je kunt je niet voorstellen hoe heerlijk opgeruimd ik me gevoelde, net alsof ik na lange zwerftochten mijn eigen huis weer had bereikt. Ik moet je eerlijk bekennen, dat ik vreeselijk naar iemand verlangde die weer eens echte nonsenspraatjes met me zou houden. Betsy gaat aan het einde van elke week naar huis toe en de dokter heeft conversatie genoeg -- maar lieve deugd, alles is bij hem zoo afschuwelijk logisch! Maar Gordon behoort tot de zelfde wereld als ik -- de wereld van leuke clubs en auto's en bals en sport en levendigheid. Misschien is het wel een heel armzalig, leeg leventje maar het is nu eenmaal mijn leven. En dat leven heb ik vreeselijk gemist. Je krachten ten dienste van het sociale leven stellen is theoretisch heel bewonderenswaardig en zeer interessant, maar Judy, wat is het doodelijk vervelend in al zijn kleine bijzonderheden! Ik ben bang dat ik niet geboren ben om recht te maken wat krom is!
Ik probeerde Gordon ook wat belang in mijn werk in te boezemen en liet hem van alles zien, maar hij wou mijn kinderen met geen oog verwaardigen. Hij denkt dat ik alleen maar hier kwam om hem dwars te zitten, wat ook werkelijk niet ver van de waarheid is. Jouw sirene zou me nooit van het pad der frivoliteit gelokt hebben, als Gordon het niet zoo allerverschrikkelijkst vermakelijk had gevonden, dat ik aan het hoofd van een vondelingengesticht zou staan. Ik kwam hier om hem te laten zien dat ik er inderdaad toe in staat ben, en nu ik in de gelegenheid ben om hem het bewijs te leveren, weigert die naarling om er zich van te overtuigen.
Ik vroeg hem ten eten maar waarschuwde hem van te voren voor het bevroren kalfsvleesch. Hij bedankte omdat hij vond, dat ik een verandering noodig had. Dus gingen we maar naar Brantwood Inn en aten kreeft. Ik was totaal vergeten, dat er nog zulke schotels bestonden!
Vanmorgen om zeven uur werd ik door een aanhoudend verwoed telefoongeschal gewekt. Het was mijn lieve Gordon, die al aan het station was om zijn reis naar Washington te hervatten. Hij verkeerde in een heel andere stemming dan gisteren, en maakte veel verontschuldigingen omdat hij geweigerd had naar mijn kinderen te kijken. Hij had dat niet nagelaten omdat hij niet van kinderen houdt, zeide hij, maar alleen omdat hij ze niet naast mij kon zien, en om een bewijs van zijn goede bedoelingen te geven, zou hij hun een zak apenootjes sturen.
Ik voel me nu zoo frisch en opgevroolijkt na dat korte bezoek, alsof ik wel een maand vacantie had gehad. Zonder twijfel is voor mij een uurtje babbelen gezonder dan een liter staal en een duizendtal van die beroemde staalpillen.
Je bent me twee brieven schuldig, lieve dame! Doe die schuld maar tour de suite af of je hoort nooit meer iets van me.
Als altijd, je S. McB.
Dinsdag 5 n.m.
Mijn waarde vijand,
Ik verneem, dat u gedurende mijn afwezigheid een bezoek hebt afgelegd en een groote herrie te weeg hebt gebracht. U zeide, dat Miss Snaith de kinderen niet de portie levertraan heeft toegediend, die hun rechtens toekomt.
Het spijt mij zeer wanneer uw geneeskundige orders niet stipt zijn uitgevoerd, maar u moest, dunk mij, toch weten dat het zeer moeilijk is deze onaangenaam riekende vloeistof in de magen van jankende kinderen te doen verdwijnen en die arme Miss Snaith is een zeer overwerkt persoontje. Zij heeft tien kinderen meer dan eenige vrouw ter wereld ooit geschonken moesten worden en zoolang wij geen nieuwe assistente voor haar gevonden hebben, kan zij niet elk uwer orders zoo stipt uitvoeren als zij wel zou wenschen te doen.
Bovendien, mijn waarde vijand, is deze dame zeer gevoelig van aanleg en zou ik liever hebben dat u uwe strijdlustigheid op mij koelt, indien u weder eens een dergelijke stemming bekruipt. Begaafd, als ik ben, met een harde olieachtige huid zou ik er niets om geven, maar deze arme dame heeft zich in een soort hysterische bui in haar kamer teruggetrokken, negen lammerende babies alleen achterlatend en vertrouwend, dat de een of andere goede ziel die schapen wel in bed zou stoppen.
