Een Bezoek aan de Philippijnsche Eilanden
Part 28
«Ten opzigte van de regten, die van den invoer worden geheven, moeten wij de meer of minder spoedige waarschijnlijkheid van directen invoer uit Europa of China naar Iloilo, in aanmerking nemen. Men behoeft slechts weinig bekend te zijn met den trapsgewijzen en langzamen gang der handelszaken om de traagheid te erkennen, waarmede zij voor nieuwe kanalen van communicatie geschikt wordt. Vooral is dit het geval ten opzigte van deze zuidelijke eilanden, ten gevolge van de afsluiting waarin zij met betrekking tot den handel werden gehouden en die zoo groot is dat men gerust kan zeggen, dat het eiland Panay, met zijne 750,000 inwoners, naauwelijks zelfs bij naam bekend is op eenige der handelsmarkten van Europa, Amerika en zelfs van Azië. Men behoeft er zich dus niet over te verwonderen, dat geene directe transactiën in den invoer hebben plaats gehad. Men moet in aanmerking nemen dat de jaren 1857-58 hoogst ongunstig voor nieuwe handelsbelangen van elken aard zijn geweest door den toenmaligen gedrukten toestand van den handel op alle markten ter wereld. Deze gedrukte toestand, ofschoon hij nog gevoeld wordt, oefent echter thans geen invloed meer uit en de Iloilo-markt zal onder anderen ongetwijfeld de aandacht trekken van Europesche fabrikanten en kapitalisten, ofschoon noodwendig eenige tijd zal moeten verloopen, vóórdat een voldoend aantal reeders kan gevonden worden om verzendingen te doen van zulk een verscheiden aard en sortering als noodig zouden zijn eene lading vol te maken, ten einde in de behoeften van Panay en de naburige eilanden te voorzien. Reeds zijn langs Manilla verzendingen aangekomen, die bijzonder voor de Iloilo-markt werden bestemd en deze omstandigheid en het feit dat de Manchestersche fabrikanten belang beginnen te stellen in de navraag van Iloilo, waarborgen stellig de verwachting dat het niet lang meer zal duren, dat verzendingen uit Europa langs Manilla op uitgebreide schaal zullen plaats hebben en den weg tot directe verscheping naar Iloilo zullen banen. Ofschoon het bijna nutteloos is in dergelijke gevallen voorspellingen te doen, waar zoo vele omstandigheden de ontwikkeling van eene nieuwe markt kunnen belemmeren of bevorderen, aarzel ik toch niet te verklaren dat het meer dan waarschijnlijk is, dat in den loop van twee jaren Spaansche vaartuigen direct uit Liverpool zullen komen of Manilla zullen aandoen en een gedeelte van hunne ladingen daar laten, waardoor meer bijzonder dan thans regtstreeksche uitvoer zal plaats hebben en de suikeroogst tot eene hoogte gebragt worden, die het aan de schepen, welke met stukgoederen aankomen, gemakkelijk zal maken, om ladingen van suiker, sapanhout en huiden terug te nemen, alle welke producten--het behoeft niet gezegd te worden--te Iloilo veel goedkooper dan te Manilla kunnen worden verkregen.
«Het is ook waarschijnlijk dat spoediger regtstreeksche invoer uit China dan uit Europa zal plaats hebben. Het gebruik van ruwe Shangaï-zijde is veel grooter te Iloilo dan in eenige van de andere Philippijnsche provinciën en de consumptie bedraagt meer dan 30 pikols per maand, die gemiddeld 600 dollars zilver per pikol of wel 18,000 dollars per maand waardig zijn.
