De psychologie der sexen: De sexen in hare verhouding tot de maatschappij

Part 35

Chapter 353,286 wordsPublic domain

Het is tevens opmerkelijk, dat dienstboden door de omstandigheden van haar leven meer dan eenige andere klasse op de prostituées gelijken (Bernaldo de Quiros en Llanas Aguilaniedo hebben dit aangetoond in La Mala Vida en Madrid, p. 240). Evenals prostituées zijn zij een klasse van vrouwen apart; zij hebben geen recht op de égards en kleine hoffelijkheden, die gewoonlijk aan andere vrouwen worden bewezen; in sommige landen zijn zij zelfs ingeschreven, evenals de prostituées; het kan ternauwernood verwondering wekken, dat als aan haar beroep dezelfde nadeelen verbonden zijn als aan dat van de prostituée, zij ook soms eenige van de voordelen van dat beroep wenschen te bezitten. Lily Braun (Frauenfrage, p. 389 et seq.) heeft in bijzonderheden deze ongunstige omstandigheden van huiselijken arbeid uiteengezet, in zooverre zij betrekking hebben op de neiging onder dienstmeisjes om prostituée te worden. R. de Ryckère heeft in zijn belangwekkend werk, La Servante Criminelle (1907, p. 460 et seq.; cf.), een artikel van dezelfden schrijver, "La Criminalité Ancillaire", Archives d'Anthropologie Criminelle, Juli en December, 1906, de psychologie van het dienstmeisje bestudeerd. Hij vindt, dat zij vooral gekenmerkt wordt door zorgeloosheid, ijdelheid, gebrek aan originaliteit, neiging tot nabootsen, en vluchtigheid. Dit zijn eigenschappen, die haar tot de prostituée doen naderen. De Ryckère schat het aantal der vroegere dienstmeisjes onder de prostituées over het algemeen op vijftig percent, en hij voegt er bij, dat wat de "blanke slavernij" genoemd wordt, hier haar meest meegaande en gewillige slachtoffers vindt. Hij merkt op, dat de dienstbode-prostituée over het geheel niet zoozeer immoreel is als wel zonder moraal.

In Parijs bevond Parent-Duchâtelet dat, wat het aantal betrof, dienstboden het grootste contingent leverden voor de prostitutie, en zijn nieuwere uitgevers vonden ook, dat zij ook in later jaren boven aan de lijst staan (Parent-Duchâtelet, uitgave van 1857, deel I, p. 83). Onder clandestiene prostituées in Parijs ontdekte Commenge onlangs, dat vroegere dienstboden veertig percent leveren. In Bordeaux vond Jeannel (De la Prostitution Publique, p. 102), dat in 1860 veertig percent van de prostituées dienstmeisjes geweest waren; daarna kwamen de naaisters met zeven en dertig percent.

In Duitschland en Oostenrijk is het al lang erkend, dat huisdienst het grootste aantal nieuwelingen voor de prostitutie levert. Lippert, in Duitschland, en Gross-Hoffinger, in Oostenrijk, hebben op dit overheerschen van dienstmeisjes gewezen en op de beteekenis daarvan voor het midden van de negentiende eeuw; onlangs heeft Blaschko gezegd ("Hygiene der Syphilis" in Weyl's Handbuch der Hygiene, deel II, p. 40), dat onder de Berlijnsche prostituées in 1898 de dienstmeisjes bovenaan stonden met een en vijftig percent. Baumgarten heeft geconstateerd, dat in Weenen het getal dienstboden acht en vijftig percent is.

In Engeland zijn, volgens het Rapport van een Select Committee van de Lords over de wetten tot bescherming van kinderen, zestig percent der prostituées dienstmeisjes geweest. F. Remo noemt tachtig percent in zijn Vie Galante en Angleterre. Het schijnt zelfs nog hooger te zijn voor het West-End van Londen. Voor Londen als een geheel genomen, bleek uit de uitgebreide statistieken van Merrick (Work Among the Fallen), kapelaan van de Millbank-gevangenis, dat van de 14.700 prostituées er 5823, of ongeveer veertig percent vroeger dienstmeisjes geweest waren; dat dan de waschvrouwen kwamen en daarna de naaisters; zijn feiten wat meer beknopt en ruwer klassificeerend, bevond Merrick, dat het aantal van de dienstmeisjes drie en vijftig percent was.

