De Slavernij: Vervolg en Sleutel op De Negerhut
Part 65
Wij bidden u, werpt een blik in die verschrikkelijke slavengevangenissen in uwe steden; volgt het bloedige kielspoor van de schepen langs uwe kusten. Hoe onderstelt gij, dat het Lam Gods over al die dingen denkt? Wat denkt Hij van al dat gekerm, die hartverscheuring en dien zielsangst,--Hij wiens hart zoo teeder was, dat Hij aan het graf van Lazarus tranen stortte over eene smart, die Hij zoo spoedig weder in blijdschap zou doen verkeeren? Wat denkt Hij van Christelijke vrouwen die aan hare mannen, mannen die aan hunne vrouwen ontscheurd worden? Wat denkt Hij van Christendochters, welke Zijne Kerk eerst doopt, onderwijst en opvoedt en dan als een handels-artikel verkoopen laat?
Denkt gij dat gebeden, als die van den armen Paul Edmondson, sterfbedden als dat van Emily Russell, zonder aandoening gezien worden door dien goedertieren Verlosser, die, hetgeen Zijn minsten dienstknecht aangedaan wordt, beschouwt als Hem-Zelven aangedaan?
Is, o Christen! wanneer gij het verhaal van Jezus' lijden laast, nooit het denkbeeld bij u opgekomen, dat gij gaarne met Hem zoudt geleden hebben? Is het u nooit voorgekomen als bijna oneerlijk, dat gij het eeuwige leven zoudt aannemen als prijs van de smarten, die Hij voor u verduurd heeft, terwijl gij geenerlei kruis voor Hem draagt? Hebt gij ooit gewenscht, dat gij met Hem hadt mogen waken in die bittere ure in den hof van Gethsemané, toen zelfs Zijne uitverkorenen sliepen? Hebt gij ooit gewenscht, dat gij bij Hem hadt mogen zijn toen allen Hem verzaakten en vloden,--dat gij Hem hadt mogen erkennen toen Petrus hem verloochende,--dat gij Hem hadt mogen vereeren toen Hij bespot en aangespuwd werd? Zoudt gij het als te groote eere rekenen, wanneer gij, gelijk Maria, Hem hadt kunnen volgen naar het kruis, en daar had kunnen staan als een lijdzaam deelgenoot in dien doodstrijd, die geen medelijden vond? Dat kunt gij niet doen. Die ure is voorbij gegaan. Christus is thans verheven, gekroond, verheerlijkt; ieder spreekt wèl van Hem; rijke Kerken rijzen op ter Zijner eere en kostbare offeranden worden Hem opgedragen. Welke kans hebt gij onder de menigte om uwe liefde te bewijzen, om te doen zien dat gij Hem zoudt bijblijven wanneer hij onttroond, veracht, verzocht, verraden en lijdende was? Kunt gij het door iets anders toonen dan door de zaak der arme verworpelingen te omhelzen? Zoo er een volk is binnen uwe landpalen dat door de menschen veracht en verstooten wordt, dat gebogen gaat onder de verdrukking en grijs is in de smarte, terwijl de geheele magt van rijkdom en gebruiken, van politieken en van wereldlijken invloed tegen hunne zaak te velde trekt,--Christenen, dáár kunt gij Christus verheerlijken!
Zoo gij u met onverschilligheid van deze zaak afwendt: "zoo gij verzuimt te bevrijden die in de kaken des doods zijn, en die verslagen dreigen te worden; zoo gij zegt: Zie, wij wisten het niet; zal dan Hij, die het harte beproeft, dit aannemen? en Hij, die de ziel in Zijne hand heeft, weet Hij het niet? Zal Hij niet een iegelijk vergelden naar zijne werken?"
Zal Hij niet in den oordeelsdag tot u zeggen: "Ik ben geweest in de slaven-gevangenis, in de slaven-karavaan. Ik ben verkocht op uwe markten; Ik heb om niet gezwoegd op uwe velden; in uwe geregtshoven heeft men Mij den mond toegewrongen; Mij is geweigerd Mijne eigene kerkdienst bij te wonen, en gij hebt u des niet aangetrokken. Gij gingt, de een naar zijne hoeve, de andere naar zijne koopwaren." En indien gij zult vragen: "Wanneer, o Heer, is dit geschied?" dan zal Hij u antwoorden: "Voor zoo veel gij dit gedaan hebt aan den minste van deze Mijne broederen, hebt gij het Mij gedaan."
EINDE.
AANTEEKENINGEN
[1] Het hoofd van den opstand in Beneden-Virginië, waarbij boven de honderd blanken, meest vrouwen en kinderen, in koelen bloede werden vermoord.
[2] R. D's vader overleefde hem slechts weinige maanden.
[3] Wij zonderen hiervan Louisiana uit. Dank zij den invloed der Fransche wet, heerschen daar meer menschlievende wetten. Hoeveel die wetten aan de zaak zelve afdoen, zullen wij later doen zien, wanneer wij tot dat gedeelte van ons werk genaderd zijn.
[4] De regter Fields omschrijft op de volgende wijze de straf:
De neger werd aan een boom gebonden en met boomtakken gegeeseld. Toen Souther het slaan moede was, riep hij een zijner negerslaven en deed Sam met eene lat beuken. Ook beval hij eene negerin hem bij te staan. Na dat slaan en geeselen brandde hij het ligchaam van den slaaf.... Toen deed hij hem wasschen met warm water, waarin Cayene peper afgetrokken was. Daarna werd de neger vastgebonden aan eene plank en aan de deurpost met koorden, die zijn keel digtknepen, terwijl Souther hem sloeg en trapte. Op deze wijze duurde de strafoefening voort tot de neger den geest gaf.