«De uitvoerhandel van Iloilo regtstreeks naar vreemde markten is inderdaad de eerste gebeurtenis, waarvan het handelslot, om zoo te zeggen, van de Bisaja-eilanden afhangt. De voornaamste hinderpaal, behalve de bovengemelde, die het begin heeft vertraagd, was de buitengewoon geringe opbrengst van suiker. In 1855-56 bedroeg de oogst te Iloilo, daaronder eenige hoeveelheid uit het eiland Negros gerekend, naauwelijks 12,000 pikols en in plaats van te vermeerderen, is zij verminderd ten gevolge van de ontmoedigende werking der uiterst lage prijzen van 1,875 tot 2 dollars per pikol van 140 lbs., hetgeen alles was, wat men er voor kon krijgen, na de kosten van verzending naar Manilla te hebben ondergaan. In 1856-57 beliep de opbrengst, onder den prikkel van hoogere prijzen, 35,000 à 37,000 pikols. In 1857-58 hadden deze hooge prijzen een nog beter gevolg voor het planten van riet, en men berekende dat de oogst minstens 50,000 pikols zou opleveren; maar veel regenachtig weder deed de jaarlijksche opbrengst tot ongeveer 30,000 dalen. De oogst van 1858-59 is echter het gevaar van regen ontkomen en men berekent, dat hij ongeveer 80,000 pikols van Januarij tot Julij zal opleveren. Hij wordt zelfs wel op 100,000 pikols geschat, maar ik geloof dat hierin overdrijving bestaat.
«Daar de opbrengst van suiker te Iloilo (ongerekend de oogst van Isla de Negros, die nu berekend wordt 30,000 pikols op te leveren en die van Antique, welke men op 20,000 pikols schat, beide zeer geschikt voor de markt van Iloilo) gelukkig het bovengemelde bedrag heeft bereikt, is regtstreeksche uitvoer van suiker nu mogelijk geworden en er worden toebereidselen gemaakt om regtstreeks naar Australië verzendingen te doen plaats hebben gedurende de eerste maanden van het volgende jaar.
«Het bereiken van markten van consumptie langs den regtstreekschen weg, het vermijden van overscheping en van dubbele vrachtkosten, zijn punten, die uit een handelsoogpunt van het grootste belang zijn [36]. De zaken nu staan zoo, dat het des te meer noodig is, met opzigt tot den Philippijnschen handel, om deze punten in het oog te houden. Australië is nu, na Groot-Brittannië, de meest belangrijke markt voor de Philippijnsche suiker en bijzonder voor de ruwe Bisajaansche suiker van Iloilo en Cebu, die daar ter raffinering gebruikt worden en het zal ongetwijfeld spoedig de grootste consument van de suiker op deze eilanden zijn. In 1857 bedroeg de uitvoer van Iloilo- en Cebu-suiker van Manilla naar Australië respect. 18,178 en 51,519 pikols, terwijl naar al de andere markten en daaronder naar Groot-Brittannië 11,519 en 41,699 pikols werden verzonden; in hetzelfde jaar beliep de totale uitvoer van alle soorten van suiker naar Australië zelfs meer dan naar Groot-Brittannië, namelijk: 17,847 vaten of 285,552 pikols naar de eerste, tegen 16,675 vaten of 266,800 pikols naar de laatste markt. In dit jaar (1858) bedroeg de totale uitvoer van Manilla naar Australië, ten gevolge van een tekort in de Pampanga-oogst en de ontmoediging, die de hooge prijzen van 1857 aan de Australische invoerders berokkenden, slechts 9,038 vaten of 145,028 pikols.
