Part 8
[307] _nabij_.
[308] Thans _makkers_ (verg. echter _gebroeders_ en _gezusters_.)
[309] _werd uitgesteld_, _bleef achter_.
[310] _ben des doods schuldig_.
[311] Thans _vond_.
[312] Thans _betrappen_.
[313] _onmachtig_, en vooral niet van _aâm_, _adem_ af te leiden.
[314] _muildier_, _muilezel_.
[315] Thans _broederlijke zorg_.
[316] Voor _verscholen_, _weggestopt_.
[317] Voor _gemunt geld_.
[318] _schat_, _beurs_.
[319] Versta _het weet_.
[320] _Tasch_; verg. boven.
[321] Voor _Romeinschen_.
[322] _uitstellen_; verg. boven LVI. aant. 284 en vroeger.
[323] Hier rijmshalve voor _ongedurigen_.
[324] Anders _uitnemend_.
[325] _punt aan punt_.
[326] _nakomen_, _vervullen_.
[327] Thans verouderd voor _dwazen_, _onzinnigen_, maar oudtijds, gelijk nog in 't Hoogd., algemeen in gebruik.
[328] _wijsgeer_.
[329] Gelijk meer bij Vondel voor _beroemd_ (verg. o. a. boven, bladz. 25).
[330] _bezigen_, _gebruiken_ (verg. boven.)
[331] _zal ontvouwen_, (eig. _ontsluiten_.)
[332] Simson.
[333] Gelijk nog steeds in de dagelijksche spreektaal, voor _gehouden_.
[334] Versta niet _hem_ persoonlijk, maar (naar de oude zegswijs: _wien lief, wien leed_) _wie 't al of niet mocht wraken_.
[335] _wakker_, _kloek_.
[336] Hier, geheel tegen 't gebruik, in lijdenden zin, als dat waarop men graag is.
[337] Thans _wilde_.
[338] Verbeter _hares_.
[339] Met overgroote dichterlijke vrijheid, niet van Tantalus, maar zijn dorst en honger te verstaan.
[340] Thans _niets_.
[341] _meester wordt_.
[342] _tot aan de kin_.
[343] Germ. voor _schreeuwt_.
[344] Voor _gelaafd_.
[345] Voor den mond als _weggenomen_.
[346] _durft_ (of eigenlijk _dert_, door 't andere geheel ten onrechte verdrongen).
[347] _plaagt_ of _bezet als een kanker_.
[348] _overdadige winst_.
[349] 't Fransche _Eloy_ (Eligius).
[350] Rijmshalve misplaatst.
[351] Thans _na-apen_.
[352] _poetsen speelt_ (verg. vroeger _bootse_ voor _poets_.)
[353] Thans _overlaadt_.
[354] Thans _zich_.
[355] Met verkeerden klemtoon, voor _Aríon_.
[356] _harpspeler_.
[357] Niet met _naauw_ als één woord te verbinden, maar als ontkenning te verstaan.
[358] Germ. (hübsch) voor _net, fraai_.
[359] Voor _toegerust_.
[360] Van _Apollo_.
[361] Die zijns levens nam.
[362] Klanknabootsend; gewoonlijk _plast_.
[363] Voor _getorscht_.
[364] _op blijmoedige wijs, vrolijk gestemd_.
[365] _onderwijl_.
[366] Thans _uwe schulp_.
[367] Versta: _en die_.
[368] Thans _hun_ of _hen_.
[369] Gelijk het bij een koning vereischt wordt.
[370] Rijmshalve maar verkeerdelijk voor _opgeslorpt_.
[371] Dat is van Antonius; over de ij in plaats van _ii_ zie boven, bladz. 1, aant. 1.
[372] _in 't bijzonder_.
[373] _kan_.
[374] Voor _hulp_; zie beneden _storf_ voor _stierf_.
[375] _zich_.
[376] _naar de natuur_.
[377] _teffens, tevens_; hier geheel als stoplap.
[378] Thans _schande_.
[379] German. voor _moorddadige_.
[380] Verg. boven _holp_.
[381] _muildier_.
[382] Voor _rib, ribbe_.
[383] Thans _goederen_.
[384] Thans tot _laadden_ verzwakt, en hier daarenboven voor _belaadden_.
[385] _flinkweg_.
[386] Voor _voeren_.
[387] Nam. de muil.
[388] _booze zweeren_.
[389] Germ. voor _spoedig_.
[390] _krans_.
[391] Thans _wordt_.
[392] Thans _niets_.
[393] Thans _vochtig_; een hier geheel overtollig bijvoegsel.
[394] _houd het_.
[395] _haast, bijna_.
[396] Gelijk vroeger steeds voor _Griekenland_ (verg. ons _Zweden, Saxen, Beyeren_, enz.)
[397] Eigenl. _tot knaap d. i. knecht zijn van_; van daar _verzorgen, hoeden_.
[398] Lat. voor _Schilderkunst_.
[399] _van toen af_.
[400] _schoen_- of eig. _schoe-maker_.
[401] _plompweg_.
[402] Thans beter _verholpen_.
[403] _voorbarig_.
[404] Van _druiven_ nam.
[405] Maatshalve voor _trekken_.
[406] Letterlijk _tot meel of stof maken_, _doen verstuiven_ (van 't oude _melo_, _melaw_, ons _meel_.)
[407] _schijnt het_.
[408] Voor _twaalf_, naar Vondels gewonen tongslag.
[409] Anders _seis_ of _seissen_.
Correcties gemaakt door de bewerker
pagina originele tekst correctie 33b de ar me Kristenleden de arme Kristenleden fn 87 wegens 't driejarig beleg) (wegens 't driejarig beleg) 34b (hoe kwalijk het mij veugt (hoe kwalijk het mij veugt) 36a werd des daags verslonden werd des daags verslonden. 37b Waneer den dullen krijg Wanneer den dullen krijg 38b Hierl igt zoo menig hoofd Hier ligt zoo menig hoofd 40b dan mij nu deze doen. dan mij nu deze doen." 41b t' zijnder straf t' zijnder[159] straf 42a dullen[176] ijz'ren eeuw." dullen[176] ijz'ren eeuw. 44a met veel kwelling voedt. met veel kwelling voedt." 48b heerlijk zoudeu pronken, heerlijk zouden pronken, 52a zich verschrikken: zich verschrikken": fn 38 of in _de witte perse_) (of in _de witte perse_) fn 154 Than zijne. Thans zijne. fn 203 Alexander van Macedodië. Alexander van Macedonië.