Een Bezoek aan de Philippijnsche Eilanden
Part 27
In aanmerking genomen, dat de Philippijnen veeleer eene landbouw- dan eene fabriekstreek zijn, mag men zeggen dat de weefproducten van Iloilo eene aanmerkelijke ontwikkeling hebben erlangd. Niets trekt meer de aandacht op de wekelijksche markten, die in de verschillende steden gehouden worden, dan de overvloed van de inlandsche ter verkoop aangeboden goederen en ook het aantal in werking zijnde werktuigen in de meeste steden en dorpen geeft stof tot bewondering. In bijna ieder gezin vindt men eene dezer machines, met een eenvoudig toestel, uit stukken bamboe zamengesteld en in de meeste huizen der mestizen en de gegoede Indianen, zijn zes tot twaalf werktuigen in het werk. Het geheele aantal in deze provincie wordt op 60,000 geschat, en ofschoon deze cijfers de tegenwoordige hoeveelheid welligt te hoog opgeven, kunnen zij niet veel minder zijn. Al het weefsel wordt door vrouwen verrigt, wier loon gewoonlijk 1 à 1.50 dollar per maand bedraagt. In het algemeen--en dit is eene handelwijs die ongelukkig maar te zeer in zwang is onder de inlanders in iederen tak van arbeid--worden deze bezoldigingen maanden lang vooruit betaald, en de arbeiders besteden dan soms jaren (worden eigenlijk werkelijke slaven gedurende langen tijd) voordat eene oorspronkelijk kleine schuld is afbetaald. Er zijn nog andere werksters, die van tijd tot tijd bezig zijn om de goederen in het werktuig «op te zetten»; daarmede kunnen zij 1 à 1.50 dollar per dag verdienen. Hierbij moet nog gevoegd worden, dat Capiz en Antique ook, in mindere hoeveelheid dan Iloilo, fabriekgoederen produceren.
Niettegenstaande den toenemenden invoer van Europesche stukgoederen in Panay, is het een verblijdend verschijnsel, dat de hoeveelheid uitgevoerde gemengde pina-stoffen veeleer vermeerdert dan omgekeerd met de trapsgewijze toeneming van de algemeene bevolking en de vermeerderde middelen die zij verkrijgt door de snel toenemende ontwikkeling van de hulpbronnen der eilanden. Te oordeelen naar de waarde der hoeveelheden die door bijna elk vaartuig worden ingenomen, dat naar de haven van Manilla vertrekt, wordt de jaarlijksche uitvoer in die rigting niet te hoog geschat, als men dien op 400,000 dollars berekent. De goederen, onder dit bedrag begrepen, worden, men lette dit wel op, niet alleen in de stad en provincie Manilla gebruikt, maar komen ook in de consumptie voor van Pampanga, La Laguna, Camarines en andere provinciën van Luzon. Den uitvoer van pina naar de hoofdstad daaronder begrepen, wordt eene waarde van 30,000 dollars aan katoenen en zijden sarongs en handdoeken jaarlijks naar Camarines verzonden. Eenige hoeveelheid wordt ook naar Leyte en Samar uitgevoerd, doch zelfs eene approximative berekening van de waarde der op die wijze verscheepte goederen kan niet opgegeven worden. Men heeft hier zoo weinig acht geslagen op het onderwerp van statistiek, noch van de zijde der autoriteiten, noch van die der plaatselijke handelaren zelven, dat aan het slot van zijne aanteekening der voornaamste artikelen, die uit Panay worden uitgevoerd, de heer Loney het zelf betreurt niet in staat te zijn eene complete opgave van de gezamenlijke waarde te kunnen geven. De Estadistica de Filipinas, in 1855 uitgegeven en te Manilla gecompileerd door de Comision Central, voor dat doel benoemd, geeft van cijfers, die waarschijnlijk van de zeer onvoldoende tolregten zijn verkregen, de volgende opgaven voor de waarde van den invoer uit Panay naar Manilla in 1854:
Dollars. Iloilo. Iloilo 264,416 Guimbal 39,850 ------- 304,266 Capiz. Capiz 181,681 Calwo 114,124 Ibajay 7,095 Batan 15,147 ------- 318,047 Antique. Antique 18,866 San José 2,925 Cagajancillo 3,061 Cûlasi 1,199 ------- 26,051 ------- 648,364
Maar het meest vlugtige onderzoek van hetgeen de waarschijnlijke waarde der meer belangrijke uitgevoerde artikelen moet zijn, zelfs wanneer men de als waarschijnlijk aangenomen hoeveelheden in de voorafgaande cijfers aanneemt, leidt tot de conclusie dat de uitvoer naar Manilla uit de provincie Iloilo alleen moet gelijk staan met of meer bedragen dan het bedrag, dat de Estadistica als de totale som voor de provinciën heeft gegeven.