«Terzelfder tijd voorzien Mauritius, Java en Bengalen Australië met groote en toenemende hoeveelheden suiker, en Mauritius in het bijzonder, dat de groote voordeelen geniet van meerdere nabijheid (wat den tijd betreft) en van machines en andere benoodigdheden, die van veel beter hoedanigheid zijn dan die welke in de Philippijnen in gebruik zijn, voorziet de Australische markt van eene groote hoeveelheid gekristalliseerde en geele suiker, die in Sydney en Melbourne veel gezocht worden, waar de voortdurende toeneming van de bevolking en van de algemeene welvaart de navraag naar betere soorten suiker vermeerdert. In 1857 kregen de Australische koloniën 24,000 vaten of 384,000 pikols suiker uit Mauritius, en de laatste verslagen doen voorzien, dat de verschepingen dit jaar naar dezelfde gedeelten 30,000 vaten of 480,000 pikols zullen bedragen. De Port Louis Commercial Gazette van 10 Augustus 1858 zegt het navolgende: «Er is geen twijfel dat de tegenwoordige oogst 240 millioen pond, dat is 120,000 vaten (bijna 2 millioen pikols), zal bedragen, maar daar de Australische koloniën 24,000 van den laatsten oogst trokken, kunnen wij verwachten dat zij van dezen minstens 30,000 zullen nemen, daar onze gekristalliseerde en geele suikers daar meer gewild worden.» Hetzelfde dagblad van 27 October voegt er bij: «Deze gemakkelijkheid om voor de producten billijke prijzen te maken, heeft levendigheid aan de zaken bijgezet en de vooruitzigten van de kolonie verbeterd. Er zijn nu 150 vaartuigen in onze haven, die naar en van verschillende gedeelten der wereld laden en lossen. Op onze marine-etablissementen houdt men zich druk bezig met het herstellen van schepen van verschillende natiën, die zich gelukkig geacht hebben hier eene schuilplaats te kunnen vinden; onze uitgestrekte kaden zijn te klein voor onzen handel; de doelmatige nieuwe pakhuizen, die laatstelijk gebouwd zijn en tot de verfraaijing van onze haven zullen bijdragen, zijn gevuld met goederen en producten; onze bevolking is dit jaar met 25,000 immigranten vermeerderd, terwijl slechts 6,500 personen zijn vertrokken. Onze openbare inkomsten zijn belangrijk vermeerderd; de maatschappijen nemen in bloei toe; de landbouw is uitgebreid, suiker-machines en werken verbeterd en vermeerderd, en particuliere gebouwen in het voornaamste gedeelte der stad vergroot en uitwendig verbeterd.»
«Gelukkig voor de Philippijnen, met het oog op hunne krachtiger mededingers, Mauritius, Java en Bengalen, zijn de mindere soorten van ruwe suikers van Iloilo, Capiz en Antique, Isla de Negros en Cebu, in gewone tijden, goedkooper dan die van eenige der laatste koloniën en dien ten gevolge meer geschikt ter raffinering; maar niets kan helderder dan de bovengenoemde feiten nopens den uitvoer van Mauritius, het groote gewigt doen uitkomen van het openhouden der wegen van uitvoer voor de ruwe Philippijnsche suikers naar Australië tegen de goedkoopst mogelijke prijzen voor de invoerders.
«De grootere uitgestrektheid en de buitengewone vruchtbaarheid der Philippijnen, in vergelijking met Mauritius, moeten ten slotte, zoo geene kunstmatige hinderpalen op nieuw aan de productie van de eerste in den weg gelegd worden, tot de ontwikkeling leiden van meerdere suikeroogst dan die van de laatste kolonie.
«De resultaten van de opening der havens van Soerabaja, Samarang en Cheribon en van andere op het eiland Java, zijn aanmoedigende omstandigheden, daar zij, onder meer gelijke voorbeelden, aantoonen van hoe groot gewigt Iloilo, als de centrale haven van de Bisajaansche eilanden, kan worden. Soerabaja en Samarang (en vooral de eerste), die gunstig nabij de hoofdplaatsen van productie zijn gelegen, voeren nu eene onmetelijke hoeveelheid producten uit en er worden orders voor de directe verscheping naar Europa van rijst, suiker, koffij, tabak en andere Javaansche producten door den telegraaf door de Bataviasche huizen aan hunne agenten in deze havens gegeven over een afstand van meer dan 350 mijlen. Ik kan voor het oogenblik niet meer doen dan kortelijk wijzen op het begin van uitvoer van hout voor gebouwen en meubelen van Iloilo en Antique naar China. Het Spaansche vaartuig Santa Justa laadde dit jaar eene groote lading hout voor Hongkong, die laatstelijk tegen 63 1/2 cents per voet werd gekocht. Sedert is de prijs ten gevolge van de navraag voor den herbouw van Canton, in Hongkong gerezen en zijn toebereidselen gemaakt om andere ladingen met een groot vaartuig, hetzij Spaansch of buitenlandsch, naar China te verzenden; er bestaat veel uitzigt dat binnen kort eene groote trafiek in dit artikel zal komen, dat, gelijk wij reeds zeiden, van uitmuntende hoedanigheid, in groote hoeveelheid, goedkoop en gemakkelijk verkrijgbaar is bij Iloilo en de aangrenzende provincie Antique.