In Amerika zegt Sanger, dat drie en veertig percent der prostituées dienstmeisjes geweest waren, en dat de naaisters dan kwamen, maar na een langen tusschenpoos, met zes percent (Sanger, History of Prostitution, p. 524). Onder de prostituées van Philadelphia zegt Goodchild, dat "dienstmeisjes waarschijnlijk naar verhouding het meest voorkomen", hoewel er nieuwelingen kunnen gevonden worden uit bijna alle beroepen.

In andere landen is het hetzelfde. In Italië komen volgens Tammeo (La Prostituzione, p. 100) de dienstmeisjes het eerst onder de prostituées met acht en twintig percent, gevolgd door den groep van naaisters, costuumnaaisters en modemaaksters, zeventien percent. In Sardinië zegt A. Mantegazza, dat de meeste prostituées dienstmeisjes van buiten zijn. In Rusland is volgens Fiaux het aantal vijf en veertig percent. In Madrid komen, volgens Eslava (zooals aangehaald wordt door Bernaldo de Quiros en Llanas Aguilaniedo (La Mala Vida en Madrid, p. 239) dienstmeisjes bovenaan bij de ingeschreven prostituées met zeven en twintig percent--bijna dezelfde verhouding als in Italië--en ook gevolgd door de naaisters. In Zweden waren er, volgens Welander (Monatshefte für Praktische Dermatologie, p. 477) onder de 2541 ingeschreven prostituées 1586 (of twee en zestig percent) dienstmeisjes; op een grooten afstand volgden 210 naaisters, dan 168 fabrieksmeisjes, enz.).

De biologische factor van de prostitutie.--Economische overwegingen hebben, zooals we zien, een zeer belangrijken invloed op de prostitutie, hoewel het in het geheel niet juist is te beweren, dat zij de voornaamste oorzaak vormen. Er is een ander probleem, dat veel onderzoekers heeft bezig gehouden: In welke mate zijn prostituées tot dit beroep gepredestineerd door organische constitutie? Het wordt algemeen toegegeven, dat economische en andere omstandigheden een oorzaak zijn, die tot de prostitutie opwekken; in hoeverre zijn zij, die bezwijken, gepredisponeerd doordat ze abnormale, persoonlijke eigenschappen bezitten? Sommige onderzoekers hebben beweerd, dat deze predispositie zoo stellig bestaat, dat prostitutie wel mag beschouwd worden als een vrouwelijk equivalent voor criminaliteit, en dat in een familie, waar de mannen zich instinctief naar de misdaad keeren, de vrouwen zich instinctief keeren naar de prostitutie. Anderen hebben even beslist deze conclusie bestreden.

Lombroso heeft meer speciaal de leer voorgestaan, dat de prostitutie het plaatsvervangend equivalent is van de criminaliteit. Hiermee bracht hij de resultaten tot ontwikkeling, die in een belangrijke studie aangaande de familie Jukes, door Dugdale gepubliceerd zijn; Dugdale bevond dat "daar, waar de broeders misdaad plegen, de zusters tot de prostitutie komen"; de geld- en gevangenisstraffen van de leden der familie waren niet opgelegd wegens schending van het eigendomsrecht, maar voornamelijk wegens beleedigingen van de openbare zedelijkheid. "De psychologische, zoowel als de anatomische identiteit van den misdadiger en de geboren prostituée", tot dit besluit kwamen Lombroso en Ferrero, "kon niet meer volkomen zijn: beiden zijn gelijk aan den moreel krankzinnige, en daarom zijn ze, volgens het axioma, weer aan elkander gelijk. Daar is hetzelfde gebrek aan zedelijk gevoel, dezelfde hardheid van gemoed, dezelfde vroege lust tot het kwade, dezelfde onverschilligheid voor maatschappelijke schande, dezelfde wispelturigheid, luiheid en zorgeloosheid, dezelfde smaak voor lichtzinnige genoegens, voor de orgie en voor alcohol, dezelfde, of bijna dezelfde, ijdelheid. Prostitutie is slechts de vrouwelijke zijde van de criminaliteit. En zoo waar is het dat prostitutie en criminaliteit twee analoge, of, om zoo te zeggen, parallel gaande verschijnselen zijn, dat zij in hun uitersten elkaar ontmoeten. De prostituée is dus psychologisch een misdadige: als zij geen eigenlijke misdaden begaat, dan is het omdat haar physieke zwakte, haar gering verstand, het gemak waarmee zij alles wat zij noodig heeft op eenvoudige wijze verkrijgen kan, haar ontslaan van de noodzakelijkheid misdaden te begaan, en juist om deze redenen vertegenwoordigt de prostitutie den specifieken vorm van vrouwelijke criminaliteit". De schrijvers voegen er bij, dat "prostitutie, in zekeren zin, maatschappelijk nuttig is als een afvoerkanaal voor de mannelijke sexualiteit en een voorbehoedmiddel tegen de misdaad" (Lombroso en Ferrero, La Donna Delinquente, 1893, p. 571).

