Gereformeerde dogmatiek. Vierde deel
Part 73
Werthurtheile, als inhoud en bewijs der Chr. religie, I, 454, 460v.
Westersche kerk en Theol., in onderscheiding van de Oostersche. Zie Grieksche, Oostersche kerk.
Wet Gods, haar kar., II, 209, 214; III, 343v.; in het Paradijs, II, 558v.; verschill. gedaante, III, 75; als maatstaf van zedelijk handelen, III, 75v., 84v., 151; als kenbron der zonde, III, 84v.; haar eenheid, III, 94; hare beteekenis in het O. Verb., III, 215; als deel van het woord Gods, IV, 201v.; bij Paulus, IV, 202v., 205; en Evangelie, IV, 201v.; bij het eindgericht, IV, 492v.
Wetenschap, Principia in de, I, 145v.; in hare verh. tot de religie, I, 189, 210, 376.
Wetenschap Gods, II, 155v.
Wezen Gods, in abstracto, II, 78; op onderscheidene wijze bepaald in de Chr. Theol., II, 80v.; en onderscheiden van de eigenschappen Gods, II, 86v.; in betr. tot de eigenschappen, II, 90, 115; in de Trin. leer, II, 270v.
Wider hope theorie in Engeland, IV, 500.
Wil, karakter v. d., II, 205v.; III, 87; als subject der zonde, III, 53, 85v.
Wil Gods, II, 202v.; III, 341v.; in betr. tot z.z., II, 178, 206, 418; tot het geschapene, II, 207, 413v., 419; als antecedens en consequens, II, 218v., 325, 354; III, 394; des besluits en des bevels, II, 216v.
Wilsvrijheid in Pelag. zin, II, 164v.; in Ger. zin, II, 167; in verband met de praescientia Dei, II, 167v.; met de praedest., II, 318v.
Wijsbegeerte. Hare verh. tot de Theol., I, 516v.; II, 456; haar gebruik in de Theol. bij de Apolog. en Kerkvaders, I, 55, 57v., 59v., 511v.; II, 252; standpunt der Reformatie tegenover haar, I, 516v.; haar invloed op de Dogmatiek in de 18e en 19e eeuw, I, 42v.
Wijsheid Gods, II, 168v.; als hypostase, II, 228v., 232, 242, 405.
Wonderen, I, 258v., 275, 289v.; III, 22; IV, 229; interpretatie door het Ration., I, 281v.; van Christus, III, 311, 376; geestelijke, als element der openb., I, 274v., 303v.
Woord en feit in de openb. Gods, I, 258v., 283v., 304, 352.
Woord Gods. Beteekenis in de Heilige Schrift, I, 338v., 372, IV, 201; en Schrift, IV, 200v.; als naam van Christus, zie Logos; als kenteeken der kerk, IV, 44v., 51; als genademiddel, IV, 62, 193v.; en Geest, IV, 209v.; en sacramenten, IV, 166, 199v., 220, 232v., 271; zijn efficacia, IV, 211v.
Wraak Gods, II, 196.
Z.
Zaligheid Gods, II, 178v., 206.
Zaligheid, als vrucht van Christus’ werk, III, 380v.; toekomstige, IV, 517v.; der jongstervende kinderen, IV, 522v.
Zalving, III, 335; van Christus, III, 336.
Zebaoth, als naam Gods, II, 111.
Zedelijke wereldorde, II, 59; III, 157v., 344, 347.
Zedelijkheid en religie, I, 193v., 462, III, 553.
Zegel in de H. Schrift, IV, 230.
Zekerheid, Soorten van I, 158, 470v., 478v.; des geloofs, I, 158, 469v., 478v.; III, 526v., 571v.; der zaligheid volgens Rome, I, 479; III, 570v.; IV, 251; moreele, bij Kant, I, 481v.
Zelfbewustzijn Gods, II, 158v.
Zelfbewustzijn van Jezus als Messias en Zone Gods, III, 237v.
Ziel des menschen, II, 536; en geest, II, 537; vermogens der, II, 538; vereeniging met het lichaam, II, 541v.
Zieleslaap, leer v. d., IV, 381, 386v.
Zielsverhuizing, leer v. d., in de oudheid, IV, 407; in den nieuweren tijd, IV, 381v.
Zielzorg bij de Gereform., IV, 170v.
Zoenoffer, III, 304v.
Zonde, In betr. tot de verwerping, II, 373; tot de regeering Gods, II, 369v., 373v.; III, 30v., 34v., 55v., 61v.; oorsprong, III, 34v.; invloed op de natuur, II, 558v.; III, 173, 407; ethisch karakter, II, 53, 80, 81; wezen, III, 72v.; IV, 506v.; bij engelen en bij menschen, III, 51, 66v., 92, 188; graden in de, III, 89v.; principe, III, 96v.; onderscheiding in vergeeflijke en doodel. bij Rome, III, 98v.; tegen den H. Geest, zie lastering; verbreiding, III, 104v.; straf, III, 155v.; als straf v. zonde, III, 135v.
Zondvloed. Zijn geolog. beteekenis, II, 474v., 487v.
Zoon Gods. Gebruik van dezen naam in de H. Schrift, II, 243; als naam van den 2{en} persoon, II, 243v.; III, 238; in betrekking tot de schepping, II, 405v.; IV, 475.
Zoon des menschen. Beteekenis van dezen naam, III, 235v.
* * * * *
Correcties:
Pag. 5: „verkoor” vervangen door „verkoos” (maar Hij verkoos ook een aantal jongeren).
Pag. 33: ingevoegd „niet” (zij behooren niet tot het rijk van Christus).
Pag. 36: „institnut” vervangen door „instituut” (dat ook instituut en organisme der kerk).
