De Ridderromantiek der Franse en Duitse Middeleeuwen

Part 39

Chapter 391,742 wordsPublic domain

En dit verval van de adel, ekonomies, militair, politiek en moreel, brengt ook van zelf dat van de ridderromantiek mede. Wel is waar schoot die eerst nog veel meer en meer eksentriese loten. Zo overtrof b.v. de Duitse ridder Ulrich von Lichtenstein alle vroegere minnedichters in dwaasheid, toen hij een lid van zijn vinger afhakte en dat zijn aangebedene zond, of als »Vrouw Venus" verkleed, geheel Duitsland doortrok en bij alle toernooien ter ere van zijn dame streed--gelijk hij dit alles zelf in zijn autobiografiese roman »Vrouwendienst" verhaald heeft. De eindeloze Franse roman »Perceforest" uit de 14de eeuw en de Spaans-Portugese Amadis romans uit de 15de eeuw gaven nog eens en wel in de meest paradoxale ten spits gedreven vorm alle idealen van de ridderromantiek bij elkaar en alle lievelingsmotieven uit de ridderromans. Aan het Bourgondiese hertogelike hof trachtte men evenzo in de 15de eeuw de ridderlike glansperiode van de Tafelronde te doen herleven door prachtige toernooien, kunstmatige hoflyriek en ridderlike »voeux du faisan" over de kruistochten tegen de Turken. En toch,--evenals het niet de ridderlike politiek der Bourgondiese hertogen was die de zegepraal zou behalen, maar de zeer burgerlike politiek van Lodewijk XI, zo waren het niet de laatste verwaterde ridderromans en minnedichten in de stijl der troubadours, maar de burgerlike realistiese farce of novelle of Villon's burgerlik-realistiese lyriek waaruit de levende ziel van de 15de eeuw sprak. Terwijl de ridderromantiek zich over de andere landen van Europa uitbreidde en nog in de 15de eeuw nieuwe zelfstandige loten schoot, in de Scandinaviese ridderballaden, in Spaanse romances van de Cid, in de Engelse Arturroman van Malory, allerlei spruiten van de ridderromantiek die wij hier niet verder kunnen vervolgen,--waren hun sappen uitgedroogd in de landen zelf waar zij thuis hoort, de leidende landen wat de kultuur der middeleeuwen betreft: Frankrijk en Duitsland.