«Vaartuigen, die de reis naar Iloilo uit Australië of van eenige plaats in het zuiden der Philippijnen maken, moeten, gedurende den Z. W. mousson, den archipel tusschen de eilanden Basilan en Zamboanga binnenvaren en, wanneer zij kaap Batalampon voorbijgaan, in den omtrek van kaap Gorda blijven en het Murcielagos-eiland aandoen, om daardoor te vermijden om naar de westzijde te worden gedreven door de sterke stroomen, die van de Mindanao-kust opkomen gedurende de beide moussons.
«Gedurende den N. O. mousson is het best een omweg te maken naar het oosten der Philippijnen en den archipel langs de straat van San Bernardino in te varen. Deze moeten langs Samar en Masbate binnen gevaren worden. Vaartuigen, die van Manilla of van noordelijke havens komen, kunnen langs de Mindoro-passage gaan, maar zij moeten Don Claudio Monterio's kaarten raadplegen. Na Tables en Romblon (waar eene uitmuntende haven is) te zijn gepasseerd, moet men de Silanga-eilanden aandoen, waarvoor het hooge eiland gelegen is, Suikerbrood (Pan de Azucar) genaamd. Gedurende den N. O. mousson moeten de vaartuigen zich tusschen de eilanden Jintotolo en het grootere Zapato (Schoen-eiland) houden, maar gedurende den zuidwestelijken tusschen Olivaja en het kleinere Zapato passeren. Het beste kanaal is tusschen Sicogon en Calaguan, maar de uitwendige en breeder passage tusschen de eilandgroepen en het eiland Negros, is verkieslijk voor groote vaartuigen. In den binnenweg is eene veilige ankerplaats. Te Bacuan en Apiton vindt men voorraad.
«Het getij door de Silanga-eilanden en de Zeven Zonden stroomt drie of vier mijlen per uur en van de Zeven Zonden naar Iloilo dikwijls zes tot zeven mijlen per uur.»
De bloei van den handel is zoo naauw verbonden met de algemeene welvaart en de vermeerdering van menschelijk geluk, dat men niet anders dan met belangstelling de resultaten kan beschouwen van eene wetgeving, die den handel van banden verlost en de industrie aanmoedigt, en het eiland Panay kan als een veelbelovend veld voor de toekomst beschouwd worden. Uit de jongste verslagen blijkt, dat de rietaanplant zeer snel in deze provincie is toegenomen, ten gevolge van de voortdurend hooge prijzen van de suiker en ook van het feit, dat de directe uitvoerhandel naar Australië is begonnen. De planters zien nu, dat de aankomst van vreemde vaartuigen tot eene voortdurende navraag voor hunne suiker zal leiden tegen betere prijzen, dan die zij vroeger op de markt te Manilla maakten, van waar, vóór de opening van de haven van Iloilo voor den vreemden handel, al de suiker van deze en de naburige provinciën moesten worden verscheept tegen groote onkosten door hooge vrachtprijzen, landings- en overschepingsregten, zee-assurantie, commissie, makelarij enz., al hetwelk nu door directe verscheping naar de plaats van productie wordt vermeld.
«De prikkel aan de aanplant gegeven, heeft dit jaar eene vermeerdering in de opbrengst te weeg gebragt van 60,000 pikols (3,750 vaten) en te oordeelen naar de groote hoeveelheid riet, die voor den volgenden oogst wordt geplant, kan men verwachten dat in 1860 ongeveer 140,000 pikols (7,500 vaten) zullen worden geproduceerd, zonder de hoeveelheid te rekenen die de naburige provinciën Antique (30,000 pikols) en het eiland Negros (35,000 à 40,000 pikols) opleveren, uit welke beide plaatsen suiker wordt aangebragt en uitgevoerd.
«Het verschil in de kosten van de suiker te Iloilo en Manilla bedraagt tegenwoordig 2 p. 16 sh. 5 d. per vat, vrij aan boord, zoo als blijkt uit de volgende
VERGELIJKENDE TABEL VAN KOSTEN.
