De Reis naar de Maan in 28 dagen en 12 uren
Chapter 3
»Zoo denk ik er ook over," antwoordde Barbicane, »en daarom denk ik deze lengte viervoudig te nemen en een stuk te vervaardigen van 900 voet."
Dit voorstel, ofschoon door twee bestreden, werd, vooral door de nadrukkelijke aanbeveling van Maston, voor vast aangenomen.
»Maar hoe dik moeten nu de wanden zijn?" vroeg Elphiston.
»Zes voet," meende Barbicane.
»Aan een affuit is voor zulk een blaaspijp niet te denken," was het gevoelen van den majoor.
»Dat ware toch schoon!" zei Maston.
»Maar het kan niet," antwoordde Barbicane. »Ik wensch dit stuk in den grond zelven te gieten, het te voorzien van sterke ijzeren banden en het vervolgens in een zwaar muurwerk in te metselen, zoodat het weerstand genoeg kan bieden. Als het stuk gegoten is moet de ziel zorgvuldig worden uitgeboord, zoodat geen gas verloren gaat en de gansche kracht van het kruit het projectiel uitdrijft."
»Leve het projectiel!" riep Maston luide:
»Niet te vlug," vermaande Barbicane, met de hand werkende. »Wij moeten het eerst eens zijn over het stuk. Zal het een kanon zijn, of een mortier, of een houwitser? Het stuk moet alles tegelijk zijn: een kanon, omdat de kamer even wijd moet zijn als de ziel; een houwitser, omdat het een bom afschiet; een mortier, omdat het schuins staat. Gegroeft moet het niet zijn, dewijl het projectiel een zoo groote snelheid moet hebben. Maar wij zijn er nog niet. Wij moeten nu nog op het metaal terugkomen. Hoort! Ons stuk moet zeer sterk zijn, zeer hard, onsmeltbaar bij groote hitte; het moet niet kunnen springen en vrij wezen van oxydeeren door de werking der zuren. Dit alles zal best bereikt worden door te nemen 100 deelen rood koper, 12 deelen tin en 6 deelen geel koper. Maar--dit komt te hoog in prijs, zoodat wij ons tot gietijzer zullen moeten bepalen."
De andere leden vonden dat ook, vooral toen de voorzitter herinnerde, dat het gieten van ijzer tienmaal minder kostte dan van brons; gelijk ook ijzer gemakkelijker in den gietvorm loopt. Bovendien gaat de gieting sneller, hetgeen tevens tijd en geld uitspaart. Ook voegde hij er bij, dat aldus gegoten stukken in de belegering van Atlanta 1000 schoten van 20 tot 20 minuten hebben doorgestaan.
»Zij zijn toch zeer broos," was de aanmerking van Maston.
»Ja, maar ook zeer sterk; springen zullen zij niet, ik sta er borg voor."
»Men kan springen en toch geen smaad verdienen," antwoordde Maston een weinig stekelig.
Barbicane sloeg op deze aanmerking geen acht; hij verzocht den secretaris, een berekening te maken van het gewicht van een stuk, 900 voet lang, inwendig 9 voet in doorsnede wijd, met een wand van 6 voet dikte.
Na eenigen tijd rekenens verklaarde hij, dat zoodanig stuk 68,040,000 kilo wegen zou.
»En de kosten tegen 4 cent [4] het kilo?"
»2,510,701 dollar."
Maston, de majoor en de generaal zagen Barbicane met ongerustheid aan.
»Weest gerust, mijne heeren, ik herhaal het, aan geld zal het ons niet ontbreken."
De zitting werd gesloten.
ACHTSTE HOOFDSTUK.
HET KRUIT.
Met angst verbeidde het publiek de beslissing aangaande dit derde punt. De grootte van het projectiel en de lengte van het stuk gegeven zijnde, hoeveel kruit werd dan vereischt om het af te schieten?