Indien u misschien een poeder hebt dat kalmeerend op haar door u geschokte zenuwen inwerkt, stuurt u het mij dan alstublieft met Sadie Kate.
Hoogachtend, S. McBride.
Woensdag morgen.
Geachte Dr. MacRae,
Ik wil absoluut geen dom figuur slaan. Ik vraag u alleen maar dat u met al uw klachten bij mij komt en mijn staf niet in een dergelijke stemming achterlaat, zoo als gisteren het geval was.
Ik zal er voor zorgen dat al uwe orders stipt uitgevoerd worden (ten minste die orders, welke een medisch karakter dragen). Werkelijk blijkt het een feit te zijn, dat wij hier met een nalatigheid te doen hebben. Ik weet niet wat er met die veertien flesschen levertraan, waarover u zoo'n herrie hebt gemaakt, gebeurd is; ik zal er een ernstig onderzoek naar instellen.
Maar ik kan werkelijk, om verschillende redenen, die arme Miss Snaith niet op de bondige wijze, waarop u dat verlangt, de deur uitzetten. Een feit is het dat zij in zekere opzichten te kort schiet, maar ze is vriendelijk voor de kleintjes en als wij er een oogje op houden, zal het voorloopig wel gaan.
Met beleefde groeten,
Hoogachtend, S. McBride.
Donderdag.
Waarde vijand,
Soyez tranquille. Ik heb mijn orders gegeven en in het vervolg zullen de kinderen alle levertraan krijgen, die hun door u wordt voorgeschreven. Zoo ziet u, dat een flinke man toch altijd zijn zin krijgt!
S. McB.
22 Maart.
Beste Judith,
Het gestichtsleven gaat weer zijn gewone gangetje, nadat op de groote levertraan-oorlog, waarin onze dokter de overwinning behaalde, weer vrede gevolgd is. De eerste aanval had op Donderdag plaats, maar ik miste ongelukkigerwijze dat begin, omdat ik juist met een paar van de kinderen in het dorp boodschappen deed. Bij mijn terugkomst stond het heele huis van groot tot klein op stelten: onze vurige dokter had een visite afgelegd!
Sandy heeft twee groote hartstochten: een voor levertraan en een voor spinazie, en ongelukkig genoeg valt geen dezer beide stokpaardjes in den smaak van onze kinderen.
[Illustratie]
Een tijdje geleden (nog voordat ik hier was) heeft hij aan alle bloedarme schapen levertraan voorgeschreven en aan Miss Snaith opgedragen voor de uitvoering van zijn orders te zorgen. Gisteren heeft hij op zijn achterdochtige, Schotsche manier nagespoord, waarom die arme kleine schapen niet zoo vlug als hij dacht dat mogelijk was, dik en rond en blozend werden en bij dien speurtocht heeft hij een schrikwekkend schandaal ontdekt: Zij hebben al drie weken lang geen lepel levertraan geproefd! Toen brak de bom los en alles was in rep en roer! Betsy zei dat ze Sadie Kate voor de een of andere boodschap er uit moest sturen, omdat zijn taaltje niet bepaald voor kinderooren geschikt was. Toen ik thuis kwam, was hij al vertrokken. Miss Snaith had zich in haar vertrek teruggetrokken, smeltend in tranen, en 't raadsel van de niet verorberde 14 flesschen levertraan was nog altijd niet opgelost. Hij had die arme Miss Snaith er lieflijk van beschuldigd, dat zij die flesschen levertraan stiekum had leeg gedronken. Stel je voor! Dat onbeduidende menschje, dat er zoo onschuldig uitziet, zou me daar dien goddelijken drank van die arme, hulpelooze vondelingetjes hebben gestolen om er stilletjes zelf van te genieten!
Haar verdediging bestond uit hysterische beweringen, dat ze van de kinderen hield en volgens haar geweten haar plicht had gedaan. Ze vond het niet goed de babies medicijnen in te geven, dat leek haar slecht voor die kleine maagjes! Je kunt je voorstellen wat Sandy daarop heeft geantwoord! O lieve deugd, wat is het toch jammer dat ik die heerlijke scène juist moest missen!