[5] Die neger werd levend verbrand.
[6] De vroegere wet van 1741 bevat nog eene meer treffende bepaling. Zij beveelt dat gezegde proclamatie zal worden afgekondigd op Zondag, aan de deur van iedere Kerk of Kapel, of, bij gebreke daarvan, op de plaats waar, in bedoelde county godsdienstoefening wordt gehouden door den klerk of voorlezer, onmiddellijk na de godsdienstoefening. Welke stuitende tegenstrijdigheid moet de afkondiging dier proclamatie opleveren, wanneer zij volgt op eene leerrede over de liefde van Christus, of over den tekst: "Gij zult uw naaste liefhebben als u zelven."
[7] Voorts wordt bepaald, dat, wanneer eenige slaaf, krachtens de wet, vogelvrij verklaard is in eene der county's, en gezegde slaaf gedood wordt ten gevolge dier vogelvrij-verklaring, zal de waarde van zulk een slaaf bepaald worden door de jury, in de county's, waar bedoelde slaaf is gedood, en het certificaat dier waardering door den griffier der regtbank, waarbij de jury den eed heeft afgelegd, aan den eigenaar van den slaaf worden uitgereikt, die dan twee derden van de waarde daarin uitgedrukt zal kunnen bekomen bij den sheriff der county's, binnen welke de slaaf werd gedood (Thans is dit besluit niet meer van kracht).
[8] Gen. 4, vs. 14, "En het zal geschieden, dat al wie mij vindt mij zal doodslaan."
[9] De ijzeren halsband was ook in Noord-Carolina in gebruik, zoo als het volgende uittreksel uit het wetboek aantoont. Zij die gedwongen werden dien band te dragen, hebben zeker wel eenige reden om zich over de "tyranny der mode" te beklagen.
"Wanneer de cipier van gezegde staats-gevangenis een weggeloopen neger laat uitgaan naar den persoon of de personen, bij wie hij, op last van het Geregtshof voornoemd, verhuurd is, zal de cipier, bij het uitgaan een ijzeren band om den hals moeten doen van zulk een neger of weggeloopene met de letters P.G. (Public Gaol) daarop gestempeld; wanneer hij dit gedaan heeft, is de cipier niet verantwoordelijk voor het ontsnappen van gezegden neger of weggeloopene."
[10] Slavernij zoo als zij is; Verklaringen van een duizendtal getuigen.
[11] In eene regtspraak in een ander proces van den Staat tegen Abram komt met betrekking hiertoe nog de bepaling voor, dat de meester of opzigter en niet de slaaf zelf beoordeelt of hij te ziek of onbekwaam is voor den arbeid. Hij moet dus, wanneer de meester het beveelt, aan het werk gaan.
[12] Gibbons ondergang en val, hoofdst. I.
[13] Ibid.
[14] Gedurende en na de regering van Augustus werden eenige beperkende maatregelen genomen om de al te groote toename van onwaardige burgers, door vrijmaking, tegen te gaan. Zij geleken echter in geen opzigt naar de knellende banden der Amerikaansche wetten.
[15] Men herinnere zich dezen term uit de Amerikaansche regtpleging, reeds voorkomende in het proces van Eliza Rowand. Zie pag. 74.
Vertaler.
[16] Hij zegt in een werk over de slavernij: "Zoo de taal in staat is een helder en bepaald begrip van iets te geven, weet ik niet hoe zij iets duidelijker of ondubbelzinniger zou kunnen uitdrukken dan in Leviticus XXV geschiedt, welk Hoofdstuk duidelijk en ondubbelzinnig verklaart, dat God-zelf de slavernij of lijfeigenschap heeft goedgekeurd; en dat het "koopen, verkoopen, houden en vererven" van slaven als eigendommen, inrigtingen zijn, die Hij-zelf heeft vastgesteld."
[17] Aldus wordt de slavenhandelaar door de ongelukkigen in de slavenkweekende Staten algemeen genoemd.
[18] Quarteronne is de Fransche, gelijk Quadrone de Engelsche benaming is eener kleurlinge, die een vierde gekleurd bloed in hare aderen omdraagt.
Vertaler.
[19] "Woorden, op de jaarlijksche Conferentie te Georgia; Aangenomen, dat de slavernij, zoo als zij bestaat in de Vereenigde Staten, geen zedelijk kwaad is."
[20] Het facsimile, voor den Hollandschen lezer van geen belang, laten wij in deze uitgave achterwege.
Vertaler.
[21] De schrijfster beschrijft hier een toneel, dat onlangs in een Slavenstaat heeft plaats gehad en waarvan zij de bijzonderheden maar al te goed kent. Het bedoelde werk was Uncle Tom's Cabin.
[22] Ps. XIX: 8, alwaar de Engelsche vertaling heeft: "rejoicing" (verheugende) "the heart" (het hart, of: de ziele.)
Vertaler.
[23] Dit besluit wordt door Burney in zijn vlugschrift medegedeeld.
Schrijfster.
[24] Redevoering van W. Phillips, te Boston.
De Schrijfster.
[25] Deze zoo schoone dichterlijke beschrijving van den "Leviathan" is getrokken uit het 40ste en 41ste hoofdstuk van Job.
Vertaler.