Kruit--aangaande de geschiedenis van deze zelfstandigheid zegt een, sedert lang naar het gebied der legende verwezen verhaal, dat de monnik Schwarz het heeft uitgevonden, maar de uitvinding met zijn leven betaald. Doch het is zoo goed als bewezen, dat het kruit van het Grieksche vuur afstamt; hoe het echter zij, weinigen hebben een juist denkbeeld aangaande de kracht van het kruit.
Een liter kruit weegt omtrent 900 grammen; ontbrandende levert het 400 liter gas; vrij wordende en onder den invloed eener hitte van 2400°, neemt dit gas een ruimte in van 400 liter. Dus staat de omvang tot het kruit tot dien van het door zijn ontbranding ontwikkelde gas = 1 : 400. Hieruit kan men oordeelen over de geweldige uitbarsting als dit gas zich tot den 400maligen omvang uitzet.
De leden der commissie waren hiermede volkomen bekend. Barbicane gaf het woord aan majoor Elphiston, die gedurende den oorlog directeur van het kruit geweest was.
»Waarde kameraden," sprak hij, »ik moet beginnen met de onwedersprekelijke cijfers, van welke wij moeten uitgaan. De 24 ponder, over welken onze secretaris eergisteren zoo welsprekend uitweidde, wordt met nog geen 8 kilo kruit geladen."
»Weet gij dat zeker?" vroeg Barbicane.
»Ja, het Armstrong-kanon eischt 32 kilo, om een projectiel van 400 kilo, het Rodman-stuk 80 om een kogel van een halven ton 6 mijlen ver te schieten. Op deze cijfers kan men aan. Er volgt uit, dat de vereischte hoeveelheid kruit niet toenemend in evenredigheid tot het gewicht van het projectiel. Wij hebben dan ook in den oorlog het gewicht kruit verminderd tot een tiende van dat van het projectiel. En daarop kan men nog afdingen als men grof kruit gebruikt. Dat is wel niet goed voor de ziel van het stuk; maar het onze behoeft geen langdurige diensten te bewijzen."
»Rodman gebruikt voor zijn stuk een kruit zoo grof als kastanjes; het houtskool was van wilgenhout, eenvoudig verkoold in gietketels. Dat kruit voldeed in allen deele."
»Welnu, dan is de zaak gezond," merkte Maston aan.
»Zonder daarover iets te zeggen," vroeg Barbicane, die er nog niet in gesproken had: »en nu, mijne vrienden, hoeveel kruit stelt gij voor?"
De drie leden der Gun-club keken elkander een oogenblik aan.
Maston sprak eerst: »100,000 kilo."
»Neen, 250,000," zeide de majoor, wien Maston beantwoordde met den uitroep: »400,000."
Elphiston beschuldigde ditmaal zijn ambtgenoot niet van overdrijving. Het was niet tegen te spreken: een projectiel van 100,000 kilo moest naar de maan geschoten worden met een snelheid van 12,000 yards in de eerste seconde.
Er volgde een oogenblik van stilte, het eerst afgebroken door den voorzitter Barbicane.
»Mijn waarde kameraden," sprak hij bedaard. »Ik ga uit van het beginsel, dat de weerstandbiedende kracht van ons onder de opgegeven voorwaarden vervaardigd stuk onbeperkt is. Daarom--misschien zal ons geacht medelid Maston er zich over verbazen--stel ik voor zijn 400,000 kilo te verdubbelen."
»En dus, 800,000?" vroeg Maston, van zijn stoel opspringende.
»Zeker."
»Maar dan moet gij terugkomen op mijn stuk van 2 kilometer lengte. Een hoeveelheid kruit van 800,000 kilo neemt een ruimte in van nagenoeg 800 kubiek meter, en daar uw stuk slechts ongeveer 2000 kubiek meter ruimte heeft, is het bijna half vol; de ziel zal dus niet lang genoeg zijn om aan het ontploffende gas ruimte te geven ten einde het projectiel met genoegzame kracht uit te drijven."