Dollars. Te Manilla, 23 April 1859. 1 vat = 16 pikols à 3.87 1/2 dollars 62.00 Uitvoerregten à 3 pCt 1.86 Ontvangst, inladen en verschepen, 27 cents per pikol 4.32 ------ 6.18 ----- 68.18 Commissieloon (in fondsen) 2 1/2 pCt. 1.70 ----- Kosten vrij aan boord te Manilla 69.88 Idem te Iloilo 55.71 ----- Verschil 14.17
Dollars. Te Iloilo, 2 Mei 1859 1 vat = gelijk 16 pikols à 2.75 dollars 44.00 Uitvoerregt 3 pCt. 1.32 Ontvangst, inlading en inscheping, 20 cents per pikol (geen huurboot wordt te Iloilo toegelaten) 3.20 ------ 4.52 48.52 ----- Commissieloon 2 1/2 pCt. 1.21 ----- 49.73 12 pCt. kosten van zilver 5.98 ----- Kosten te Iloilo vrij aan boord 55.71
Verschil 14.17 dollars pd. st. 3. 1.5
Minder voor vrachtkosten per vat, wanneer een 0. 5.0 vaartuig te Manilla naar Iloilo gaat laden ------ Kosten per vat, minder te Iloilo pd. st. 2.16.5
«Het eiland Panay, waarvan Iloilo de voornaamste haven is, is verdeeld in de drie provinciën Iloilo, Capiz en Antique, die respectivelijk 527,970, 143,713 en 77,639 inwoners bevatten, zijnde een totaal bedrag van 749,322, volgens de officiële bescheiden van 1858.
«Britsch vice-consulaat voor Panay,
«Iloilo, 2 Mei 1859. «N. LONEY.»
Niettegenstaande de gunstige vooruitzigten voor den handel te Iloilo, is weinig of niets gedaan voor de verbetering van de haven of ter vergemakkelijking van de uitbreiding van haren handel. Er is geen havenhoofd, geen licht, geene aanwijzing van gevaarlijke plaatsen, ofschoon de Oton-ondiepte zich uitbreidt, en het van het grootste belang is dat het veilige kanaal aan de zeevaarders worde aangewezen. De laatste instructiën der marine (1859) zijn de volgende:
«De haven van Iloilo, aan het zuidelijke strand van het Panay-eiland gelegen, ofschoon wel beschermd en van nature goed, is niet van inconveniënten ontbloot; zij kan echter gemakkelijk vermeden worden. Van eene goede kaart voorzien en als men van het noorden met eene loods nadert, kunnen groote vaartuigen veilig binnenvaren.
«De diepte van het water aan den dam bij den ingang van de kreek of rivier Iloilo, bedraagt omtrent vijf vademen bij laag water, maar op korten afstand verder op vermindert zij tot 15 voet en dan wordt het weer dieper. Daar de hoogte van het getij zes voet bedraagt, kan een vaartuig van een diepgang van 16 tot 18 voet gemakkelijk in- en uitzeilen, en wanneer, zoo als is voorgesteld, eene maalmachine wordt gebruikt om den modder te verwijderen, die zich op de meer ondiepe plaatsen bij den ingang heeft opgehoopt, kunnen vaartuigen van elken diepgang hunne ladingen binnenwaarts voltooijen. Een Spaansch schip van 700 ton, laadde in 1857 een gedeelte van eene lading tabak binnen de kreek en voltooide de lading buitenwaarts.
«Daar de oevers van de kreek van zachten modder zijn, bestaat er weinig of geen gevaar om vast te raken. Wanneer men ongeveer anderhalf mijl de kreek opvaart, die van eene halve tot drie kwart mijl in breedte verschilt, brengen de kustvaarders de goederen tot aan de woningen der reeders en hebben het voordeel te laden en te lossen aan de magazijnen, zonder het gebruik van booten. Van dit punt af loopt de kreek tot Molo, naar welke plaats kustvaartuigen vroeger konden gaan door eene ophaalbrug. Deze is echter versleten en daar de tegenwoordige brug geene middelen van doortogt aanbiedt, blijven zij te Iloilo, waar de Molo-handelaren hunne magazijnen hebben overgebragt. Men is echter reeds beginnen te arbeiden aan eene nieuwe beweegbare brug voor den doortogt van vaartuigen.