Zo nauw was de Ridderromantiek aan een bepaald maatschappelik en geestelik leven der middeleeuwen verbonden, dat die in haar oorspronkelike vormen met de middeleeuwen ten grave _moest_ dalen. Maar in die romantiek, en verborgen onder wat daarvan aan plaats en tijd gebonden was, lagen algemene dichterlike kultuurwaarden die altijd tot het levende eigendom der mensheid zouden blijven behoren. Meer en meer is men toch ook van de opvatting teruggekomen dat de renaissance een volkomen breken met de Middeleeuwen zou betekenen. Evenals het middeleeuwse kristendom en de stedelike kultuur, maakt ook de ridderlike vorming een deel van de moderne kultuur uit. Indien men de inslag van de ridderlikheid door de schering van het maatschappelike geestesleven van een latere tijd of die van de ridderromantiek in haar latere literaire ontwikkeling heen wilde nagaan, zou dit betekenen dat een aanzienlik deel van de geschiedenis der moderne kultuur geschreven was. Het ridderlike krijgsmansideaal en het ridderlike begrip van eer zijn niet alleen nu nog springlevend in de militaire stand, maar maakt een vrij essentieel deel uit van onze burgerlike mannelike moraal en de middeleeuwse begrippen »Chevalier" en »gentilhomme" met de bijsmaak van eer en hoofsheid die deze woorden hebben, zijn langzamerhand tot het »cavalier" en »gentleman" van onze tijd geworden. En zo zijn, van een zuiver literair standpunt uit, de ridders van Ariosto, Tasso en Spenser, die de wereld rondtrekken en ter ere van hun Angelica, Armida of Gloriana strijden, de direkte afstammelingen van de ridders van Chrestien en Wolfram, maar ook de galante Alexander de Grote van Mlle de Scudéry, de Cid van Corneille, ja zelfs Hernani van Victor Hugo en Don Carlos van Schiller hebben nog het bloed in hun aderen van Arthur's ridders van de Tafelronde. En verder: de Provençaalse en Franse »Hoven van Liefde" waar de dames presideerden, werden voortgezet in de hoven van Margareta van Navarre en de Italiaanse literaire vorstinnen, zowel als in de Franse salons der 17de en 18de eeuw en de minneliederen der troubadours weerklinken in het Italiaanse sosiale leven als sonnetten van Petrarca, evenzeer als de spiritueel-sentimentele liederen van Charles d'Orléans bij het hof van Blois, en de liefdelyriek van Sidney en Spenser aan het hof van Elisabeth. Ja, zelfs de minneliederen van de Musset en Lamartine, van Klopstock en van Heine hebben nog veel in zich dat aan de »Liefdekunst" der troubadours herinnert. En tenslotte: de middeleeuwse liefderoman--met zijn sentimentaliteit, zijn romaneske intrigue-fantasie en zijn belangstelling om de grillige roeringen van het hart na te sporen--brengt ons tot Boccacio en Ariosto, Chaucer en Shakespeare, Margareta van Navarre en Racine en daaruit vinden wij die met zijn motieven en gehele toonscala in talrijke moderne romans, novellen en drama's terug. De episode van Troïlus en Briseïs in de roman van Troje werd als voorbeeld van de grillen van de liefde en het vrouwenhart eerst en veel dieper gebruikt door Boccacio en Chaucer, en later door Shakespeare; bij diezelfde drie grote dichters der renaissance werden de onschuldig lijdende en zich liefderijk opofferende vrouwen heerlik gepoëtiseerd in figuren als Griseldis of Imogen. De meest sentimentele van Boccacio's novellen en de meest romantiese van Shakespeare's blijspelen zijn op de Middeleeuwse intrigen gebouwd, maar met roerender toon en dieper zielestudie,--van Floris en Blanchefleur, Appollonius van Tyrus, Die Herzmäre en de roman van Lancelot. Ariosto's van liefde razende Roeland en de heldin Bradamante in panser en kuras,--Chaucer's »Fair Emily" op een schone Meimorgen, en Spencer's Britomartis die de wereld doortrekt om een ontvoerde geliefde te zoeken wier beeld zij in een spiegel gezien heeft,--Tasso's kokette en ijverzuchtige Armida... aan al dergelijke figuren kunnen wij zien hoe ze direkt uit middeleeuwse ridderromans stammen en op hun beurt weer leiden tot Racine's despotiese en jaloerse prinsessen, tot de desperate minnaars der romantiek en Tennyson's »fair Elaine".

Het moderne geestesleven zou nog verder ten achter gestaan hebben in morele verfijning en maatschappelike vormen, de moderne poëzie zou heel wat armer geweest zijn aan sentimentaliteit en een eigenaardig soort romanfantasie, indien het adelike hofleven der 12de en 13de eeuw niet geleefd was en de gedichten der troubadours en de ridderromans nooit geschreven waren. Soms lijkt het zelfs wel eens alsof al onze hang naar het populaire en natuurlike en over het algemeen onze tijd van »feiten" en »een gezonde brutaliteit" nog heel wat zou kunnen leren van adel en ridderlikheid, fijne hoofsheid en zelfopofferende innigheid, van die oude verhalen van Eer en Liefde ten spijt van alle gezond verstand en langer dan het leven.

INHOUD.

Bladz.

Inleiding V

Hoofdstuk

I. Van Baron-burcht tot Ridderhof 1 II. Kristelike Gevoelskultuur 9 III. Wereldlike Kultuur 21 IV. Hofkultuur 32 V. »Salon-Poëzie" der Ridderkringen 44 VI. Zuid-Frankrijk 58 VII. De Kunst der Troubadours 69 VIII. Minnekunst 93 IX. Geestelike Romans 110 X. De Romantiek der Kruistochten 121 XI. De Alexander-Romans 132 XII. Romanties-Klassieke Literatuur 143 XIII. Grieks-Oosterse Vertelkunst 171 XIV. Matière de Bretagne 196 XV. Marie de France 208 XVI. Tristan en Isolde 220 XVII. Franse Ridderlikheid 239 XVIII. Bretonse Romans 248 XIX. Duitse Ridderromantiek 285 XX. Ideaal Humanisme 314 XXI. Het Einde der Ridderromantiek 334