Daar was niets op te zeggen. Maston had gelijk.
»En toch blijf ik bij de hoeveelheid kruit," zei de voorzitter. »Bedenkt, 800,000 kilo kruit leveren 6 milliard liter gas. Hoort gij wel! Zes milliard."
»Maar hoe dan?" vroeg de generaal.
»Dat is zeer eenvoudig: de hoeveelheid kruit te verminderen, maar dezelfde kracht te behouden."
»Goed, maar hoe?"
»Ik zal het u zeggen."
Zijn medeleden verslonden hem als met de oogen.
»Niets is gemakkelijker dan dit kruit tot op een vierde van zijn omvang, ineen te persen. Gij kent allen die merkwaardige, zelfstandigheid, welke de eerste beginselen van het plantenleven aanwijst, en die men cellenweefsel noemt."
»Ik begrijp u al, mijn waarde Barbicane!" riep de majoor uit.
»Deze zelfstandigheid," ging de voorzitter voort, »bevindt zich in den staat van volkomen zuiverheid in verschillende lichamen, vooral in het katoen, dat eigenlijk niets anders is dan haar van de katoenkorrels. Het katoen, blootgesteld aan rookend salpeterzuur, verandert in een onoplosbare, zeer ontbrandbare zelfstandigheid, die eene geweldige ontploffing geeft. Voor eenige jaren, in 1832, is deze zelfstandigheid door een Fransch scheikundige, met name Bracennot, ontdekt; hij noemde haar xyloïdine. In 1838 onderzocht een ander Fransch geleerde, Pelouse, er de eigenschappen van, en eindelijk sloeg Schönbein, hoogleeraar in de scheikunde te Bazel, voor om het als schietmiddel te bezigen. Het is het...."
»Schietkatoen," vulde Morgan aan.
»Pyroxyle," voegde Elphiston er bij.
»Gij kent er de eigenschappen van," hernam Barbicane, »eigenschappen voor ons onwaardeerbaar. Het is gemakkelijk te bereiden, het weet van geen vocht, en dit is ons veel waard omdat wij eenige dagen lang over het stuk zullen moeten laden; het ontvlamt reeds op 166° in plaats van 240, en het ontbrandt zoo snel, dat men het op kruit kan ontsteken, zonder dat dit tijd krijgt om vuur te vatten."
»Uitnemend," antwoordde de majoor.
»Maar het is duurder."
»Dat is 't minste," zei Maston.
»Eindelijk--het geeft aan de projectielen een snelheid, viermaal grooter dan kruit. En indien men 4/5 gewicht nitras potassae bij het schietkatoen doet, wordt de uitzettende kracht nog aanzienlijk vermeerderd."
»Zou dat noodig zijn?" vroeg de majoor.
»Ik denk het niet," antwoordde Barbicane. »In plaats van 800,000 kilo kruit zullen wij slechts 200,000 kilo schietkatoen behoeven, en daar men gemakkelijk 250 kilo katoen in 27 kubiek voet ruimte bijeenpersen kan, zal deze zelfstandigheid ons stuk slechts ter hoogte van omtrent 60 meter vullen. Op die wijze zal het projectiel meer dan 700 voet te doorloopen hebben onder den invloed der kracht van 6 milliard liter gas, alvorens het stuk te verlaten om naar de nachtvorstin te rennen."
Maston was over deze berekening zoo verrukt, dat hij met de snelheid van een projectiel in de armen des voorzitters meende te vliegen, toen deze, hem afwerende, de zitting besloot met de woorden: »Zoo heeft dan de commissie de drie vraagstukken van projectiel, stuk en kruit opgelost. Het plan ligt gereed; het wacht slechts op uitvoering!"
»Is 't anders niet?" vroeg Maston.
NEGENDE HOOFDSTUK.
ÉEN TEGEN VELEN.