Zij, die dit gezichtspunt bestreden hebben, hebben zich op ander standpunt geplaatst dan Lombroso en Ferrero, en zij hebben in het geheel niet altijd de positie, die zij aanvielen, begrepen. Zoo betoogt W. Fisher met veel kracht (in Die Prostitution) dat prostitutie niet is een onschuldig equivalent van de criminaliteit, maar een factor van de criminaliteit. En Féré beweert (in Dégénérescence et Criminalité), dat criminaliteit en prostitutie niet equivalent zijn, maar identiek. "Prostituées en misdadigers", zegt hij, "hebben als gemeenschappelijk kenmerk hun onproductiviteit, en bijgevolg zijn ze onmaatschappelijk. Prostitutie vormt zoo een vorm van criminaliteit." Het essentieele kenmerk van misdadigers is echter niet hun onproductiviteit, want die hebben ze gemeen met een groot deel van de rijksten uit de hoogste standen; we moeten er ook bijvoegen, dat de prostituée, ongelijk aan den misdadiger, een werkzaamheid uitoefent, waar navraag naar is, waarvoor zij bereidwillig betaald wordt en waarvoor zij te werken heeft (het is soms opgemerkt, dat de prostituée neerziet op den dief, die "niet werkt"); zij oefent een beroep uit, en zij is niet meer of minder productief dan zij, die meer respectabele beroepen uitoefenen. Aschaffenburg meent dat hij staat tegenover Lombroso, waar hij eenigszins verschillend van Féré beweert, dat de prostitutie inderdaad niet is zooals Féré zeide, een vorm van criminaliteit, maar dat ze te dikwijls samengaat met criminaliteit om als een equivalent beschouwd te worden. Onlangs heeft Mönkemöller hetzelfde standpunt verdedigd. Hier is echter, als gewoonlijk, een groot verschil van meening aangaande de proportie van prostituées, waarvan dit waar is. Alle onderzoekers erkennen dat dit waar is voor een zeker aantal, maar terwijl Baumgarten bij onderzoek van acht duizend prostituées maar een kleine proportie vond die misdadigsters waren, vond Ströhmberg, dat van de 462 prostituées er 175 dieveggen waren. Aan den anderen kant staat Morasso (zooals in Archivio di Psichiatria aangehaald is, 1896, afl. 1), op grond van zijn eigen onderzoekingen, meer bepaald tegenover Lombroso, daar hij protesteert tegen iedere zuiver degeneratieve beschouwing van de prostituées, die haar op eenigerlei wijze zou gelijk maken aan misdadigers.