Wanneer men de hoeveelheden en waarde als volgt aanneemt, dan zijn de resultaten van:
Dollars.
Pina, zijde, hennep en andere fabrikaten 400,000 Tabak 30,000 quintals, gemiddeld 3 1/2 doll. 105,000 Padie 30,000 zakken, id. 1 doll. 30,000 Suiker 20,000 pikols, id. 3 doll. 60,000 Sapanhout 33,000 id. id. 1 doll. 33,000 Hennep 5,000 id. id. 5 1/2 doll. 27,500 Huiden 2,050 id. totale waarde 19,800 Alle andere artikelen oppervlakkig geschat op 45,000 ------- 720,300
Naar deze som, wanneer daarbij komt de uitvoer naar andere eilanden en provinciën, mag men veilig aannemen, dat de totale waarde van den uitvoer uit Iloilo niet veel minder bedraagt dan 800,000 dollars, een bedrag dat in het geheel niet buiten evenredigheid tot het aantal inwoners schijnt te staan. Uit deze cijfers blijkt, dat wanneer de uitvoer van Capiz op 700,000 en die van Antique op 70,000 dollars wordt berekend, de jaarlijksche uitvoer van Panay eene gezamenlijke waarde van meer dan 1,500,000 dollars bedraagt.
Maar zelfs de onvolledige opgaven van de Estadistica kunnen eenig denkbeeld geven van de snelle vermeerdering in den uitvoer der drie provinciën. Zoo bedroeg b. v. in 1852 de waarde der producten uit Iloilo, Capiz en Antique 271,335; in 1853 302,605 en in 1854 648,369 dollars, gevende eene vermeerdering in 1854 van veel meer dan het dubbele bedrag in 1852. Te dien opzigte moet nog opgemerkt worden, dat het plaatselijke tolkantoor ongelukkig geene volledige bijzonderheden van den uitvoer van 1856 heeft opgeteekend, maar daarmede eerst in 1857 is begonnen. Deze bijzonderheden zijn intusschen van betrekkelijk minder gewigt dan die van regtstreeksche buitenlandsche verzendingen, die later de aandacht zullen trekken.
De heer Loney schetst den tegenwoordigen toestand van den invoerhandel in Iloilo aldus:
«Ofschoon welligt het grootste gedeelte der kleeding voor de bevolking van Panay door de inlandsche werktuigen wordt vervaardigd, wordt nog eene groote hoeveelheid Europesche goederen jaarlijks uit Manilla ingevoerd. Ik reken dat gemiddeld (voor zoo ver men dit kan doen bij volslagen gemis van eenige bepaalde opgaven) voor ongeveer 30 à 40,000 dollars per maand aan goederen naar de haven van Iloilo wordt gebragt door de mestizen en Chinesche handelaren, waarover achtereenvolgens op de grootere markten van Jaro, Molo, Oton, Mandurriao, enz. wordt beschikt, van waar een zeker gedeelte naar het binnenland gaat. Deze tak van handel wordt tot nog toe hoofdzakelijk gevoerd door de mestizen-handelaren van Molo en Jaro, die bij het doen hunner aankoopen van inlandsche goederen voor de Manilla-markt, zich daarmede (ten getale van zes tot tien, vijftien en soms twintig) in de kustvaartuigen inschepen, die naar de hoofdstad vertrekken. De opbrengst van deze speculatiën, die zij meestal in vreemde (vooral Britsche) manufacturen terugbrengen, worden tegen lage prijzen van de groote Chinesche winkeliers te Manilla verkocht. De verkoop van deze goederen in het klein heeft hier nog op de aloude wijze plaats, door ze namelijk op zekere bepaalde dagen van plaats tot plaats te brengen. Op deze wijze worden goederen, die heden op de wekelijksche mis of markt te Jaro verschijnen, achtereenvolgens te Molo, Mandurriao, Oton of Arévalo te koop aangeboden. Zij worden naar en van de verschillende pueblos gebragt in wagens, van sterke wielen voorziene rijtuigen, die door buffels