Het Amerikaansche publiek bleef een levendig belang stellen in de onderneming der Gun-club. Het volgde stap voor stap de beraadslagingen der commissie en al wat daarbij ter sprake kwam. De Columbiad--dien naam had de club bij voorbaat aan het stuk gegeven, dat dus een petekind van het Rodman-stuk was--de Columbiad was en bleef het onderwerp van alle gesprekken.
Door één man werd de zuiver wetenschappelijke aantrekkelijkheid der zaak droevig gestoord. Die man was de eenige in de Vereenigde Staten, die zich tegen het ontwerp Gun-club verzette; maar hij deed dat ook met kracht, met hevigheid, met woede.
Die man en Barbicane hadden elkander nooit ontmoet, dus nooit een woord gewisseld, nooit gekeven, nooit geduelleerd. En toch waren de voorzitter der Gun-club Barbicane te Baltimore, en de kapitein der artillerie Nicholl te Philadelphia vijanden, geslagen vijanden. Waarover?
Iedereen weet, dat gedurende den oorlog tusschen de Noordelijken en Zuidelijken een merkwaardige wedstrijd ontstond tusschen het projectiel aan de eene, en de bekleeding der geblindeerde schepen aan de andere zijde: het projectiel wilde de pantsers doorboren, de pantsers wilden zich niet laten doorboren. Projectielen en pantsers waren onophoudelijk in de weer om elkander de loef af te steken; telkens werd het eene grooter en krachtiger, maar telkens ook het andere dikker en ondoordringbaarder. Beiden waren in lijnrechte tegenspraak met het zedelijk beginsel:
Wat gij niet wilt dat u geschiedt, Doe dat ook aan een ander niet.
Trouwens, tegen die zedeles vloekt de geheele oorlogskunst.
Barbicane nu was een groot projectiel-gieter, Nicholl een volleerd pantsersmid. De een goot nacht en dag te Baltimore, de ander hamerde dag en nacht te Philadelphia.
Zoodra Barbicane een nieuw projectiel had bedacht, kwam Nicholl met een nieuwe scheepshuid voor den dag. Dat gaf een wederzijdsche naijver, die tot personaliteiten oversloeg. Gelukkig ontmoetten zij elkander niet--dat ware onmogelijk zonder duel afgeloopen, en zoo zou het vaderland minstens éen zijner nuttige burgers verloren hebben. Maar Baltimore en Philadelphia liggen nog al ver van elkaar.
Tot dusver kon men moeilijk zeggen wie van beiden het onderspit gedolven had: de onophoudelijke verbeteringen van het projectiel vergden het uiterste van de pantseringen, en de uitdagende houding der ondoordringbare scheepshuiden dwong den projectilist zijn uiterste pogingen aan te wenden.
Eindelijk scheen de schaal over te slaan ten gunste der pantsers. De projectielen van Barbicane bleven als spelden in de pantserplaten van Nicholl zitten. Maar daar kwam Barbicane te voorschijn met zijn projectielen van 300 kilo--zij brachten den kapitein tot zwijgen. Schoon met slechts matige snelheid geschoten, boorden zij door de beste platen heen, ja deden ze in stukken en brokken vaneensplijten.
Maar daar vervaardigde Nicholl een nieuwe pantserplaat van gesmeed staal, een meesterstuk in zijn soort, dat met al de projectielen der wereld lachte. De kapitein liet zijn plaat naar Washington brengen en daagde den voorzitter der Gun-club uit haar te verbrijzelen. Maar Barbicane wilde het niet doen, nu de vrede geteekend was.
Nicholl hield niet op, alle mogelijke projectielen, mogelijke en onmogelijke, massieve, holle, ronde, puntige, uit te dagen. Barbicane weigerde.
Nicholl bood aan, zijne pantserplaat 200 yard van den vuurmond te plaatsen. Barbicane weigerde; nu, 100 dan--Barbicane weigerde. Nicholl bood aan op 50 yard achter de plaat te gaan staan.