«Het eiland Guimaras vormt tegenover Iloilo een beschutten doortogt, die ongeveer noordelijk en zuidelijk loopt, van 2 1/2 tot 6 mijlen breed is, diep water en eene goede ankerplaats heeft. De zuidelijke ingang tot deze passage wordt zeer belemmerd door de Oton-bank, die zich op belangrijken afstand van het Panay-strand uitstrekt en ongeveer eene mijl ver het doelmatige kanaal naar deze haven bekort tot eene breedte van ongeveer twee mijlen. Deze ondiepte is bijna een eiland geworden. Er bestaat echter geen hinderpaal voor groote vaartuigen gedurende den noord-westelijken mousson (vooral als het kanaal wordt uitgebaggerd), daar de doortogt geheel zuiver is, terwijl zij in den noord-oostelijken mousson met het getij kunnen werken, omstreeks Guimaras blijvende (waarvan de kust zuiver is en diep water heeft), en zoo noodig aan het einde der ondiepte ankerende, die goeden vasten grond oplevert en waar men veilig nabij kan komen. Dit geheele gedeelte van de kust biedt dan ook eene veilige ankerplaats aan gedurende den noord-oostelijken mousson.
«Wanneer het hard in het zuidelijke kanaal naar Iloilo waait kan een vaartuig gaan naar de haven van Bulnagar of Santa Ana, aan de zuidwestzijde van Guimaras, waartoe de toegang gemakkelijk is en die vaartuigen van de grootste tonnemaat kan bevatten; zij biedt eene goede schuilplaats aan onder bijna alle omstandigheden.
«De kustvaartuigen gaan gewoonlijk van het noorden naar den noordelijken ingang tot Iloilo door de kleine, rijk van hout voorziene eilanden Gigantes, Sicogon, Pan de Azucar, Apiton enz., die gezamenlijk de Silanga genoemd worden, welke aan de noord-oostkust van Panay gelegen en op belangrijken afstand eene buitengewoon goede wijkplaats aanbiedt voor vaartuigen, die in den handel met Manilla en de meest zuidelijke Bisangas zijn betrokken. Ofschoon zich echter onder deze eilanden eene uitmuntende ankerplaats bevindt, vooral te Pan de Azucar en Tagal, zou het toch voorzigtiger zijn voor groote schepen, ingeval men niet practisch bekend is met het getij, de stroomingen enz., het buitenwaartsche kanaal te kiezen tusschen de Silanga en het eiland Negros.
«Na de Calabazos-rotsen en Papitas-ondiepte te zijn gepasseerd en het blokhuis van Banate in het gezigt te hebben (dat, even als vele andere op de Philippijnsche kusten is gebouwd ter beveiliging tegen de zeeroovers van de Soeloe-zee) moet men zuidelijk den koers houden, tot dat men eene groep van zeven merkwaardige rotsen, de Zeven Zonden genaamd, in het gezigt krijgt, die tusschen het noordelijk einde van Guimaras en het Panay-strand gelegen zijn; men moet dan direct daarnaar koers nemen en zorg dragen de Iguana-Bank te vermijden. Vaartuigen van tamelijken diepgang kunnen de kreek binnenvaren of, zoo zij te groot zijn, naar de oostzijde van het fort varen, waar zij tegen den wind en de gestrengheid van het getij beschut zijn.
«Een lichttoren, met een vast licht, zal op de Zeven Zonden en een ander op kaap Dumangas geplaatst worden. Ook zullen havenhoofden worden aangelegd langs het kanaal nabij de Iguana en Oton-ondiepten [37].»
Het laatste verslag van de scheepvaart in de haven van Iloilo komt in de onderstaande noot voor [38].
Iloilo biedt vele gemakken aan voor de daarstelling van werven, havenhoofden en landingsplaatsen, maar er zijn nog geene gebouwd. De toegang tot de rivier en hare geheele loop kunnen gemakkelijk gezuiverd worden, maar weinig of niets wordt er verrigt tot wegruiming van den opgehoopten modder.
HOOFDSTUK XXVI.
SUAL.