De onweersbui woedde nog drie dagen lang en Sadie Kate liep haar voetjes open bij het heen en weer draven met gepeperde boodschappen van den dokter naar ons en vice versa! Alleen maar in de hoogst dringende gevallen doe ik zulke zaken telefonisch af, want hij bezit een oude draak van een huishoudster, die aan het toestel beneden in het huis alle gesprekken afluistert, en de schandalen van het John Grier Home mogen niet verbreid worden. De dokter eischte Miss Snaith's onmiddellijk ontslag en ik weigerde. Natuurlijk is het waar, dat zij een absoluut onzelfstandig onbeduidend oud menschje is, maar het is ook een feit, dat ze van de kinderen houdt en, met goed toezicht, wel bruikbaar is.
En bovendien kan ik, met het oog op haar verheven familierelaties, haar niet als een dronken keukenmeid het huis uitzetten. Ik hoop haar mettertijd op een nette wijze eruit te krijgen. Ik hoop haar aan het verstand te brengen, dat een winter in Canada heel goed op haar gestel zal inwerken. En dan komt er nog bij, dat alles door den dokter zoo bruut en gebiedend wordt voorgeschreven, dat het een lust is juist het tegenovergestelde te doen. Als hij zegt dat de wereld rond is, zal ik stokstijf blijven volhouden, dat het beslist een driehoek moet zijn.
Maar ten slotte is toch ook deze zaak geregeld na drie vermakelijke dagen. Een heel kort excuusje heb ik er bij hem nog weten uit te krijgen, omdat hij zoo vreeselijk onaardig tegenover die arme oude dame is geweest, terwijl zij een volledige bekentenis heeft afgelegd met veel beloften voor de toekomst. Het schijnt dat zij het niet over zich kon verkrijgen om die arme schapen dat ellendige goed in te geven, en daar zij aan den anderen kant zich ook niet tegen Dr. MacRae dorst te verzetten, heeft zij de laatste veertien flesschen in een donker hoekje van den kelder verborgen. Hoe ze over dien voorraad op den duur wilde beschikken, is mij nog onbekend. Kun je levertraan misschien beleenen?
* * * * *
Later:
De vredesonderhandelingen eindigden heden namiddag en Sandy had zich net waardig teruggetrokken, toen de WelEd. Gestr. Heer Cyrus Wykoff aangemeld werd. Twee vijanden binnen het uur is toch werkelijk te veel!! De WelEd. Gestr. was verschrikkelijk onder den indruk van de nieuwe eetzaal, vooral toen hij hoorde, dat Betsy die konijntjes met haar leliewitte handjes eigenhandig geschilderd had. Konijntjes op den muur te schilderen is volgens hem het aangewezen werk voor een vrouw, maar een positie als de mijne te bekleeden lijkt hem zeer buitengemeen! Ook vindt hij, dat Mr. Pendleton veel verstandiger had gedaan, door mij niet zoo de vrije hand te laten bij het uitgeven van zijn geld.
Terwijl wij nog steeds Betsy's konijntjes bewonderden, drong een vreeselijk geraas van de keuken tot ons door. Wij snelden toe en vonden Gladiola Murphy schreiend bij de ruïne van vijf gele borden. Het is zeer schadelijk voor mijn zenuwen om het geruisch van brekende borden te moeten verdragen wanneer ik alleen ben, maar het wordt gevaarlijk als zulks in tegenwoordigheid van een WelEd. Gestr. geschiedt.
Ik zal trachten die borden zoo goed mogelijk in hun oorspronkelijken staat terug te brengen maar, als je het John Grier Home nog in zijn ongeschonden schoonheid wilt bewonderen, zou ik je aanraden vlug naar het Noorden te vertrekken.
Steeds Je Sallie.
26 Maart.
Mijn lieve Judy,
Ik kom zoo juist van een dame, die haar man met een baby wil verrassen. Ik heb veel moeite gedaan om haar aan het verstand te brengen, dat, waar hij voor het kind levenslang zal moeten zorgen, zij hem zeker wel van te voren over deze daad mag raadplegen. Zij bleef maar volhouden, dat het hem niets aanging, omdat het grootste werk in uitkleeden, wasschen en opvoeden bestond en haar en niet haar man te beurt zou vallen. Ik begin heusch medelijden met onze mannen te krijgen. Sommigen van hen schijnen al heel weinig rechten te bezitten!
Zelfs onze strijdlustige Schot schijnt mij een slachtoffer van vrouwelijke tirannie te zijn en wel die van zijn huishoudster. Het is schandelijk zooals Maggie McGurk dien man verwaarloost! Ik heb het noodig geacht hem onder de hoede van een vondeling te stellen. Sadie Kate, die met gekruiste beenen op het haardkleedje zit, is juist bezig met een bezorgd huismoedergezichtje de knoopen aan zijn jas te naaien, terwijl hij boven de babies inspecteert.