»Al ging hij er vóór staan," was Barbicane's antwoord. In één woord, geen aanbiedingen, geen smaadredenen, geen spotternijen van Nicholl--niets kon Barbicane bewegen één schot naar Nicholl's pantserplaten te richten.
Maar daar kwam de maan-expeditie. Nu klom de afgunst van Nicholl ten top. Zijn vijand werd toegejuicht over het stoutste projectiel denkbeeld, ooit in eenig brein opgekomen--Nicholl's woede steeg tot wanhoop. Eerst betoogde hij, dat een snelheid van 12,000 yard in de seconde een onmogelijkheid was; daarna, dat een zoo zwaar projectiel onmogelijk buiten den dampkring vliegen kon--geen acht mijlen zelfs! En Nicholl bewees, dat, al werd de opgegeven snelheid verkregen, en al was zij toereikend om het projectiel buiten den dampkring te slingeren, geen projectiel weerstand kon bieden aan de drukking van gas, ontwikkeld door het ontbranden van 800,000 kilo kruit, terwijl eindelijk zijn berekeningen tot bewijzen strekten, dat al kon een projectiel die drukking wederstaan, de groote hitte het projectiel onfeilbaar moest doen smelten en een regen gloeiend ijzer op de hoofden der onvoorzichtige toeschouwers zou vallen.
Hij voegde er bij, dat, gezwegen van het gansch nuttelooze der onderneming, de zaak zeer gevaarlijk was voor wie weet hoeveel menschenlevens. Als het projectiel de maan niet bereikte--en dat was onmogelijk--moest het ergens op de aarde terugvallen. En hoe hoogst gevaarlijk was de val van zulk een lichaam, vermenigvuldigd met zijn snelheid. Zijns oordeels moest de Regeering, al waren de burgers nog zoo tuk op hun recht om het projectiel op hun grond te laten vallen, tusschenbeide treden, ten einde de algemeene veiligheid niet aan een gril van weinigen op te offeren.
Barbicane antwoordde niets op al deze uitvallen. Zijn vijand, geen ander middel meer wetende, liet in de couranten de aanbieding plaatsen van weddenschappen. Hij verwedde als volgt;
1º. Dat de Gun-club het benoodigde geld niet zou bijeen krijgen 1000 dollar. 2º. Dat het gieten van een stuk van 900 voet lengte onmogelijk zou gelukken 2000 dollar. 3º. Dat het onmogelijk zou zijn, de Columbiad te laden, en het schietkatoen uit zich zelf door drukking van het projectiel zou ontploffen 3000 dollar. 4º. Dat de Columbiad zou springen 4000 dollar. 5º. Dat het projectiel zelfs geen 6 mijlen stijgen en eenige seconden na het afschieten op den grond zou vallen 5000 dollar.
Dus samen 15,000 dollar!
Den 19den October ontving hij een verzegeld omslagje, met merkwaardige kortheid alleen dit bevattende:
Baltimore 18 October.
Aangenomen.
Barbicane.
TIENDE HOOFDSTUK.
DE INSCHRIJVINGEN.
Kapitein Nicholl was niet de eenige die het Barbicane en de Gun-club moeilijk maakte. De vraag werd opgeworpen, welke Staat der Unie de eer zou genieten, het grootsche ontwerp uit te voeren. Aan geen ander plekje op aarde gunde de trots der Yankees die eer. Maar ongelukkig kwamen twee plekken in aanmerking: een gedeelte van Texas en een gedeelte van Florida; alleen die lagen binnen den Breedtecirkel 28°, door de sterrenwacht aanbevolen met de opmerking, dat men het best deed het projectiel loodrecht naar boven te schieten, daar de maan alleen op die plaatsen in het toppunt kon komen, welke minder N. of Z. Breedte hadden dan 28°. De twist over dit punt liep tusschen de Texasisten en Floridalisten tot vechtens toe. Allerlei bewijsgronden of schijngronden werden bijgebracht. Ten laatste echter won Florida het pleit, en daarmede waren, nevens de astronomische en mechanische moeilijkheden, ook de topographische uit den weg geruimd. Nu was de financiëele kwestie aan de orde. Het vraagstuk dat zij stelde was zeer eenvoudig en duidelijk; hoe aan het voor de uitvoering van het plan benoodigde geld te komen? Geen persoon, geen Staat kon over zooveel millioenen beschikken.