en ossen worden getrokken,--eene wijze van vervoer, die gedurende het natte jaargetijde veel oponthoud en gevaar veroorzaakt. De Chinesche handelaren te Molo en eenige kleinhandelaren te Iloilo zijn echter begonnen voortdurende winkels te openen, en het is waarschijnlijk dat het aantal daarvan trapsgewijze in de provincie zal toenemen; daar intusschen de missen ook het centrale aantrekkingspunt zijn voor al de producten binnen zekeren kring van iedere pueblo, en daardoor veel volk bijeen brengen, zal het wekelijksche vervoer van stuk- en andere goederen van de eene naar de andere plaats altijd in groote hoeveelheid blijven voortduren. Ongeveer dertig Chinezen zijn bepaald te Molo gevestigd, alwaar zij meestal met anderen te Manilla in betrekking staan, hetzij als deelgenooten, dan wel als agenten, terwijl twee of drie zich te Jaro gevestigd hebben. Een zeker aantal houdt zich ook bezig met reizen naar en van Manilla met goederen, na te hebben gerealiseerd wat zij hier voor een nieuwen voorraad terug brengen, terwijl zij de opbrengst in geld of in producten nemen. Een der Chinesche handelaren te Molo, die wel voorzien wordt door de hoofdstad, koopt goederen tot een bedrag van 30,000 à 40,000 dollars per jaar. Ten gevolge echter van de te groote concurrentie tusschen elkander en de overige handelaren, kan ik, met het oog op de prijzen, waarvoor zij gewoonlijk verkoopen, niet denken dat hunne winsten in het algemeen zeer groot zijn. Het feit, dat de mestizen-handelaren hunne voorname winst in de pina-goederen zoeken, die zij naar Manilla voeren, en zich betrekkelijk weinig bekommeren om een voorschot te verkrijgen op de goederen die zij terug brengen, houden ook de prijzen laag, in vergelijking met den koers te Manilla.
«Zoo als in de meeste provinciën, waar de Chinezen zijn doorgedrongen, bestaat er een meer of minder onderdrukt gevoel van vijandschap tegen hen van de zijde der inlanders en willen, zoowel de mestizen als de Spanjaarden, hen wel als smokkelaars beschouwen. Maar ofschoon het gouvernement te Manilla herhaaldelijk gepoogd heeft hen uit de provincie te verwijderen en hunne handelsoperatiën slechts tot Manilla te beperken, schijnt het niet genegen een maatregel te nemen, die blijken zou nadeelig te werken op den algemeenen handel van de kolonie. Het is waar, dat wanneer men een gedeelte der Chinezen er toe kon brengen landbouwers te worden (voor welk doel alleen zij oorspronkelijk in de provinciën werden toegelaten), groote voordeelen zouden ontstaan door vermeerderde productie; maar tot nog toe bevinden zij zich in het binnenland in te geringen getale om hen den grond op eene groote schaal te doen bebouwen, terwijl zij in kleine groepen niet genoegzaam beveiligd zouden zijn tegen de ongunstige gezindheid der inlanders.
«De voornaamste artikelen van vreemde fabrikaten, die in deze provincie worden ingevoerd, zijn: handdoeken (gedrukte) met heldere kleuren, geweven en gedrukte kousen en sokken, ginghams, fantaisie-cambajas, effen drills, witte shirtings, grijze shirtings en grijze longcloths, grijze twills (29 duim, zoowel Amerikaansche als Engelsche), gebleekte twills, neteldoek, witte jaconets, gestreept mousseline, katoenen naaigaren, katoenen sarongs, katoenen twist, of garen en wollens (waarnaar niet veel navraag is). Er bestaat ook verkoop in kramerijen, glas- en aardewerk en andere kleinere artikelen.
