De Grondbeginselen Der Nederlandsche Spelling Regeling Der Spel
Chapter 3
eene n voorafgaat, b.v. in tang, hij zingt.
e. Bij andere letters hebben veel fijner wijzigingen plaats, die somtijds alleen voor een geoefend gehoor waarneembaar zijn. Men vergelijke de w in wijn, flauw, schuw en schuwer; de s in saai, stijfsel en raadsel; de m in man, kom, hemd, en komt; de l in land, stoel en melk; de f in fraai en straf; de i in inkt en koning.
43. Doch is het niet mogelijk de spraak in het schrift volkomen juist weder te geven, het is ook onnoodig en zou buitendien ondoelmatig zijn.
Eene volkomen juiste afbeelding der woordklanken is onnoodig, omdat men in den regel schrijft voor lieden, die de taal verstaan en de uitspraak der bedoelde woorden kennen, en die dus uit hunne kennis het ontbrekende weten aan te vullen. De wijziging der letters volgt bij het samenvoegende uitspreken vanzelve en behoeft daarom niet aangeduid te worden, evenmin als in eene chemische formule de verandering der elementen, die door hunne vermenging vanzelve ontstaat.
Het doel van het schrift wordt reeds bereikt, wanneer de lezer het bedoelde woord herkennen kan.
44. Uit het gezegde in ยง 9 blijkt a priori, en de ondervinding leert a posteriori, dat geen schrift in staat is om de ware uitspraak eener taal voor den vreemdeling kenbaar te maken. Alle schrijfwijzen, die uitsluitend daartoe zouden moeten strekken, zijn als vruchtelooze pogingen te verwerpen. De spelling mag niet gewijzigd worden ten behoeve van den vreemdeling.
45. Eene aan de uitspraak volkomen adaequate spelling zou om verschillende redenen ondoelmatig zijn.
a. Zij zou voor velen het schrijven onmogelijk maken. Immers, indien men al de wijzigingen, die de letters ten gevolge van hare plaats en nabuurschap ondergaan, door het schrift wilde uitdrukken, dan zou het alphabet met een aanzienlijk getal letters moeten vergroot, of er zouden diacritische teekens moeten uitgedacht worden. Het gebruik dier nieuwe letters of teekens zou een fijner oor vereischen dan velen bezitten, zoodat dezen niet zouden weten, welke teekens te kiezen.
b. Het zou voor allen, zonder uitzondering, het schrijven en lezen noodeloos hoogst moeilijk maken. Immers, ten gevolge der vele wijzigingen, die de letters in verschillende omstandigheden ondergaan, zouden de voornaamste woorden der taal, namelijk al de veranderlijke, zich telkens onder geheel verschillende vormen aan het oog vertoonen. Geen vorm zou zich in het geheugen prenten, en daardoor zou het gebruik der vele letters en teekens groote oplettendheid vereischen. Een geoefende schrijft thans zonder aan zijn schrift te denken; de letters ontvloeien als vanzelve aan zijne pen. Zulks zou dan onmogelijk wezen. Wie schreef, zou hardop moeten spreken om zich zelven te beluisteren, ten einde den waren klank te kunnen treffen. Een lezer zou altijd hardop moeten lezen om het woord te hooren, eer hij aan het geschrevene eene voorstelling wist te verbinden, terwijl thans een telkens wederkeerende, licht herkenbare vorm hem in staat stelt zich het bedoelde woord te denken.