Daarom besloot de voorzitter Barbicane, de onderneming mocht dan Amerikaansch zijn zooveel zij wilde, er eene zaak der geheele beschaafde wereld van te maken en overal geldelijke medewerking in te roepen. Waar het den wachter des aardbols geldt, heeft de geheele aardbol recht en plicht om mede te doen. Daarom geschiedde dan ook de uitnoodiging zonder beperking, aan allen in het algemeen, en aan ieder in het bijzonder.
Men twijfelde niet aan den goeden uitslag: het was geen leening maar verzoek om bijdragen. Belangloosheid stond op den voorgrond.
De uitnoodiging werd over de geheele wereld verspreid, door de Vereenigde Staten, door geheel de Nieuwe en Oude wereld, op vastelanden en op eilanden. Ook de wetenschap liet er zich aan gelegen liggen. De sterrenwachten der Unie stelden zich in onmiddellijke betrekking tot die in vreemde landen, zoo in de verschillende Staten van Europa als in Azië en Zuid-Afrika. Sommigen zonden gelukwenschen aan de Gun-club; anderen namen een afwachtende houding aan.
Greenwich werd een tweede Nicholl; gevolgd door de 22 andere sterrenwachten van Groot-Brittannië, verklaarde het zich tegen de zaak, haar uitvoerbaarheid loochenende; men legde het voorstel Barbicane eenvoudig ter zijde--Engelsche afgunst, niet anders.
Overigens was de uitslag in de wetenschappelijke wereld schitterend; ook het groote publiek begroette de onderneming met levendigen bijval. Dat voorspelde veel goeds, want het groote publiek zou worden opgeroepen tot het inschrijven voor een aanzienlijk kapitaal.
De voorzitter Barbicane had onder dagteekening van 8 October een oproeping, in ietwat gezwollen stijl, uitgevaardigd »aan alle welwillenden op de aarde." Dit stuk, in alle talen overgezet, werd met goedkeuring ontvangen.
De inschrijvingen werden geopend in de voornaamste steden der Unie, ten einde ze over te maken aan de bank te Baltimore, Baltimore street Nº. 9. Voorts bij de voornaamste bankiershuizen enz. in de verschillende Staten der Oude wereld als:
Te Weenen bij Rothschild,
Te Petersburg bij Stieglitz en Comp.
Doch wij zullen al die huizen niet opnoemen en alleen iets van den uitslag zeggen, waarbij wij dan de kantoren van inschrijving tegelijk kunnen opgeven,
Drie dagen na het verschijnen der oproeping waren in de verschillende steden der Unie 4 millioen dollar [5] gestort. Met zulk eene kas kon de Gun-club haar voorbereidende maatregelen voortzetten.
Eenige dagen later werd van alle zijden naar Amerika getelegrapheerd, dat in den vreemde met buitengewone geestdrift werd ingeschreven! slechts enkele landen maakten hierop een onderscheid.
Rusland stortte voor zijn aandeel de belangrijke som van 368,733 roebels. Men kan zich daarover verbazen, maar bevreemden kan het niet, indien men in aanmerking neemt, dat in Rusland de sterrenkunde zeer bloeit en de voornaamste van de talrijke sterrenwachten in dat land 2 millioen roebels heeft gekost.
Frankrijk begon met de zaak te bespotten. De maan moest het ontgelden in kwinkslagen, in tooneelstukjes en dergelijken. Maar gelijk de Franschen vroeger hadden betaald na het zingen, zoo betaalden zij nu na het spotten: zij schreven bij het Crédit mobilier in voor 1.253,930 franc. En voor dat geld mochten zij wel wat vroolijk zijn.