De kwestie van de sexualiteit van de prostituées, die in zekere betrekking staat tot haar neiging tot degeneratie, is door verschillende schrijvers in verschillenden zin opgelost. Terwijl sommige, zooals Morasso, beweren, dat de sexueele impuls de voornaamste oorzaak is die vrouwen er toe brengt de loopbaan van prostituée te kiezen, beweren andere, dat prostituées gewoonlijk bijna zonder sexueelen impuls zijn. Lombroso verwijst naar het veel voorkomen van sexueele koelheid onder prostituées [173]. In Londen zegt Merrick, die bekend was met meer dan 16.000 prostituées, dat hij "maar heel enkele gevallen" ontmoet heeft waarin grof sexueel verlangen de beweegreden geweest is tot het kiezen van een leven van prostitutie. In Parijs had Raciborski al veel vroeger gezegd, dat "men onder prostituées er maar zeer weinig vindt die tot losbandigheid gedrongen werden door sexueelen gloed" [174]. Ook Commenge, die zorgvuldig de Parijsche prostituée bestudeerd heeft, kan niet toegeven dat sexueele begeerte genoemd mag worden onder de ernstige oorzaken van de prostitutie. "Ik heb duizende vrouwen over dit punt ondervraagd", zegt hij, "en maar zeer weinige hebben mij verteld, dat zij tot de prostitutie gedreven waren ter bevrediging van haar sexueele behoeften. Hoewel meisjes, die zich aan de prostitutie overgeven, gewoonlijk niet zeer oprecht zijn, hebben zij geloof ik op dit punt geen behoefte om te bedriegen. Als zij sexueele behoeften hebben, dan verbergen zij die niet, maar integendeel vertoonen zij een zekere voorliefde om ze te erkennen als een voldoende rechtvaardiging voor haar leven; zoodat, als maar een zeer kleine minderheid deze beweegreden aanhaalt, de oorzaak is dat ze voor de groote meerderheid niet bestaat".

Er kan geen twijfel aan zijn dat de opmerkingen, die aangaande de sexueele koelheid van prostituées gemaakt worden, dikwijls veel te weinig bepaald zijn. Dit berust voor een deel zeker op het feit, dat ze gewoonlijk gedaan worden door hen, die spreken uit hun bekendheid met oude prostituées, wier gemeenzaamheid met normaal sexueel verkeer in zijn minst aantrekkelijken vorm tot resultaat heeft gehad, dat zij volkomen onverschillig werden voor zulk verkeer, zoover haar cliënten aangaat [175]. Het kan naar waarheid getuigd worden, dat voor de vrouw van diepen hartstocht de kortstondige en oppervlakkige verhoudingen van de prostitutie geen verleiding kunnen bieden. En we kunnen er bijvoegen, dat de meerderheid der prostituées haar loopbaan op zeer jeugdigen leeftijd begint, lang voor den tijd waarop bij vrouwen de neiging tot hartstocht nog gekomen is [176]. We kunnen ook wel zeggen, dat een onverschilligheid voor sexueele verhoudingen, een neiging er geen persoonlijke waarde aan te hechten, dikwijls een predisponeerende oorzaak is bij het aannemen van de loopbaan van prostituée; de geestelijke ondiepte van prostituées kan wel samengaan met ondiepte van physieke gemoedsbeweging. Aan den anderen kant schijnen veel prostituées, in ieder geval in het begin van haar loopbaan, een merkbare mate van zinnelijkheid te vertoonen, en voor vrouwen van ruwe sexueele kracht is de prostitutie in dit opzicht niet zonder aantrekkingskracht geweest; men weet, dat de bevrediging van physieke begeerte in sommige gevallen als motief gewerkt heeft en in andere is ze duidelijk na te wijzen [177]. Dit kan ternauwernood verwondering wekken als wij bedenken, dat prostituées in veel gevallen opmerkelijk sterke en gezonde menschen zijn wat haar algemeenen toestand betreft [178]. Zij bieden zonder moeite weerstand aan de gevaren van haar beroep, en hoewel de uitingen van sexueel gevoel onder den invloed daarvan in den loop van den tijd wel moeten gewijzigd worden of verdraaid, zoo is dit geen bewijs dat sexueele gevoeligheid oorspronkelijk afwezig was. Het is zelfs geen bewijs van het verlies ervan, want de werkelijke natuur van de normale prostituée en haar sexueele gloed vinden voornamelijk uiting niet in haar beroepsverhoudingen tot haar cliënten, maar in haar verhoudingen tot haar minnaar, die tevens haar souteneur is [179]. Het is volkomen waar, dat de omstandigheden van haar leven het dikwijls praktisch voordeelig maken voor de prostituées om aan zich verbonden te hebben een man, die voor haar belangen zorgt en die ze zoo noodig zal verdedigen, maar dat is alleen een bijkomend, toevallig en ondergeschikt voordeel van den "minnaar", voor zoover het prostituées in het algemeen betreft. Zij is in de eerste plaats tot hem aangetrokken omdat hij haar persoonlijk bevalt en zij hem voor zichzelf wil hebben. Het motief voor haar verbintenis is in hoofdzaak erotisch, in den vollen zin van het woord en sluit in zich niet alleen sexueele verhoudingen, maar bezit een gemeenschappelijk belang, een duurzaam en intiem leven, te zamen geleid. "Je weet dat, wat wij in ons beroep doen, ons hart niet kan vullen" zeide een Duitsche prostituée. "Waarom zouden wij niet een echtgenoot hebben zooals andere vrouwen? Ik heb ook behoefte aan liefde. Als dat niet zoo was, zouden we geen behoefte hebben aan een minnaar". En hij van zijn kant beantwoordt dat gevoel en wordt in het geheel niet alleen bewogen door eigenbelang [180].