«Invoerregten worden in Iloilo geheven naar een tarief of volgens den marktprijs bij den invoer. Het zijn dezelfde als die te Manilla geheven worden, namelijk: voor de meeste soorten van vreemde goederen 14 pCt. wanneer zij in vreemde, en 7 pCt. als zij in Spaansche vaartuigen zijn aangevoerd. Hierop bestaan de volgende uitzonderingen: voor cambajas, ginghams, handdoeken enz. geheel van zwart, purper en blaauw, met of zonder witten grond wordt 25 of 15 pCt., naar het genoemde verschil in de wijze van invoer; voor garens van dezelfde kleur 50 en 40 pCt.; voor roode, gele, rosé en groene garens geen regt, evenmin als voor werktuigen, goud en zilver, planten en zaden; voor opgemaakte kleederen, schoenen enz. wordt 50 en 40 pCt.; voor ale of porter in flesschen 25 en 20 pCt.; voor wijnen, likeuren en azijn 50 en 40 pCt. en voor sterke dranken 60 en 30 geheven.
«Tropische producten, gelijk die van de Philippijnen, worden niet ter consumptie toegelaten, evenmin als vuurwapenen, zonder eene speciale vergunning.
«Alle goederen mogen opgeslagen zijn tegen betaling van 1 pCt.
«De uitvoerregten op alle soorten van producten naar vreemde havens zijn: 3 pCt. met vreemde en 1 1/2 pCt. met Spaansche vaartuigen, met de volgende uitzonderingen: hennep betaalt aldus 2 en 1 1/2 pCt.; schildpad, paarlemoer 1 pCt.; rijst 4 1/2 en 1 1/2 pCt.
«Geene regten worden geheven van goederen, die langs de kust aankomen of vertrekken met kustvaartuigen.
«Havenregten.--Geene speciale regten worden thans van vaartuigen geheven, die te Iloilo aankomen, maar men kan ze ongeveer gelijk stellen met de te Manilla geheven wordende, als: van vreemde vaartuigen die in ballast aankomen of vertrekken 18 3/4 c. per ton; met lading in- of uitwendig 34 3/4 per ton; met lading van binnen en van buiten 37 1/2 c. per ton.
«De arbeidsloonen zijn gematigd te Iloilo. Landbouwers ontvangen 12 1/2 c. à 18 3/4 c. per dag; timmerlieden 18 3/4 à 25 c.; metselaars 25 c. per dag.
«Versche provisie kan men tegen lage prijzen verkrijgen.
«De gebruikelijke maten en gewigten voor de producten zijn: de quintal, van 4 arrobas of 100 ponden Spaansch, gelijkstaande met 101 3/4 Eng. ponden; de pikol van 100 catties of 140 Eng. ponden. De zak rijst (cavan de provincia) staat gelijk met 1 1/2 zak van Manilla of cavan del rey; hij weegt ongeveer 190 Eng. ponden en bedraagt in maat 8,997 kubiek duim. De pesada, waarmede men sapanhout verkoopt, weegt 13 arrobas, 13 pond of ongeveer 2 1/2 pikols.
«De munt is geheel dezelfde als te Manilla, maar voor meest alle aankoopen worden zilveren dollars betaald, daar goud moeijelijk circuleert.
«Uit het voorafgaande overzigt van den handel in deze haven zal men zien dat tegenwoordig, met een jaarlijkschen uitvoer van ongeveer 1600 vaten suiker, meer dan 2000 vaten sapanhout en 350 à 400 ton hennep, zij (met het oog op de hoeveelheid die vreemde schippers zouden kunnen verzekeren) de ladingen kunnen opleveren voor twee vreemde vaartuigen van tamelijk groote tonnemaat; en ten opzigte van de suiker, die de geheele lading van vreemde vaartuigen, die van hier vertrekken zal, uitmaken, zal de toevoer in het volgende jaar waarschijnlijk verdubbeld worden. Het meer gewigtige vraagstuk echter, met betrekking tot den vreemden handel van Iloilo, betreft niet de tegenwoordige hoeveelheid van productie (die nog zeer beperkt is), welke dit eiland kan opleveren, maar of men tot de bijeenvoering van de producten uit de naburige eilanden en provinciën in wezenlijkheid zal kunnen geraken.