Je zou het nooit gelooven maar Sandy en ik gaan op droge Schotsche manier werkelijk aan elkaar wennen. Hij heeft het nu als gewoonte aangenomen elken middag, wanneer hij van zijn bezoeken thuis komt, tegen vier uur bij ons aan te loopen om er zich van te overtuigen, dat er geen cholera- of zwarte pokken-geval of wel de pest bij ons heerscht en dan klopt hij om vijf uur bij mij aan om over gemeenschappelijke belangen te spreken.
Denk je dat hij voor mij komt? O neen, dat is het niet! Hij komt alleen maar om zijn kopjes thee en de toast met marmelade in ontvangst te nemen. Die man heeft een hongerige uitdrukking in zijn oogen. Zijn huishoudster schijnt hem niet genoeg te eten te geven. Zoodra ik een beetje meer over hem te zeggen heb, zal ik hem opstoken zich er tegen te verzetten.
Intusschen is hij zeer dankbaar voor al het eetbare dat ik hem reik, maar, o Judy, hij is zoo typisch in zijn pogingen om beleefd te zijn. De eerste maal hield hij zijn kopje in zijn eene en zijn bord met toast in zijn andere hand, terwijl hij blijkbaar naar een derde hand zocht om mee te eten. Nu heeft hij echter het probleem opgelost. Hij trekt zijn teenen in en zet zijn knieën naast elkaar en dan maakt hij van zijn servet een lange worst, waarmede hij de holte tusschen zijn knieën opvult zoodat hij een werkelijk bruikbaren schoot produceert. Dan blijft hij onbeweeglijk zitten totdat zijn thee op is. Ik geloof dat ik eigenlijk voor een tafeltje moest zorgen, maar Sandy met zijn stijve knietjes is een van de weinige amusante oogenblikken die ik heb en ik zou ze niet graag missen.
Daar komt net de post! Zeker een brief van jou! Brieven vormen een heerlijke afwisseling in dit eentonig leven. Als je je directrice te vriend wilt houden moet je haar maar veel schrijven!
* * * * *
Ik heb de mail in ontvangst genomen en den inhoud genoteerd. Breng alsjeblieft mijn hartelijken dank over aan Jervis voor die drie krokodillen in een moeras. Hij schijnt een zeldzaam goeden smaak te bezitten, wat wel bij het uitzoeken van zijn prentbriefkaarten blijkt. Je geïllustreerde brief van zeven tijdjes uit Miami komt net gelijktijdig aan. Ik zou Jervis dadelijk in dien palmboom herkent hebben, zelfs zonder verklarend kruisje. Ik heb ook een allerliefsten brief van zekeren jongen man in Washington gekregen, eveneens een boek en een groot pakket kandijklontjes. De baal apenootjes voor de kinderen heeft hij per expresse verzonden. Heb je ooit zooveel liefs bij elkaar gezien?
Jimmie verblijdt mij met de mededeeling, dat hij mij op komt zoeken zoodra Vader hem maar op de fabriek kan missen. De arme jongen heeft toch zoo het land aan die fabriek! Niet omdat hij lui is, maar hij stelt nu eenmaal geen belang in leeren broeken. Vader kan zoo'n gebrek aan smaak niet begrijpen. Nadat hij de fabriek heeft gebouwd, heeft hij een hartstocht opgevat voor alles wat naar leeren broeken zweemt en dat diende zijn oudste jongen natuurlijk van hem geërfd te hebben! Ik vind het verbazend gemakkelijk dat ik als dochter geboren ben. Mij is nooit gevraagd of ik van broeken hield, maar ik mag net doen wat ik wil en zelfs directrice van een vondelingengesticht worden!
Maar om op mijn mail terug te komen: daarbij is ook een brief van een grossier in koloniale waren, die beweert, dat hij buitengewoon goedkoop allerlei soorten van havermout, rijst, meel gedroogde pruimen en appelen kan leveren en dat hij groote leveranties krijgt voor de gevangenissen en veel liefdadigheidsinrichtingen! Dat klinkt niet veelbelovend, vind je wel?