Een van mijn correspondenten, die veel ondervinding gehad heeft met prostituées, niet alleen in Engeland, maar ook in Duitschland, Frankrijk, België en Holland heeft gevonden, dat de normale uitingen van sexueel gevoel veel meer gewoon zijn onder Engelsche prostituées dan onder die van het vaste land. "Ik zou zeggen", schrijft hij, "dat bij den normalen coïtus vrouwen van het vaste land gewoonlijk geen sexueele opwinding ondervinden. Ik geloof niet, dat ik ooit een vrouw van het vasteland gekend heb, die iets had, dat op geprikkeldheid leek. Engelsche vrouwen echter, geven zich, als een man maar gewoon vriendelijk is en toont dat hij wat gevoel heeft boven uitsluitend zinnelijke bevrediging, dikwijls over aan de meest wilde genoegens van sexueele opwinding. Natuurlijk is er in dit leven, evenals in andere, scherpe concurrentie, en een vrouw moet, om met haar mededingsters te wedijveren, haar mannelijke vrienden behagen; maar een man van de wereld kan altijd onderscheid maken tusschen echte en gesimuleerde hartstocht". (Het is echter mogelijk, dat hij het meeste succes zal hebben bij het opwekken van de gevoelens van de vrouwen van zijn eigen land). Aan den anderen kant vindt deze schrijver, dat de buitenlandsche vrouwen er meer op uit zijn in het genoegen van haar tijdelijke metgezellen te voorzien en zich te vergewissen wat hen genoegen geeft. "De buitenlandsche schijnt het tot de hoofdzaak van haar leven te maken de een of andere abnormale wijze van sexueele bevrediging voor haar metgezel te ontdekken". Voor haar eigen genoegen vragen buitenlandsche prostituées dikwijls om cunnilinctus, liever dan normalen coïtus, terwijl anale coïtus ook gewoon is. Het verschil is klaarblijkelijk, dat de Engelsche vrouwen, als zij bevrediging zoeken, die vinden in normalen coïtus, terwijl de buitenlandsche vrouwen meer abnormale methoden prefereeren. Er is echter een klasse van Engelsche prostituées, die deze correspondent als een uitzondering beschouwt op den algemeenen regel: de klasse van haar, die voortgekomen zijn uit de lagere rangen van het tooneel. "Zulke vrouwen zijn gewoonlijk losbandiger--dat is te zeggen, meer bekend met het bizarre in het sexueele--dan meisjes, die uit winkels komen of uit kroegen; zij vertoonen een bekendheid met fellatio, en zelfs van anale coïtus, en gedurende de menstruatie vragen zij dikwijls om inter-mammaire coïtus".