«Een overzigt van de feiten nopens de zuidelijke Philippijnen zou tot eene bevestigende conclusie schijnen te leiden. Met een gezamenlijken jaarlijkschen uitvoer van 4,000 vaten hennep uit Leyte en Samar, meer dan 5,000 vaten suiker uit Cebu, eene (snel toegenomen) productie van ongeveer 900 vaten suiker en 800 vaten hennep uit Negros en zonder nog den mogelijken toevoer van hennep te rekenen, die de zuidelijke Camerines en Albay zouden kunnen opleveren, (die verreweg het grootste gedeelte van den bestaanden uitvoer van hennep uit de Philippijnen produceren en, gedurende den noordoostelijken mousson, op korter afstand van Iloilo dan Manilla zijn), mag men gewis aannemen, dat, bij betrekkelijk gelijke prijzen die hier te verkrijgen zijn, Iloilo in den loop van tijden eene langzamerhand toenemende hoeveelheid van de producten zal tot zich trekken, die nu naar Manilla gaan. Men mag verder onderstellen dat Misamis (dat eene belangrijke hoeveelheid van opmerkelijk goede hennep oplevert), Caraga en de overige provinciën van Mindanao, ook in den loop van tijden hun aandeel zullen bijdragen in de producten, die men in eene haven kan verkrijgen, welke hunne handelaren op hunnen weg naar Manilla moeten voorbijtrekken, ofschoon de geheele ontwikkeling van het verkeer der naburige eilanden met Iloilo grootendeels zal afhangen van het bedrag van Europesche invoergoederen, waarmede deze laatste haven langzamerhand hare nieuwe bezoekers zou kunnen voorzien. Ofschoon men de opinie van de inlanders zelven niet als een gids kan aannemen, kan zij eenigermate als eene aanwijzing dienen van hetgeen men kan verwachten. Bij het bespreken van het onderwerp met de eigenaars van de kleine vaartuigen, wier ladingen hennep naar Iloilo zijn gebragt, hebben zij dikwijls gezegd: «Als vreemde vaartuigen hier komen en hoogere prijzen geven, zou er veel meer hennep uit Leyte en Camarines naar Iloilo komen.»
«Daar Cebu rijst en manufacturen voor eigene consumptie produceert, bestaat er tegenwoordig weinig communicatie daartusschen en Iloilo, maar het is verblijdend te vernemen dat een der deelhebbers van de meest ondernemende Spaansche firma op deze plaats het voornemen heeft zich zoowel naar Cebu als Leyte te begeven, ten einde, zoo mogelijk, eene handelsconnectie daar te stellen, met het oogpunt bovendien suiker en hennep naar dit gedeelte te verzenden.
«Het is ook een gunstig teeken dat de handel der naburige eilanden meer en meer de aandacht trekt van sommige vreemde firma's te Manilla. De Amerikaansche huizen (gewoonlijk de eerste in de ondernemingen van dien aard) hebben reeds, door Spaansche tusschenkomst, agentschappen te Negros, Leyte en Cebu opgerigt, tot aankoop van hennep en suiker, en uit Manilla wordt, op schijnbaar goede gronden, berigt dat een hunner laatstelijk eene som van 170,000 dollars voor dit doel heeft voorgeschoten, waarvan de verdeeling veel tot de vermeerdering zou bijdragen en dus indirect zou medewerken tot de toekomstige toeneming van den uitvoer uit Manilla.
«Met het oog op de groote voordeelen, die uit de vestiging van liniën van kleine koopvaardijstoombooten tusschen de eilanden zouden voortvloeijen, is het feit dat het Gouvernement laatstelijk bevel heeft gegeven om de uitgebreide steenkool-districten in Cebu te beginnen te exploiteren, niet van gewigt ontbloot. Het onderwerp van stoomvaart in den Archipel trekt de aandacht te Manilla en het is niet onwaarschijnlijk dat binnen weinige jaren de eilanden op die wijze met elkander zullen zijn verbonden, die veel tot hun voordeel zal strekken.