Ik heb ook een paar brieven van boeren, die allen een stevigen jongen van een jaar of veertien willen hebben, die niet bang is om zijn handen uit de mouwen te steken. Hun bedoeling is die kinderen een goed tehuis te geven. Deze goede tehuizen schieten als paddestoelen uit den grond. Toen we laatst naar een van hen een onderzoek instelden, antwoordde de dorpsdominee op mijn steeds weer gestelde vraag: "Heeft hij eenig geldelijk bezit?" op zeer voorzichtige wijze: "Ik geloof dat hij een kurkentrekker heeft".
Je kunt de meeste van die tehuizen niet vertrouwen. Laatst vonden we een zeer welgestelde boerenfamilie, waarvan de leden allemaal te zamen in drie kamertjes hokten om de rest van hun huis netjes te houden. Het meisje van veertien, dat ze als kind wilden aannemen om er een goedkoop dienstmeisje aan te hebben, zou in hetzelfde bedompte kamertje als de drie kinderen moeten slapen. Hun keuken, eetkamer en salon waren slordiger en vervuilder dan eenig kot, dat ik ooit heb gezien en de atmosfeer was op zijn minst 84 graden! Je kunt moeilijk zeggen dat die familie daar leefde: ze kookte er gewoon! Je begrijpt dat ze het meisje niet te zien kregen.
Ik heb een vast principe waarop al de andere afstuiten: geen kind gaat er bij mij de deur uit als de familie in kwestie hun niet een beter leven, dan dat zij hier hebben, kan aanbieden. Ik meen natuurlijk het leventje, dat onze kinderen over een paar maanden bij ons zullen hebben als wij hier een modelinrichting van hebben gemaakt. Ik moet je eerlijk bekennen, dat het hier op het oogenblik nog lang niet volmaakt is.
Maar ik elk geval ben ik erg kieskeurig met de keuze van de tehuizen van onze kinderen en ik verwerp drie kwart van wat er wordt aangeboden.
* * * * *
Later:
Gordon heeft mijn kinderen een prachtig geschenk gezonden. Zijn baal apenootjes is aangekomen, geen kleine, drie voet hoog!
Herinner je je nog het dessert van apenootjes met bruine suiker, dat ze ons op de Universiteit gaven? Wij trokken er onze aristocratische neuzen voor op maar aten door. Ik heb dat nu ook hier ingesteld en ik kan je verzekeren, dat wij hier onze neuzen niet hebben opgetrokken. Het is heerlijk om kinderen, die een tijdlang onder het regime van Mrs. Lippett hebben gestaan, goed te voeden! Ze zijn zoo dankbaar voor elke kleinigheid die je voor hen doet.
Je kunt je er nu toch zeker niet over beklagen, dat mijn brief niet lang genoeg is!
Je schrijfkramp hebbende S. McB.
[Illustratie]
John Grier Home, Vrijdag.
Lieve Judy.
Het zal je interesseeren te vernemen dat ik alweer een vijand ben tegengekomen. Ditmaal is het de huishoudster van onzen Schot! Ik had al een paar maal door de telefoon met dat wezen gesproken en daarbij opgemerkt, dat haar stem nu juist niet bepaald melodisch was, maar nu heb ik haar tevens te zien gekregen!
Dezen morgen maakte ik op den terugweg van het dorp een kleinen omweg en passeerde daarbij het huis van onzen dokter. Sandy is klaarblijkelijk het resultaat van zijn omgeving -- alles olijfgroen met een laag dak en voor alle vensters gesloten luiken. Je zou zeggen, dat daar binnen iemand zoo juist gestorven was! Ik ben er niet langer over verbaasd, dat de aangenaamheden van het leven dezen armen man ontglipt zijn! Nadat ik eerst den buitenkant van zijn huis had bestudeerd, was ik nieuwsgierig te weten of het er van binnen net zoo uitzag.
En zie je, ik had dien morgen aan het ontbijt heusch wel vijf maal geniesd en ik maakte daaruit op, dat ik zwaar verkouden was en beslist medische hulp behoefde. Dus liep ik manmoedig op het huis aan en schelde.
O Judy, wat een geluid doorgalmt het huis! Zoo waar als ik leef, dat is de stem van de WelEd. Gestr. en zijn voetstap weerklinkt op de trap! Ik móét een paar brieven schrijven en ik heb meer dan genoeg van zijn gezanik, dus stuur ik Jane naar hem toe met het bevel hem scherp in de oogen te kijken en hem te zeggen, dat ik niet thuis ben.