Oostenrijk maakte het voor zijn geldelijke verwarringen nog zeer goed: een algemeene inschrijving bracht 216,000 florijnen op, die zeer welkom waren.
Zweden en Noorwegen kwamen, te Stockholm bij Tottie en Arfürradson, met 52,000 rijksdaalders--voor dat land waarlijk ruim. Maar het zou meer geweest zijn indien de inschrijving te Christiania tegelijk gekomen ware met die te Stockholm. Waarom dan ook, maar de Noorwegers houden er niet van hun geld naar Zweden te zenden.
Pruisen, inschrijving bij Mendelssohn te Berlijn, toonde zijn hooge goedkeuring van het plan door 250.000 thaler te zenden. De verschillende sterrenwachten van dat land wedijverden in het toestaan van belangrijke bijdragen en moedigden den voorzitter Barbicane met kracht aan.
Turkije hield zich goed, maar het was ook van nabij in de zaak betrokken: de maan regelt den Turkschen almanak en de vastenmaand Ramadan. Men kon dus al niet minder geven dan 1,372,640 piasters, maar gaf die, door tusschenkomst der Bank, met een ijver, die aan een krachtigen aandrang der Porte deed denken.
België onderscheidde zich onder de staten van den tweeden rang door een geschenk van 513,000 Franc, omtrent 12 centimes per inwoner. Het kantoor Lambert te Brussel belastte zich met de inschrijvingen.
Nederland en zijn koloniën lieten zich, bij de Nederlandsche Bank aan de onderneming gelegen liggen ten bedrage van 110,000 gulden, met verzoek om 5 % korting voor de contante betaling.
Denemarken, hoewel kleiner van omvang geworden, gaf toch door tusschenkomst van de Bank, 9000 dukaten, getuigende dat de Denen een hart hebben voor wetenschappelijke expeditiën.
Het Duitsch Verbond droeg 34,285 florijnen bij; men kon er niet meer van vragen en het zou ook niet meer gegeven hebben.
Italië, hoewel niet vrij in zijn bewegingen, vond 200,000 livres in de zakken zijner kinderen, als men ze goed omkeerde. Zoo het Venetië gehad had, zou het beter gegaan zijn; maar het had Venetië nog niet. Het inschrijvingskantoor was Ardouin en Comp. te Turijn.
De Kerkelijke Staat, inschrijving bij Tortonia en Comp. te Rome, meende niet minder te moeten zenden dan 7040 Romeinsche kronen, terwijl Portugal (Lecesne te Lissabon) zijn wetenschappelijken zin tot 30,000 cruzades opvoerde, en Mexico als penningske der weduwe 86 harde piasters ten kantore Martin Darana en Comp. offerde--nieuwe keizerrijken zijn altijd wat hard in de beurs.
Voor Zwitserland zonden Dombard, Odier en Comp. 257 fr., maar men moet ook zeggen, dat Zwitserland geen dadelijk nut in deze Amerikaansche onderneming zag. Het vond niet dat het schieten van een projectiel naar de maan tot het aanknoopen van betrekkingen met de nachtvorstin zou leiden, en rekende het wat gewaagd zijn geld in een zoo gewaagde onderneming te steken. In den grond had Zwitserland gelijk.
Spanje kon bij geen mogelijkheid meer dan 110 realen [6] ten kantore Weisweller te Madrid bijeenbrengen. Het wendde voor, zijn spoorwegen te moeten voltooien. De waarheid is, dat de wetenschap daar te lande weinig in tel is. Het is nog wat achterlijk. En buitendien namen eenige Spanjaarden, en dat niet de minst ontwikkelden, de moeite niet om de massa van het projectiel juist te vergelijken met die der maan; zij meenden, dat het haar in haar baan zou storen en haar op de aarde doen nedervallen. En in dat geval was het best er niet aan te doen, gelijk dan ook op eenige realen na het geval was.