«Het had vooraf vermelding verdiend dat de reis van Iloilo naar Manilla gedurende den noord-oostelijken mousson (van November tot Maart) gewoonlijk de betere soort ravaartuigen in den handel van 10 tot 15 dagen en op terugreis van 4 tot 6 dagen ophoudt. Ten gevolge van de beschutting, die de eilandengroep, de Silanga uitmakende, en andere havens op den weg aanbieden, behoeven schepen hier niet (zoo als gewoonlijk tusschen de havens aan het noordelijke gedeelte van de meer opene kust van Luzon en de hoofdstad) het anker gedurende de stormachtige maanden van September tot November uit te werpen, en de communicatie met Manilla, hoezeer gedurende deze maanden minder druk, wordt zelden voor eenigen tijd geheel belemmerd. Gemiddeld verlaat een vaartuig de hoofdstad iedere acht of twaalf dagen.»
Ik voeg hierbij eenige verdere extracten uit een verslag over den handel van 1858, die de heer Loney mij welwillend heeft afgestaan en het gewigt van de kultuur van Iloilo helder aantoont:
«De invoerhandel, in regtstreeksch verkeer met Britsche en vreemde huizen, is in het afgeloopen jaar in eene mate vermeerderd, die niet kan worden verwacht. Vroeger bedroeg hij niet meer dan 7,000 dollars; maar nu is hij, gedurende een tijdvak van twee jaren, tot ruim 140,000 dollars gestegen en er bestaat uitzigt dat hij in de toekomst nog meer vermeerderen zal, wanneer het meer bekend zal worden dat eene aanzienlijke hoeveelheid manufacturen ter markt kan worden gebragt.
«Ten gevolge van het bestaan van een voorraad vreemde artikelen in Iloilo, die door de inlandsche koopers als algemeene regel (en als een gevolg van de meer directe wijze waarop zij in hunne handen komen) tegen goedkooper prijzen dan in de Chinesche winkels te Manilla kunnen worden verkregen, hebben vele inlandsche en ook eenige Chinesche handelaren het voordeel hunne aankoopen te kunnen doen op de plaats zelve in plaats van te Manilla en sommige der eerste hebben zelfs de uitgaven niet te doen en het verlies van tijd niet te ondergaan, die zij vroeger verspilden in het gaan naar Manilla om voorraad op te doen, terwijl anderen niet zoo dikwijls meer als vroeger naar de hoofdstad reizen en hunne pina-goederen aan de zorg van vrienden en agenten toevertrouwen; dien ten gevolge begint de handel op eene minder verouderde wijze dan vroeger te worden gedreven, toen iedere kleinhandelaar zelf zijne goederen aanbragt, die hij tegen hooge prijzen van de Manilla-winkeliers heeft gekocht. Handelaren van Antique, van het eiland Negros en van Leyte vinden thans ook te Iloilo een voldoende voorraad goederen voor hunne behoeften. Een ander voordeelig gevolg is, dat zij, die in het groot te Iloilo koopen, hunne goederen aan de kleinhandelaren of aan hunne agenten kunnen afstaan, die ze in het binnenland tegen lager prijzen dan vroeger verkoopen. De goederen zijn dus door de goedkooper prijzen verkoopbaar op plaatsen in het binnenland van het eiland, waar men ze vroeger zelden kocht en een natuurlijk gevolg daarvan is eene belangrijke vermeerdering der consumptie. Het algemeene getuigenis van al de oudere ingezetenen in de provincie is, dat gedurende de laatste paar jaren eene opmerkelijke verandering heeft plaats gegrepen in de kleeding en in het algemeen in het uitwendige van de inwoners der grootere pueblos, hetgeen in groote mate aan het betrekkelijke gemak is te danken, waarmede zij artikelen verkrijgen die vroeger òf niet ingevoerd werden òf die om de hooge prijzen niet onder hun bereik vielen. In het inwendige der huizen is dezelfde verandering ook merkbaar in de meubelen en andere zaken en in het blijkbare verlangen om versierselen bij de noodige artikelen van huishoudelijk gebruik te voegen; en zij die overtuigd zijn van de wenschelijkheid om, bij den buitengewoon onverschilligen aard der inlanders, in hen eene zucht op te wekken tot verbetering van hunnen toestand en dien van hunne gezinnen, of dien van anderen na te streven, door binnen hun bereik te stellen de meer aantrekkelijke en nuttige artikelen van Europesche productie, zal te gelijker tijd in deze feiten de heilrijke strekking naar vermeerderden en goedkooper invoer zien.