* * * * *
O, wat heerlijk! Wacht even, ik moet even dansen! Hij is afgedropen! Maar deze acht puntjes stellen acht angstwekkende minuten voor, die ik in het donkerste hoekje van mijn werkkamer doorbracht. De WelEd. Gestr. beantwoordde de boodschap van Jane met een vreeselijk gezegde: dat hij plaats zou nemen en op mij zou wachten. En hij kwam naar binnen en wachtte!! Maar hoe kon Jane mij nu zoo lang opgesloten houden! Ze wist wel beter en nam hem mee naar de kinderkamer om het verschrikkelijke te laten zien, wat Sadie Kate daar weer had uitgehaald. De WelEd. Gestr. heer vindt het heerlijk om vreeselijke dingen te ontdekken, vooral wanneer ze door Sadie Kate zijn bedreven! Ik heb er geen idee van, welk schandaal Jane bloot heeft gegeven, maar dat komt er niets op aan: hij is weg!
Waar was ik ook alweer gebleven? O ja, ik schelde bij den dokter aan. De deur werd geopend door een lang, tanig vrouwspersoon met opgestroopte mouwen. Ze leek zeer zakelijk, had een haviksneus en koude grijze oogen.
"Wat is er?" voegde ze mij toe op een toon alsof ik een landlooper was.
"Goedenmorgen", ik lachte even beminnelijk en stapte in het huis. "Spreek ik met Miss McGurk?"
"Ja", antwoordde ze botweg. "En u bent zeker die jonge vrouw uit het gesticht".
"Zeker", antwoordde ik, nog steeds beminnelijk. "Is de dokter thuis?"
"Neen", zei ze.
"Maar dit is toch zijn spreekuur".
"Daaraan stoort hij zich niet".
"Maar dat behóórt hij te doen", weerlegde ik ernstig.
"Wilt u zoo goed zijn en hem zeggen, dat juffrouw McBride hier is geweest om hem te consulteeren en dat ik hem verzoek vanmiddag even bij het John Grier Home aan te loopen".
"Hm", bromde Miss McGurk en sloot de deur zoo schielijk achter mij dicht, dat een slip van mijn rok bleef klemmen.
Toen ik den dokter hierover vanmiddag rapport uitbracht, haalde hij zijn schouders op en beweerde, dat dit nu eenmaal de gewone omgangsmanier van zijn liefelijke hospita was.
"En waarom houdt u haar dan?" vroeg ik natuurlijk.
"Waar zou ik een betere vinden?" zeide hij. "Het werk te verrichten voor een man, die zoo ongeregeld thuis komt als mijn 24 uur het maar veroorloven en toch nog altijd voor eten te moeten zorgen, is geen sinecure. Ze is niet bepaald aangenaam in den omgang maar ze ziet kans, om zelfs als ik 's avonds om negen uur thuis kom, nog voor een warmen maaltijd te zorgen".
[Illustratie]
Niettemin waagde ik de stille opmerking, dat haar warme maaltijden noch smakelijk noch goed zullen zijn. Het is een onkundig oud lui creatuur en ik weet drommels goed waarom zij aan mij het land heeft. Ze is bang dat ik den dokter zal stelen en haar uit haar gemakkelijke betrekking zal wegjagen. Stel je voor!
Maar ik zal dat schepsel toch niet uit den waan halen. Het is goed voor haar als ze eens wat geplaagd wordt. Ze zal dan misschien wat beter voor hem koken zoodat hij een beetje dikker wordt. Dikke mannen zijn meestal goed gehumeurd; daarom zou het ook voor ons niet kwaad zijn!
* * * * *
10 uur: Ik weet niet, wat ik allemaal voor nonsens heb neergeschreven, tusschen alle onderbrekingen door. Het is tenslotte laat in den avond geworden en ik ben te moe om iets anders te doen dan rustig te blijven zitten. Het is werkelijk waar, dat er geen vreugde in het leven bestaat buiten den heerlijken, weldoenden slaap.
Goeden nacht, Judy! Sallie McBride.
Oooooh!!! Een lange geeuw. Getrouw breng ik hem over.
1 April.
Lieve Judy,
Ik heb Isador Gutschneider uitbesteed. Zijn moeder is een dikke glimlachende Zweedsche met blauwe oogen en goudblond haar, die bepaald hem en geen ander wilde hebben, omdat hij de donkerste baby van allemaal is.
Ze heeft altijd dol veel van bruine kindertjes gehouden, maar zelfs in haar stoutmoedigste droombeelden geweten, dat zij zelf er nooit een zou krijgen. Zijn naam zal veranderd worden in Oscar Carlson, naar zijn pas overleden nieuwen oom.