+----------------------------------------------+ | | | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | | | | De volgende correcties zijn in de tekst | | aangebracht: | | | | Bron (B:) -- Correctie (C:) | | | | B: zonder moraal, er er zit een | | B: zonder moraal, er zit een | | B: Constantijn de grote, zowel als | | C: Constantijn de Grote, zowel als | | B: bouw van hospi-pitalen. | | C: bouw van T:hospitalen. | | B: van het juk der slavernij";--of | | C: van het »juk der slavernij";--of | | B: bij dat van anderen, wenen | | C: bij dat van anderen, »wenen | | B: kruis op en volge mij." | | C: kruis op en volge mij."" | | B: van de graven vau Guines in | | C: van de graven van Guines in | | B: eerst dienst al pages en | | C: eerst dienst als pages en | | B: de ontiwkkeling van het | | C: de ontwikkeling van het | | B: »Mesure", Maze" heeft in het | | C: »Mesure", »Maze" heeft in het | | B: amuseren: S'irons à Paris, | | C: amuseren: »S'irons à Paris, | | B: nonnette!"--ik voel de zoete | | C: nonnette!"--»ik voel de zoete | | B: wreken. En de jonge Provençaalse | | C: wreken." En de jonge Provençaalse | | B: morgen.--»Waarde, goede | | C: morgen."--»Waarde, goede | | B: vriend in de wereld... En zo | | C: vriend in de wereld..." En zo | | B: genoemd word of een dame: | | C: genoemd wordt of een dame: | | B: Tyrolers (»schnadahüpferl) als de | | C: Tyrolers (»schnadahüpferl") als de | | B: zonder vreze herauten der waarheid | | C: zonder vreze »herauten der waarheid | | B: licht te woelen, het | | C: ligt te woelen, het | | B: vader werpt. »De vader | | C: vader werpt. De vader | | B: als bloedgetuigen de hemelkroon | | C: als »bloedgetuigen de hemelkroon | | B: verzameling van verhaaltjes, »de | | C: verzameling van verhaaltjes, de | | B: draken en griffoenenen gevleugelde | | C: draken en griffioenen en gevleugelde | | B: der woestijn ledig, en drink | | C: der woestijn ledig, en drinkt | | B: een scéne uit een echte | | C: een scène uit een echte | | B: »Anthia", Chariklea", hij is van | | C: »Anthia", »Chariklea", hij is van | | B: in en vind haar juist | | C: in en vindt haar juist | | B: opvallend aan Oostere motieven doen | | C: opvallend aan Oosterse motieven doen | | B: hart zegt Golfried meer in | | C: hart zegt Gotfried meer in | | B: ook een duit mêe in 't zakje | | C: ook een duit meê in 't zakje | | B: vraagt hij. »L'amer" is het dat | | C: vraagt hij. »»L'amer" is het dat | | B: cort." Haar zoon Richard | | C: cort."" Haar zoon Richard | | B: daartoe aanzet? Gezelschapsspelletjes, | | C: daartoe aanzet?" Gezelschapsspelletjes, | | B: de kwestie van klêeren, strijd en | | C: de kwestie van kleêren, strijd en | | B: tegenstelling daarmêe. Van alle | | C: tegenstelling daarmeê. Van alle | | B: geimporteerd. In die gehele | | C: geïmporteerd. In die gehele | | B: er borrelt ergers een bron op | | C: er borrelt ergens een bron op | | B: te bepleiten." »Als de | | C: te bepleiten. »Als de | | B: Maar de hooftrekken zullen wel | | C: Maar de hoofdtrekken zullen wel | | B: lam, wilder dan de leeuw; | | C: lam, wilder dan de leeuw;" | | B: andere keizerlike amtenaren die ook | | C: andere keizerlike ambtenaren die ook | | B: Rijnstreek kwam de zoeven genoemd | | C: Rijnstreek kwam de zoëven genoemd | | B: zowel als hiernamaals." »Wer | | C: zowel als hiernamaals. »Wer | | B: tot Graalkoning uftgeroepen. | | C: tot Graalkoning uitgeroepen. | | B: zich gedraagt". En een Duits | | C: zich gedraagt"." En een Duits | | B: en met de rechtervoet over | | C: en met »de rechtervoet over | | B: der Liefde", »De Sleutel | | C: der Liefde",--»De Sleutel | | B: zich gehad hebben. »om in den | | C: zich gehad hebben, »om in den | | B: het hart opwelt." Van de | | C: het hart opwelt. Van de | | B: Marie wat betreft de morale | | C: Marie wat betreft de morele | | B: renaisssance-lyriek, in Dantes | | C: renaissance-lyriek, in Dantes | +----------------------------------------------+