Over het geheel schijnt het, dat prostituées, hoewel ze haar leven gewoonlijk niet uit beweegredenen van zinnelijkheid kiezen, toch als ze haar loopbaan beginnen of in het eerste deel ervan een tamelijk gewone mate van sexueele impuls bezitten, met variaties in beide richtingen zoowel van exces en tekort, als van perversie. Op een wat later tijd is het nutteloos te trachten de sexueele impuls van prostituées af te meten naar de mate van genoegen, die zij vinden in het beroeps-uitvoeren van sexueelen omgang. Het is noodig zich te vergewissen of zij sexueele instincten hebben, die op andere wijze bevredigd worden. In een groot aantal gevallen vindt men, dat dit zoo is. Masturbatie is vooral onder prostituées uiterst gewoon; hoeveel ze ook voorkomt onder vrouwen, die geen ander middel hebben om sexueele bevrediging te verkrijgen, wordt toch toegegeven, dat ze onder prostituées nog meer voorkomt, ja bijna algemeen [181].

Homosexualiteit, hoewel ze niet zoo gewoon is als masturbatie, wordt onder prostituées zeer veel gevonden--in Frankrijk schijnt het, meer dan in Engeland--en men kan wel zeggen, dat ze meer voorkomt onder prostituées dan onder eenige andere klasse van vrouwen. Ze wordt begunstigd door den verkregen tegenzin tegen normalen coïtus, die voortkomt uit beroeps-omgang met mannen, die er toe leidt dat homosexueele verhoudingen door vergelijking met deze beschouwd worden als rein en ideaal. Het schijnt ook wel, dat in een groot aantal gevallen prostituées een aangeboren aanleg tot sexueele inversie hebben en dat zulk een aanleg, te zamen met onverschilligheid voor den omgang met mannen een oorzaak is, die haar voorbeschikt tot het kiezen van het leven van prostituée. Kurella beschouwt prostituées zelfs als een tweede variëteit van personen met aangeboren inversie. Anna Rüling in Duitschland zegt, dat ongeveer twintig percent van de prostituées homosexueel zijn; als haar gevraagd werd wat er haar toe bracht prostituée te worden, antwoordde meer dan een geïnverteerde vrouw van de straat haar, dat het zuiver een beroeps-zaak was en dat sexueel gevoel buiten kwestie bleef, behalve met een vriendin [182].

Het voorkomen van aangeboren inversie onder prostituées--hoewel we prostituées als een klasse niet als noodzakelijk gedegenereerd behoeven te beschouwen--doet de vraag ontstaan of het waarschijnlijk is, dat we een ongewoon groot aantal physieke en andere afwijkingen onder haar vinden. Het kan niet gezegd worden, dat er op dit punt eenstemmigheid van opinie is. Voor sommige autoriteiten zijn prostituées niets anders dan normale, gewone vrouwen van een lagen maatschappelijken rang, zoo inderdaad haar instincten niet eenigszins verheven zijn boven die van de klasse, waarin zij geboren zijn. Andere onderzoekers vinden onder haar een zoo groote proportie van individuen, die afwijken van het normale, dat zij geneigd zijn de prostituées over het algemeen te plaatsen onder de eene of andere abnormale klasse [183].

Baumgarten, die meer dan 8000 prostituées gekend heeft, bevond, dat maar een zeer klein deel crimineel is of psychopatisch in temperament of organisatie (Archiv für Kriminal-Anthropologie, deel XI, 1902). Het is echter niet duidelijk, dat Baumgarten eenige nauwkeurige en preciese onderzoekingen deed. Mr. Lane, een Londensch politie-rechter, heeft geconstateerd, als resultaat van zijn eigen opmerkingen, dat prostitutie "tegelijk een symptoom en een gevolg is van denzelfden gedegenereerden, physieken en decadenten aard, die aanleiding geeft tot het ontstaan van mannelijke landloopers, kleine dieven en bedelaars van beroep en dat de prostituée gewoonlijk het vrouwelijk analogon daarvan is" (Ethnological Journal, April, 1905, p. 41). Deze schatting is zeker juist, wat een groot deel der vrouwen aangaat, die, dikwijls verzwakt door drank, in de zittingen van de politie-rechters verschijnen, maar ze kan wel nauwelijks zonder nadere aanduiding toegepast worden op prostituées in het algemeen.