Pag. 45: „uitsprekcn” vervangen door „uitspreken” (die klaar en duidelijk dit uitspreken ).
Pag. 46: „one” tweemaal vervangen door „ohne” (Gottes Wort kann nicht ohne Gottes Volk sein, wiederum Gottes Volk kann nicht ohne Gottes Wort sein).
Pag. 68: „Huyper” vervangen door „Kuyper” (Dr. H. H. Kuyper, De opleiding tot den dienst des Woords).
Pag. 86: „toestemmiag” vervangen door „toestemming” (die met toestemming der gemeenten verkoren werden).
Pag. 100: „de elven” vervangen door „dezelven” (dat hij met dezelven gemeen had).
Pag. 143: „Poutif” vervangen door „Pontif” (Bellarminus, de Rom. Pontif. V. de membris eccl. III. Hergenröther).
Pag. 145: „snbordinationis” vervangen door „subordinationis” (officio hierarchicae subordinationis veraeque obedientiae obstringuntu).
Pag. 152: „tnsschen” vervangen door „tusschen” (Evenzoo maakte Calvijn tusschen kerk en staat onderscheid).
Pag. 155: „qaalitatieve” vervangen door „qualitatieve” (het wisselde de quantitatieve tegenstelling ... voor de qualitatieve, ethische tegenstelling).
Pag. 157: „pessim” vervangen door „passim” (Voetius, Pol. Eccl. I 124 sq. en passim. Disp. sel. II).
Pag. 185: „venlent” vervangen door „veulent” (contre ceux qui veulent abolir l’usage et l’autorité).
Pag. 187: „elkandar” vervangen door „elkander” (kunnen dus niet als lager en hooger tegenover elkander staan).
Pag. 220: „Confessionsknnde” vervangen door „Confessionskunde” (Kattenbusch, Vergl. Confessionskunde I).
Pag. 221: „eu” vervangen door „en” (op Gods genade in Christus richten en daardoor dat geloof oefenen).
Pag. 244: „Lomhardus” vervangen door „Lombardus” (sacramentum, non rem, suscipiunt, Lombardus, Sent. IV).
Pag. 246: de paragraafnummering is gecorrigeerd, „6” vervangen door „7” (7. Het getal der sacramenten).
Pag. 253: „Bedentung” vervangen door „Bedeutung” (Die Beschneidung in ihrer geschichtl. ethnogr. relig. u. medic. Bedeutung).
Pag. 261: „in” vervangen door „im” (Die Bedeutung der Taufe im N. T.).
Pag. 294: „zijue” vervangen door „zijne” (dat hij geheel buiten zijne schuld ongedoopt stierf).
Pag. 368: „anszeichnende” vervangen door „auszeichnende” (ist in Wahrheit ihre auszeichnende Stärke gewesen).
Pag. 394: „unitied” vervangen door „united” (Ryle, Knots united p. 491).
Pag. 396: „18” vervangen door „28” (welke hiertegen aangevoerd kan worden, is 1 Sam. 28, waar Saul).
Pag. 401: „venerirt” vervangen door „veneriert” (die Heiligkeit auf Erden religiös veneriert werde).
Pag. 414: „III1” vervangen door „III 1” (Jansen, Prael. III 1 030 enz.).
Pag. 424: „Deisseits” vervangen door „Diesseits” (en alles van het Diesseits, van immanente, kosmische krachten).
Pag. 435: „nimmen” vervangen door „nimmer” (en den staat der verhooging nimmer vanéén).
Pag. 451: „strak” vervangen door „straks” (maar het zal straks duidelijk worden).
Pag. 501: „znsters” vervangen door „zusters” (de broeders en zusters van den vrijen geest).
Pag. 501: „van” vervangen door „von” (Die Lehre von der Apokatastasis² Magdeburg).
Pag. 504: „dikwerk” vervangen door „dikwerf” (en wordt dan inzonderheid zeer dikwerf met ζωη verbonden).
Pag. 532: „cogu.” vervangen door „cogn.” (maar miskent het princ. cogn. internum).
Pag. 535: „Vermittelungstheologie” vervangen door „Vermittlungstheologie” (door Hegel 1, door de Vermittlungstheologie 2).
Pag. 545: „zooodat” vervangen door „zoodat” (12, zoodat God en mensch, twee onderscheidene naturen).
Pag. 548: „geregtigheid” vervangen door „gerechtigheid” (van de toerekening van Christus’ gerechtigheid 6).
Pag. 557: „18” vervangen door „28” (1 Sam. 28 ... IV, 396v.)
Pag. 557: „2S” vervangen door „28” (Matth. 20:28 III, 363.)
Pag. 560: „79v.” vervangen door „279v.” (Augustinus ... over den Kinderdoop IV, 262, 279v.)
Pag. 560: „alomtetegenwoordigheid” vervangen door „alomtegenwoordigheid” (Augustinus Steuchus, over de alomtegenwoordigheid Gods).
Pag. 561 „ziju” vervangen door „zijn” (Doedes, Zijn drieërlei Dogmatiek I, 11; zijn scheiding van gelooven en weten I, 451; zijn verdeeling v. d. eigenschappen Gods II, 89;).
Pag. 564: „Max Müller” vervangen door „Müller, Max” (Müller, Max, Over den oorsprong der religie).
Pag. 565: „sehepselen” vervangen door „schepselen” (Origenes ... over de oorspronkelijke gelijkheid aller schepselen).
Pag. 569: „vau” vervangen door „van” (Acceptilatie in de voldoening van Christus).
Pag. 576: „311v.” vervangen door „411v.” (Heiligmaking ... volkomene, bij den dood, IV, 411v.)
Pag. 588: „verh.” vervangen door „verk.” (Verkiezing, ... verk. tot het verbond der genade).